Meester Tja en de Tao van Tja

 

Toespraken en dwaalspreuken van Meester Tja in de geest van niet-weten en niet-doen geïnspireerd door de Daodejing.

De monologen van Meester Tja zijn ontstaan in dialoog met de Daodejing, het oudste werk van de taoïstische canon.

De Daodejing bestaat uit 81 hoofdstukjes die met zo min mogelijk woorden de principes van het taoïsme uiteenzetten. Als je het leuk vindt, kun je de teksten met elkaar vergelijken.

Nodig is dat niet, want Meester Tja staat volledig op eigen benen. Hij is weliswaar geen taoïst met alles erop en eraan, maar zegt volmondig ja tegen het tja in het taoïsme.

Het tja in het taoïsme, daarmee bedoel ik de twee grondprincipes van de taoïstische filosofie, niet-weten en niet-doen. Meester Tja is daarvan de verpersoonlijking.

Het Grote Tja, dat is niet-weten en niet-doen. Het is zelfs niet weten van niet-weten en zelfs niet doen aan niet-doen.

Stelt niets voor, zou je denken, en zo is het maar net.

Hieronder een compleet overzicht van alle toespraken en dwaalspreuken van Meester Tja.

Verbaasde chinees, met de tekst Mr. Tja, de Tao van Tja

(links worden gaandeweg actief)

De boer die zijn paard verloor
Wie heeft er oog voor zijn blinde vlek?
Wie is Meester Tja

1 – De schat van niet-weten
2 – In den blinde kom je thuis
3 – De wijze houdt het bij niet-weten en niet-doen
4 – Alleen zuchten geeft enige verlichting
5 – Tja is geen wijze, maar een wijze van spreken
6 – De wijze is zonder natuur
7 – Als een priester zonder mond
8 – Waarom de wijze er geen strategie op nahoudt
9 – In het antwoorden gaat er niets boven vragen
10 – Blaam is geen blamage

11 – Wanneer maak je er een eind aan?
12 – Van je onwetendheid geen verlichting maken, kun je dat?
13 – De wijze blijft rustig onder zijn onrust
14 – Waarom je de weg niet kunt kwijtraken
15 – Een vrije geest is een lege geest
16 – Grote Gedachten, Grote Dwaasheid
17 – Het wel en wee van ja en nee
18 – Kennen kunnen wij ons lichaam niet
19 – Hoeveel ogen heeft een rollende dobbelsteen?
20 – De leidraad van Tja

21 – Hou je liever van de domme
22 – Het Grote Mysterie en het Grote Alsof
23 – Gelukkig is mijn ongeluk
24 – De dwijze is dwaas noch wijs
25 – Waarom de wijze zich nooit laat kennen
26 – Geen ruimte zo groot, geen stilte zo diep
27 – Tja maakt ongewild mild
28 – Grote heersers heersen niet
29 – Als het Tja van huis is dansen de denkers op tafel
30 – Geen enkele richtlijn maakt vrij

31 – Verzaak de wijsheid
32 – Wijsheid is van alle markten, maar nooit thuis
33 – Waarom, dat vraag ik niet
34 – De grenzeloze ruimte tussen weten en niet-weten
35 – Mijn meester heeft geen leerlingen
36 – De wijze heeft niets te verhullen of onthullen
37 – Wie zichzelf in de schaduw stelt werpt geen licht
38 – Heel even dacht ik niets
39 – Waarom de wijze niet van ophouden weet
40 – Wie nergens op staat valt vrij

41 – Wie denkt er zo ver met mij mee
42 – Verlicht noch verduisterd
43 – De wegleidweg naar de hemel
44 – Mezelf ken ik wel het slechtst
45 – Wie stilte zoekt hoort alles
46 – De wortel van wijsheid en dwaasheid
47 – Waarom voor de wijze alles eenvoudig is
48 – Een goede denker laat geen gedachten na
49 – De beste luisteraar ligt op één oor
50 – De wijze aanvaardt zijn weigering

