Daar bij die molen…
Somewhere over the rainbow, skies are blue.
Take care out-there.
Boeddhisme
Boek van Guy – het ongeborene
Dit boek benadert het Ongeborene niet als een metafysisch principe, noch als een religieus of filosofisch concept, maar als een aanwijzing die zich pas ontvouwt door het loslaten van elke neiging tot vasthouden (upādāna; id.).
Over antropologie 24 – dana
Dana is een belangrijk begrip in het Boeddhisme. Het betekent zoiets als vrijgevigheid en dat is met name belangrijk voor de spirituele praktijk. In allerlei boeddhistische en hindoeïstische tradities staat het voor geven, liefdadigheid, en het beoefenen van deze deugden is in deze religies noodzakelijk
Bodai – ‘De ziel van mijn kom is haar leegte’
Bodai krijgt de slaapplaats van een dode man aangeboden. Hij vraagt aan de zwerver die hem begeleidt: ‘Op de plek van een overledene?
‘Prima plek, hoor, hij is 86 geworden en dat is lang niet gek voor een bedelaar.’
Guy – dhammazaadjes – Samadhi
Samadhi is die ‘speciale’ geestestoestand die voorbij onze verlangens en afkeer gaat, voorbij dualiteit, voorbij identificatie.
Bodai – ‘Ik ben geen bedelaar, maar een monnik’
De zwerver raakt op dreef: ‘Je hebt in zeven jaar nog niet veel geleerd, hè. Het enige wat je geleerd hebt is een vroom gezicht trekken, en die klap heeft ook niet veel geholpen. Je zou eigenlijk takken moeten gaan sjouwen om nog wat te leren. Rot op met je liedje het gaat om geven, alleen maar geven.’ Beteuterd kijkt Bodai naar de kom water in zijn handen, de dag begon al raar maar nu is het nog veel gekker. De bedelaar vraagt: ‘Wat ben je van plan?’ ‘Van plan, ik weet het niet, ik, ik…’Diepe zucht.
Bodai – ‘Ik ben niet in de wieg gelegd voor monnik’
De wereld schudt op z’n grondvesten een inktzwart gordijn schuift voor de zon, dan is het doodstil. Bodai staart in een inktzwarte omgeving. Er is geen wind, geen gevoel van de warmte van de zon, geen geur van de bomen, het gras, geen zwaartekracht,…er is alleen inktzwarte duisternis. Gelukkig voelt hij zijn stoel nog. Als hij zijn voeten op de grond wil zetten is er geen grond, onwillekeurig grijpt hij zijn stoel vast, bang er vanaf te vallen. Zijn ademhaling is gejaagd, niet zo rustig als normaal. Alles is doodstil en inktzwart, hij is bang om in een oneindige diepte te vallen.
Bodai – Gestaag stroomt de tijd voorbij
Drie dagen na zijn negentiende verjaardag vraagt hij aan de lama: ‘Ik ben nu zeven jaar in de tempel en ik heb nog steeds geen prajna-ervaring gehad. Ik denk niet dat ik echt voor lama in de wieg ben gelegd.’
Schotense Jikoji tempel viert verjaardag Boeddha
Ook deze week vieren de Mahayana-boeddhisten in Japan en Taiwan de geboorte van de Boeddha.
Priest in de BAK, de politiek van het nirvān̥a
Waarom blijven we alle heil verwachten van een politiek systeem en niet van onze medemens en onszelf? Het antwoord is dat we maar heel moeilijk afkomen van onze neiging tot metafysica, onze neiging tot geloof in “iets hogers”, iets dat we nooit hebben gezien en dat we niet kunnen omschrijven, maar dat voor ons de rommel die wel zelf maken zou moeten opruimen. Dit is een menselijke zwakte. Het lijkt makkelijker dan stoppen met rommel te maken. Zo geloven we in marktwerking of in het vrije individu, in anarchisme of solidariteit omdat we niet begrijpen dat onze gedachten hun eigen weg gaan en bovendien beïnvloed worden door de omstandigheden. We denken dat er een systeem is dat ons tegen dit toeval kan beschermen.
Bodai – Het zitten begint te wennen
Je begrip over alles is incompleet, natuurlijk spring je niet in de rivier, je bent nog niet herboren, je slaapt nog, daarom ben je nog niet in staat het geheel, de eenheid te zien. Je hebt er van gehoord en het voelde goed- het was duidelijk en het klopte, maar dat is alles. En dan kom je naar mij om te vertellen dat je een stofje bent. Er zijn momenten dat het oké is om een nietig stofje te zijn.
Guy – dhammazaadjes – De rol van de leraar
De vroeg-boeddhistische teksten zijn erg duidelijk over de rol van de leraar. Het is de rol van de leraar om de leerling te ‘veredelen’, d.i. om een ‘edel persoon’ (P. ariya-puggala) van hem of haar te maken. Om van een ‘wereldling’ (P. puthujjana) een ‘edel mens’ te maken. Een stroombetreder. Een sotapanna.







