Het evolutionaire doel is hun eigenlijke integratie: een onderbroken, direct contact met de ziel; en desgewenst, een onbelemmerd contact met de buitenwereld van mensen en gebeurtenissen. Dat is het ideaal; het bereiken ervan kenmerkt de ingewijde. De twee onafscheidelijke wegen naar deze integratie zijn meditatie en dienstbaarheid.
-Benjamin Creme
In dit artikel zullen we de wil en het denken, met de omvorming in het hart of het voelen, als innerlijke kracht beschrijven, die gewaarzijn en liefde, of mededogen mogelijk maakt. Het beschrijft de spiritueel-psychologische en wetenschappelijke basis van de boeddhistische praktijk.
Wil in denken en denken in wil
Rudolf Steiner zegt in een voordracht te Dornach op 19 december 1920, die opgetekend staat in het boekje De brug tussen lichaam, ziel en geest, iets heel treffends: ‘Net zoals we tot vrijheid komen door het doorstralen van het gedachteleven met de wil, zo komen we tot de liefde door het doordringen van het wilsleven met gedachten.’ Veel kans zul je nu zeggen, hoezo iets treffends? Immers als we de verlangens en driftmatigheden van het ego in het denken brengen geeft dat onvrijheid in plaats van vrijheid en als we de concepten en oordelen van het denken in het handelen brengen geeft dit eerder afscheiding dan liefde en mededogen. Wat kraamt die Steiner voor nonsens uit die niets met het boeddhisme te maken hebben. Als we dieper kijken gaat het om de daadwerkelijke diepere innerlijke aard van denken en willen en de omvorming in het hart, die niets met gehechtheid aan buitenwereld en ego of het zelf te maken heeft, maar juist met de kern van de boeddhistische praktijk. Steiner slaat niet alleen de spijker op de kop voor ‘sofen’ maar ook voor ‘boeddhisten’. Maar eerst werpen we onze focus op de cocon van conditionering, de staat van nog ver weg zijn van inzicht, vrijheid en liefde, ofwel de staat van (voor)oordelen, onvrijheid ofwel slaafsheid (zoals verslaving) en geconditioneerde emoties. Dit is overigens een staat die we ook bij onszelf zeer regelmatig kunnen herkennen en erkennen maar ‘de boeddhist’ tracht het regelmatig te doorsnijden in momenten van mindfulness en onthechting van ons ego en onze zielenroerselen.
De cocon van de conditionering
In de staat van conditionering zijn we vanuit willen, voelen en denken gehecht aan het ego en/ of ons lichaam en/of de buitenwereld. Er vindt conditionering plaats waarbij het willen verlangens worden die we op de buitenwereld projecteren, het voelen wordt door gehechtheid aan het ego of buitenwereld emoties en het denken wordt door dezelfde gehechtheid (voor)oordelen of een gehechtheid aan rationele concepten of illusies. De getuige of het Zelf wordt, als we het ego in relatie tot de buitenwereld centraal stellen, niet geraadpleegd en daardoor leiden we een geconditioneerd leven. Om ons als ego tegenover de buitenwereld te handhaven, ontwikkelen we oneerlijkheid tegenover onszelf en de wereld, zijn niet authentiek en oprecht van geest en kennen geen onthechting. We verkeren in een staat van zijn waarin we de Freudiaanse verdedigingsmechanismen nodig hebben om onszelf tegenover de wereld te handhaven. We hebben ons ingekapseld in een cocon van gebundelde energie waar iemand maar in hoeft te prikken om in angst te vluchten of bevriezen of het gevecht met de ander aan te gaan, bijvoorbeeld uit woede, vanuit het gelijk willen afdwingen of je territorium afbakenen tegenover de ander. We volgen slaafse gewoontepatronen en ons ingesleten karakter en vluchten voor vrijheid en liefde. We leven in onze eigen verhalen, met onze eigen begoochelingen en illusies. In een schema kunnen we de cocon van conditionering als volgt voorstellen:

De eerste decentralisatie: meditatie als weg van het ego naar de getuige
In onze alledaagse conditioneringen leven we onze wil geconditioneerd uit in het handelen, de buitenwereld stuurt ons in interactie met het ego en ons lichaam. Maar in meditatie, die het meest puur plaatsvindt in vipassanameditatie uit de Theravadatraditie, verzaken we de handelende wil waardoor deze een innerlijke kracht wordt die ons als op een fruitschaal, via het hart of ons voelen, ons de vruchten van de ziel aanbiedt zoals aspiraties, idealen, ambities, verlangens, gevoelens en emoties, gedachten, (voor)oordelen en concepten. In meditatie zeggen we niet dat we iets willen, want sterker nog als we iets sterk willen, gaat het ego boven het meditatief gewaarzijn staan en gaan we van de meditatiemodus over in de mijmermodus, we gaan op in ons verlangen van het ego, en het bevrijdend inzicht van meditatief gewaarzijn ofwel mindfulness, gaat verloren. Echter in meditatie, ook al laten we gehechtheid aan willen, voelen en denken los, wordt de wil een innerlijke kracht die op een schaal onze zielenroerselen aanbiedt. In een proces van onthechting van het uitleven van de riedeltjes van het ego, wordt de wil een innerlijke kracht die als op een schaal ons onze zielenroerselen aanbiedt. Er ontstaat een wil die niet wil, maar onze innerlijke processen worden voor ons geestesoog zichtbaar. De zuivere of innerlijke wil draagt dan ons bewustzijn, waarin we opeens geestelijk vrij worden en dat we als bewustzijn of meditatief gewaarzijn herkennen. Ook al ligt bij vipassana de focus op de ademhaling, zoals het registreren van het rijzen en dalen van de buik, gedachten, emoties en verlangens komen voorbij, terwijl we trachten er niet in mee te gaan maar ze zien passeren als wolken die in de hemel van gewaarzijn passeren.
Schematisch kun je dat als volgt voorstellen:

