We lijden collectief aan afgescheidenheid. We willen beroemd zijn, macht hebben, rijk zijn, etc. En zo lang we succesvol zijn is er niets aan de hand. Maar valt het weg dan vallen we in een diep gat.
Liefde is geen doen
Terwijl de wereld tot op een meter nauwkeurig in kaart is gebracht door satellieten, en computers je overal de weg wijzen, is er voor de binnenwereld geen kaart, geen routebeschrijving, geen reisplan, geen nooduitgang. Niemand vertelt je hoe je al die gedachten, gevoelens, verlangens, fantasieën, dromen en nachtmerries moet duiden, dulden, doden.
Column van Joop – Heil KI!
Moge iedereen een lang, gezond en gelukkig leven hebben, niemand uitgezonderd.
Vrede en alle goeds, zeggen de Franciscanen.
Kunstmatige intelligentie en de kampen.
Moedig voorwaarts!
De cello – Israël kan de Palestijnen in de Gazastrook niet tot zwijgen dwingen
Ondanks alle ellende blijven jonge Palestijnen in de Gazastrook muziek maken. Op kapotte instrumenten, onder de raketaanvallen en in overvolle tentenkampen. Wachtend op de dag dat het geluid van applaus eindelijk boven dat van explosies uitstijgt.
Guy – dhammazaadjes – Heilzaam versus onheilzaam
Heilzaam is datgene wat ons ‘heel’ maakt. Héél. Niet versplinterd. Niet polariserend. Niet verwijderd van het andere.
Haiku van Renske – Stadstuintjes II
…
Ardan-Ah!
…
Geen dood, geen vrees (30) – Anatman
Anatman is in het boeddhisme in onze traditie een belangrijk gegeven, het inspireert me tot op het bot en geeft me ruimte voor steeds meer inzichten, steeds diepere inzichten.
De Poortloze Poort voor nitwits, koan 18 – Drie pond vlas
Wat is drie pond vlas, een oude jas, een droge plas, een lege tas, een dood karkas, een gasmoeras?
Column van Joop – hondenfluisteraar
Moge iedereen gezond, lang en gelukkig leven hebben, niemand uitgezonderd.
Vrede en alle goeds, zeggen de Franciscanen.
De hond die alle boodschappen opvrat.
Moedig voorwaarts!
Sodis – de virtuele denkster 592
…
Ardan, van zenleraar tot brugwachter – ‘Je opent de brug en je sluit ‘m weer. Bijna zen.’
‘Ik wil mezelf niet opzadelen met titels. En bovendien zei me de titel ‘zenleraar’ niet zoveel. Was ik nu anders geworden? Kon ik nu beter mensen begeleiden dan daarvoor? Het klopte voor mij niet. Datgene wat mij het meest gebracht had, namelijk die vrije vrouw/man zonder titel liep nu met een titel rond. En dat beviel me niks.’