51 – Niet-gaan behoeft geen voertuig
52 – Zo word je ‘s werelds schilder
53 – Ik verloor mijn hemel en mijn hel
54 – Een denkbeeld voorbij alle denkbeelden
55 – Dwazen zoeken wijsheid, wijzen gaan er voorbij
56 – Niet-weten is een weldaad voor de geest
57 – Als zelfs niet-weten is vergeten
58 – Zonder wapens geen wereld
59 – Mensen doden en laten doden
60 – Gezegend zijn de doden

61 – De dienaren des levens zijn de dienaren des doods
62 – Mensen zijn onmensen, ik zeker
63 – Hoe groot is een idee?
64 – Een eeuwige ontlediging van de geest
65 – Wie er een doel van maakt, zal het nooit bereiken
66 – Zacht is wie zijn woede kent
67 – De wijze is groot in zijn kleinheid
68 – Wie Tja heeft is overal en nergens
69 – Nooit is een woord het laatste
70 – Waarom de wijze niet weigert

71 – De Grote Vrede zal je leren
72 – Kleurloos als water – eeuwig fris
73 – Geen poort zonder muur
74 – De wereld door de vingers zien
75 – Soms moet je dalen om te stijgen
76 – Soms is je ondergang je redding
77 – In een onzeker heden komt de geest tot rust
78 – Soms ben ik spontaan gemaakt
79 – De wijze ledigt onophoudelijk zijn geest
80 – Grote geestkracht berust nergens op

81 – Wie zoekt zal vragen vinden
82 – De vraag is de schepper, de schepper de vraag
83 – Waarom de wijze zich nergens aan houdt
84 – Teruggaan is de dynamiek van het Tja
85 – Het Ja van Tja lijkt Nee
86 – Brullen om verlichting en onwetendheid
87 – Als een grote truc zonder truc
88 – De geest is een idee
89 – Het binnenste buiten
90 – Wezensvreemd mijn wezen

91 – De geest zonder geest is leer noch meester
92 – Weinigen zijn eraan toe
93 – Zonder Tja is het geen doen
94 – De lege heer met de lege leer
95 – Wie Tja heeft ziet veel en doet weinig
96 – Heb je niets dan heb je het rijk
97 – Oordelen is onzin, niet oordelen is waanzin
98 – Kennen door niet-kennen
99 – De wijze denkt, maar niet na
100 – Laat je bij wijze van vatten omvatten

101 – Vertrouwen zonder basis is onwankelbaar
102 – Een verstand dat niet wérkt
103 – Een waan tussen bestaan en vergaan
104 – Niemand beheerst het leven
105 – Een lege geest is geestig
106 – Zeg vooral niet hoe het moet
107 – Midden tussen nee en ja
108 – Leer eerst maar eens één ding kennen
109 – Moordenaars en minnaars
110 – Denk je erover, dan denk je het dood

111 – De openbaring van het Grote Tja
112 – In je zwakte gaan staan
113 – Hoe weet ik dat de wereld is zoals ik hem zie?
114 – Wie is het die wortelt zonder grond?
115 – Onafgebroken offer ik mijn denkbeelden op
116 – Maar dan komt de borst en de melk vloeit vanzelf
117 – Wie Tja heeft lijkt op een kindje
118 – Ook de koning loopt op onderdanen
119 – Het was geen doen, het is gedaan
120 – Als iedereen, alleen,

121 – Een heldere geest is een lachspiegel
122 – Als je nergens op staat
123 – Wie niet-weet die niet-spreekt
124 – Zwervende ben ik nimmer onderweg
125 – Het blote gaan
126 – Zachtjes zweven
127 – Een wijs heden zonder wijsheden
128 – Een ongedwongen dwingeland
129 – Waarmee overstijg je het absolute?
130 – Zeg maar tja

131 – Zeg maar tja tegen je tja
132 – Verlos ons van de verlossing
133 – De hitte van de hartstocht
134 – Een wijze van spreken
135 – De geest een gat
136 – Zonder richting geen verschiet
137 – De wijze laat het leven

Omgekeerd chronologisch overzicht

 

Afbeelding van een naakte, geslachtsloze chinees die zijn schouders ophaalt tegen de achtergrond van een tangram in de vorm van het woord Tja

Meester Tja en de Tao van Tja

 

 

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

 

Reageren is niet meer mogelijk

Menu