De nadruk van onze beoefening hoeft niet te liggen op de slimst uitgekiende individuele gedachte. Evenmin op de meest klinisch beschreven doctrine. Noch op de mooist versierde tempel.
Het doel—ontwaken—is (contradictorisch genoeg) niet de determinerende factor.
‘Het zuivere en onbezoedelde weten van de Dhamma’ overkomt de dhammanuvatti immers plóts, spontaan, onverwachts, expliciet en manifest.
Het ‘ontwaken’ an sich vormt slechts de apotheose van een lange spirituele ontwikkelingsgang. Dit is het ultieme moment van ‘doorbraak’. Het culminatiepunt van ‘wakker worden’. Van stroombetreding. Gotrabhu.
De nadruk van de beoefening hoort te liggen op de weg er naartoe. De weg die ervoor zorgt dat de oorzaken en voorwaarden die naar het doel leiden vervuld kunnen worden. De hetu’s en de paccaya’s.
Het bereiden van het veld (P. gocara) is het belangrijkste. De oogst komt vanzelf. Spontaan.


Geef een reactie