Bij het verzaken van de handelende wil in zazen of zitmeditatie, krijgen we contact met de getuige, in sommige boeddhistische stromingen en in de Vedanta ook wel Zelf genoemd, die in een staat van mindfulness, vanuit de Boeddhanatuur gewaar is. Het Zelf moeten we niet verwarren met het zelf, dat gerelateerd is aan het ego en het lichaam. Het Zelf is de transcendente hogere bestemming in ons dat in openheid meditatief gewaar is en in de staat van mindfulness of Boeddhanatuur vertoeft, waarbij ons bewustzijn onderdeel is van het Grote Bewustzijn, de kosmische intelligentie en liefde. In meditatie wordt de wil een innerlijke kracht die de wolken draagt die we in de open hemel van gewaarzijn voorbij zien trekken en er ontstaat daardoor bevrijdend inzicht en onthechting. Geestelijke vrijheid en inzicht in onze innerlijke processen komen tezamen.
De tweede decentralisatie: liefde als weg van de getuige naar de ander
Als we de open geest van meditatief gewaarzijn via het hart in handelen brengen groeit liefde. Het is denken, immers bewustzijn bevindt zich op de mentale gebieden, maar schouwt in plaats van actief te denken. Het is denken dat niet denkt. Daadwerkelijke liefde is verbonden met het open bewustzijn van meditatief gewaarzijn en haar eenheidservaring, waarbij het onderscheid tussen subject en object niet bestaat, maar het gaat via het handelen ofwel willen, in de warme sympathiekrachten leven en wordt daar liefde. In liefde is er niets wat ons nog aan denken doet denken, maar als we dieper kijken zit daarin meditatieve ideële kracht, die in een warm handelen naar buiten komt.
Schematisch kunnen we dat als volgt voorstellen:

Liefde, compassie, mededogen en empathie staan zeer centraal in het Mahayanaboeddhisme, zoals Tibetaans boeddhisme en zenboeddhisme, dat als ideaal heeft de bodhisattva activiteit, om vanuit de Boeddhanatuur gewaar te zijn en compassie actief te manifesteren, in een toewijding om het lijden van alle wezens te verlichten, menselijk en submenselijk. De Theravadatraditie baseert zich meer op de persoonlijke bevrijding om uit de cyclus van wedergeboorte te stappen. Nu moet je niet te zwartwit denken want ook de Theravadatraditie kent karuna of compassie en ook veel Mahayanastromingen kennen een basismeditatie die nauw verwant is aan vipassanameditatie. Wel kun je zeggen dat de Mahayanastromingen vaak een completer pad vertonen. Niet alleen vanwege de bodhisattva activiteit, maar ook omdat men naast alleen gewaarzijn vaak dieper duikt in de transformatie van verlangen, voelen en denken. Men is niet alleen de innerlijke processen gewaar die in de open hemel van meditatief bewustzijn voorbijkomen, maar men duikt er ook in om ze met liefdevolle aandacht te transformeren, als een diepere modus na aanvankelijk ingetuned te zijn qua lichaamshouding, ademhaling en zielenroerselen, zoals bij vipassanameditatie.
In het Mahayanaboeddhisme kent men vier sociale handelingen om karuna in praktijk te brengen:
- Dana (vrijgevigheid, geven)
- Priyavacana (vriendelijke en liefdevolle spreekwijze)
- Arthakrtya (weldoen, behulpzaamheid)
- Samanarthata ( gelijkwaardigheid, samenwerken en empathie)
Die ander in compassie bijstaan is zowel concreet-praktisch als geestelijk, een zielsmatige band om het lijden van de ander te verlichten, dit kan op de volgende niveaus:
- Liefdevol aandachtig handelen in alles wat we doen
- Liefde naar jezelf en je Zelf of de getuige
- Liefde naar de ander
- Liefde naar de maatschappij en de mensheid
- Liefde naar de natuur en het mondiale ecosysteem
- Liefde naar de kosmos, Boeddha(natuur) of de Ene (ook wel God genoemd)
Er is geen excuus om niet lief te hebben, er zijn altijd wel niveaus en vormen van liefde die bij je passen om zo het lijden van andere wezens te verlichten en/of die de wereld mooier maken. Er zijn vele manieren. Wil je armoede verminderen dan kun je daarvoor een financiële gift doen die dit bewerkstelligt. Ben je betrokken bij de wereldproblemen kun je ook een vluchteling helpen bij de inburgering. Je kunt je zieke buurman bijstaan in mantelzorg. We kunnen een vriend bijstaan en goed luisteren en respectvol zijn. Maar ook liefde voor jezelf kan belangrijk zijn, het gaat om de balans. Zo kan het zijn dat je een cello wil kopen omdat je dit instrument wil leren spelen of een stoel voor een goede lichaamshouding of om in te kunnen relaxen. Of je bent kritisch naar jezelf en moet jezelf meer liefde en ontspanning geven. Je kunt samen in een zelfoogsttuin werken voor betaalbare lokale biologische groenten en fruit of gaan demonstreren voor een gezond milieu of mensenrechten. Bodhisattva-activiteit is net als meditatie een constant leerproces waarvoor we alert dienen te zijn en dat ons constante engagement vraagt.


Geef een reactie