We ontkomen niet aan een korte sequentiële biografie, want de ontwikkeling van Gandhi’s gedachtengoed heeft veel te maken met zijn levenservaringen. De eerste fase, van de geboorte in 1869 tot grofweg zijn carriérestap naar Zuid Afrika in 1893, was redelijk voorspelbaar. Zijn ouders waren middenkaste-hindoes, maar er waren zeker onder de ooms en tantes invloeden van Jainisme – een zeer geweldloze subbeweging binnen het hindoeïsme. Toen hij met fondsen van de familie een studie Rechten in de UK kon betalen en wilde gaan leidde dat tot excommunicatie uit zijn kaste door enkele Amish-achtige senioren; Gandhi’s eerste ervaring met racisme/groepsdwang vanuit de ‘eigen’ groep (en niet de racistische regeringsmensen).
Marx
Het leven versus het kapitaal
In dit boek gaat het om het leven. Het gaat, tussen de bedrijven door althans, om het leven als dansen, vertellen, oogsten, nadenken en handelen. Het gaat om natuurlijke verbanden die het fundament van ons leven vormen: zeeën, bossen, wolken, bodems en de lucht die we inademen. Maar het gaat voornamelijk om het leven in een specifiek opzicht: de bevrijding van kapitalistische heerschappij. Deze bevrijding is geen overdreven pretentie, maar een dringende opgave. Want het kapitalisme vernietigt het leven.
Eeuwige ziel of ontwikkelend karma: wat kunnen we ermee?
Udo Teunis: ‘Ik probeer me vooral vast te houden aan het boeddhistisch-stoïcijns beginsel: laten waar je geen invloed op hebt, je doelbewust inzetten op waar je wel invloed hebt en waar je keuzes een verschil maken, en daarbij een duidelijk beeld van deugden en plichten als richtsnoer nemen. We zijn eigenaar en erfgenaam van onze daden. Hoe die gevolgen van daden overgaan naar een volgend leven, of er ‘iets’, een soort ziel, overblijft en overgaat of dat dit een onbenoembaar proces in de geestelijke dimensie is: we weten het denk ik niet, en vraag is hoeveel steun het ons biedt het te willen weten. Basaal gaat het erom het goede te doen en er dan maar op te vertrouwen dat dat gevolgen zal hebben, zonder daarin te willen sturen of beheersen, dus zonder hechting. Het leven is al moeilijk genoeg.’
Boeddhisme en marxisme: een nieuwe toekomst?
Er valt wat voor te zeggen dat het boeddhisme in de wereld moet worden aangevuld of begeleid door een politiek waarin niet het verlangen, maar de innerlijke vrede wordt gestimuleerd. Ambitie zou weer plaats moeten maken voor dienstbaarheid en welwillendheid. Alleen zo kan er een bloeiende wijsheidscultuur ontstaan en dat zou misschien wel het beste zijn wat de mensheid zou kunnen overkomen. Het is echter niet gemakkelijk om dit voor elkaar te krijgen en Priest geeft geen duidelijke analyse van het probleem. We zullen dit moeten overlaten aan de nieuwe generatie politici en misschien zullen sommigen daardoor worden geïnspireerd door het boek van Priest.
Het kapitaal
Karl Marx (1818–1883) heeft tijdens zijn leven weinig gepubliceerd. De meeste publicaties van hem werden pas na zijn dood verzorgd door zijn vriend Friedrich Engels (1820-1895). Hij is het meest bekend geworden door het pamflet dat hij samen met Engels in 1848 opstelde voor de Bond der Communisten. Het is natuurlijk terecht dat deze tekst bekend is geworden, want deze heeft een enorme politieke invloed gehad, maar de meest interessante nalatenschap van Marx is zijn driedelige studie getiteld “Het Kapitaal”.
Het wezen van het christendom
Het grootste struikelblok is ook bij Feuerbach de theodicee, de vraag hoe een goede almachtige God de mens aan zo’n aards tranendal kan onderwerpen. Deze vraag verdwijnt zodra je inziet dat God niets anders is dan een projectie van de mens. De theologie wordt zo een antropologie. De eigenschappen van God kunnen dan worden verklaard uit de voorkeuren en neigingen van de mens. Zo kun je ook de obsessie met wonderen in het christendom begrijpen.
Boeken – Hier was het wachten op, zo’n tweehonderd jaar
Ongeveer tweehonderd jaar geleden publiceerde Ludwig Feuerbach zijn boek Het wezen van het christendom. Dit boek corrigeerde veel aspecten van het Duitse Idealisme en legde een stevige materialistische basis voor het dialectisch materialisme. Aan de kritiek op het eerste werd verder gewerkt, aan de opbouw van het tweede bouwden Marx, Engels en Joseph Dietzgen voort.
Menno – geen idee
Pa wrijft even over zijn kin, schraapt zijn keel en verkondigt plechtig: “God is door mensen bedacht zodat ze hun ellende een plaats konden geven. Er zit nergens een mannetje met een lange witte baard op een wolk deze wereld te bestieren.”
Jasper – Over conservatisme en socialisme
Marx, Engels en navolgers zeiden het: al, de wereld zal sociaal moeten veranderen en daarvoor is heel veel, vreedzame en langdurige strijd een voorwaarde. Marx verwoordde hierbij een andere voorwaarde. Het volk, de arbeiders moeten hiervoor voldoende geschoold zijn en hun kennis en organisaties inzetten voor in de nieuwe maatschappij.
Jasper Schaaf – Onverdraaglijke vooruitgang
De bekendste vorm hiervan is de vraag naar de waarheid of onwaarheid van religieuze uitspraken. Bestaat god of meer goden tegelijk of is het een antwoord van niets, hooguit van het ongerijmde? Sinds de opkomst van de kritische filosofie in verschillende gedaanten, van Spinoza, Kant Hegel, Marx en anderen, overheerst het idee dat de mens niet in staat is een betrouwbaar antwoord op dat soort grote vragen te geven. Sommige filosofen, denk aan Marx of Feuerbach, gaan een stap verder en vinden dat je onbeantwoorde theoretische vragen het beste maar kunt ‘bestrijden’, omdat deze ook een correct antwoord op praktische vragen bemoeilijken.
Das Kapital van Karl Marx volledig in het Nederlands vertaald
Over de grote problemen door en van het stelsel van de kapitalistische economie weet ‘Het Kapitaal’ veel te zeggen. Veel dat de discussies van vandaag kan helpen verdiepen. De vermeende eeuwigheid van het kapitalisme wordt hier grondig ter discussie gesteld.
Bouwers en slopers van Europa (deel 1)
In zijn studie Personality and Power, Builders and Destroyers of Modern Europe schetst historicus Ian Kershaw de levenslopen van 12 Europese staatshoofden en regeringsleiders, die in de 20ste eeuw een grote invloed hadden op de Europese geschiedenis. Het gaat om dictators en democraten.












