Mijn boek Taoïsme voor nitwits (deel 3 van de Agnosereeks) heeft als ondertitel: Meester Tja en de Tao van Niet-Weten. Origineel is anders. Er zijn ontzettend veel boeken, tijdschriftartikelen en websites met ‘de Tao van’ in de (onder)titel, en het worden er steeds meer. De Tao van leiderschap, de Tao van de liefde, de Tao van het boogschieten, de Tao van de wijsheid, de Tao van de fysica, de Tao van Poeh, de Tao van Dit, de Tao van Toonder, de Tao van zen, de Tao van de landbouw, de Tao van het dirigeren, de Tao van de man, de Tao van de vrouw, de Tao van seksualiteit, de Tao van topsport, de Tao van het coachen, de Tao van het struinen enzovoort. Ik verzin het niet, kijk maar op internet.
Het verband met het taoïsme is vaak ver te zoeken; dit soort producten doet eerder denken aan new age, Happinez en zelfhulplectuur. Ze reiken methoden aan om je geest leeg te maken, je ego af te leggen, in de ‘flow’ of ‘the zone’ te geraken, één te worden met je doel of je tegenstander, meer te genieten, gelukkiger te worden, je prestaties te verbeteren, je productiviteit te verhogen, effectiever en efficiënter te worden, meer winst te maken, de concurrentie de loef af te steken, je macht te vergroten, je angsten te overwinnen, successen te behalen, lof te oogsten, vitaler te worden, vrienden te verwerven, vriendschappen te verdiepen enzovoort. Ik verzin het niet, kijk maar op internet.
Met ‘de Tao van’ wordt kennelijk ‘de weg van’, ‘het geheim van’ of ‘de kunst van’ bedoeld. De weg die jij mag gaan, het geheim waarin jij mag delen, de kunst die jij je eigen kunt maken en waarmee je jezelf en de wereld versteld zult doen staan.
Natuurlijk zit er een addertje onder het gras en natuurlijk heeft dat de vorm van een euroteken. De maakbare mens is money. Het gaat in bovenstaande voorbeelden niet om vrijblijvende geschenken van gulle gevers die het beste met je voorhebben, maar om winstgevende producten – boeken, bijeenkomsten, lezingen, cursussen, retraites, seminars.
Hoe verkoop je spulletjes en diensten? Met een exotisch woord, Tao in dit geval. Als dat al een weg is, dan een tolweg. Als het al een geheim is, dan een handelsgeheim. Kunst kun je het ook niet noemen maar een kunstje toch wel. Een oud kunstje, een koud kunstje, brr.
De Tao van marketing – ik kan er een boek over volschrijven, maar iemand is me voor geweest. Tieten zijn uit, mystiek is in, orakel ik daarin, het leven is een web, de marketeer een spin.
Wijs maken ze ons niet, maar ze maken ons van alles wijs, de naamloze reclamemakers en talloze andere beoefenaars van het alleroudste beroep ter wereld. Ik weet niet hoe het met de jouwe is gesteld, maar mijn kop gonst ervan na al die jaren. Bloemen houden van mensen, op de markt is je gulden een daalder waard en Popla kennen we allemaal. Hoezeer ik er ook van baal, ik doe het de hooggeëerde adverteerders niet na; al twintig jaar oreer ik over niet-weten, maar rondgonzen doet het niet.
Je hoeft geen kapitalist of cynicus te wezen om in te zien dat er in religies fantastische bedragen omgaan. Het Vaticaan is schat- en schatrijk geworden van de blijde boodschap. Christendom, jodendom, islam, hindoeïsme, boeddhisme, scientology – overal valt wel een slaatje uit te slaan. Waarom dan niet uit het taoïsme?
Er is een uitdrukking voor de vermarkting van de geest: spiritueel materialisme, ooit van gehoord? Het woord is zowel van toepassing op de kooplui die er materieel beter van (hopen te) worden als op de kopers die er spiritueel beter van (hopen te) worden.
De Nederlandse spiritueel materialist bij uitstek is titelfraudeur Rients Ritskes, die klanten werft via radiospotjes en gouden bergen beloofd. Tienduizenden euro’s dokken ze voor de waardeloze titels van grootmeester Zondertitel – zengeest, handelsgeest.
De term spiritueel materialisme is bedacht of gepopulariseerd door de Tibetaanse boeddhist, drinkebroer en seksverslaafde Chögyam Trungpa. Hij heeft er begin jaren zeventig lezingen over gegeven en daar een boek van gemaakt, Cutting Through Spiritual Materialism (Spiritueel materialisme doorsnijden), dat nog steeds lekker loopt.
Noch het boek noch het boeddhisme heeft kunnen voorkomen dat Chögyam Trungpa, naar men zegt de elfde incarnatie van een verlichte lama, dharmahouder in de traditie van zowel de kagyu- als de nyingmalijn en grondlegger van de internationale shambala-organisatie, op achtenveertigjarige leeftijd overleed. Niet aan wijsheid, niet aan deugdzaamheid, niet aan perfectie, niet aan onthechting, niet aan onthouding, niet aan uitdoving, maar aan levercirrose. De Tao van zelfvernietiging.
Afijn, ik ben dus een van de velen met een ‘Tao van’-titel. Toch schaam ik me niet. De Laozi waarop Taoïsme voor nitwits is gebaseerd, gaat echt over niet-weten, en over de praktische pendant daarvan, niet-doen (wu wei). Dat geldt evenzeer voor de Liezi en de Zhuangzi, de twee andere van de drie taoïstische klassiekers waardoor ik me heb laten inspireren.
Al moet ik toegeven dat niet-weten geen kunst is. Integendeel, het is het einde van alle kunstjes. Levenskunst is vliegwerk, vrij alleen je val.
Lees ook: De peperdure zentitels van titelfraudeur Rients Ritskes en Hoe ik bijna mijn rechten aan Asoka verkwanselde.

