‘Als de vrije wil een illusie is, heb ik niets over mezelf te zeggen, Hans.’
‘Als de vrije wil een illusie is, kun je dat niet eens zelf vaststellen.’
‘Waarom niet?’
‘Omdat je dan niet zelf bepaalt wat je denkt en gelooft.’
‘Hoe kan ik nog trots zijn op mezelf en op mijn prestaties als alles me overkomt?’
‘Hoe kun je niet trots zijn op jezelf en op je prestaties als dat je overkomt?’
‘Zonder keuzevrijheid valt er geen eer te behalen.’
‘Zonder keuzevrijheid valt dat niet te verhinderen.’

