Gisteren stelde ik mezelf ineens de vraag: ben ik een soort hypochonder? Dat komt omdat ik naar de vrij flinke doos keek met beschermingsmiddelen zoals mondmaskers, ontsmettingsalcohol, gels, handschoenen (wit en blauw), spuitbussen met ontsmettingsmiddel om deurklinken en zo te reinigen en ik zal nog wel wat dingen vergeten zijn. En de vrij flinke doos staat op een nog veel grotere doos met een grote voorraad eten, in het voorjaar al aangeschaft en niet gehamsterd maar steeds wat extra ingekocht voor het geval ik de Kloosterbunker niet meer kan verlaten of het voedsel in de supermarkten, de akkers opraakt.

Ik heb ook nog een reistasje, door mij de BB genoemd, bescherming van de boeddhist hoewel ik geen boeddhist ben, met daarin mondmaskers, gel en handschoenen, voor als ik naar buiten ga en in het handschoenenvak in de auto liggen twee soorten mondkapjes, met en zonder ventiel.

Ik lees op internet: Als je last hebt van hypochondrie, ben je overdreven bang om een ernstige ziekte te hebben of krijgen. Je bent erg gericht op wat je voelt in je lichaam. Normale lichamelijke verschijnselen, zoals jeuk, kramp of een pijnscheut, worden gezien als bewijs dat er iets aan de hand is. Hoewel deze stoornis bekend staat als hypochondrie, wordt er tegenwoordig een nieuwe naam gebruikt, namelijk ziekteangststoornis. Het wordt soms ook ziektevrees of ziektefobie genoemd. De stoornis komt even vaak bij mannen als bij vrouwen voor. In een huisartsenpraktijk blijkt ongeveer 5% van de patiënten last te hebben van hypochondrie.

Hoe herken je hypochondrie? Bij ziekteangststoornis staat de angst voor het hebben van een ernstige ziekte centraal. Je bent ook in je gedrag op een overdreven manier bezig met de angst voor een ernstige ziekte. Voorbeelden van dit soort gedrag zijn: je lichaam of ontlasting controleren, informatie over de ziekte opzoeken op internet, vaak naar artsen gaan, doktersafspraken juist vermijden, of niet meer sporten.

De onrust in de kop is bij mij begonnen in het voorjaar, toen het coronavirus, de sluipmoordenaar, ons trof. In Nederland en België stierven duizenden mensen en de gevolgen daarvan,  ook de economische, zichtbaar werden. Er ontstond in mijn brein een doemscenario: corona, ziekte/dood, werkloosheid, anarchie, wetteloosheid, chaos. Het werd versterkt door de klimaatellende, de opwarming van de aarde, misoogsten, stijgende zeespiegel, dood en ellende. Oorlog en geweld.

Vorige week keek ik naar de documentaire Vaarwel Amerika waarin wetenschappers in de VS vertelden hoe ze worden tegengewerkt door de Amerikaanse overheid om de uitslag van hun onderzoek bekend te maken en van invloed te laten zijn op de maatregelen die kunnen worden genomen om een catastrofe tegen te gaan. Trump kent geen opwarming, die wetenschappers worden werkloos. De Franse president Macron nodigde deze wetenschappers uit hun onderzoek in Frankrijk voort te zetten en dat doen ze dan nu ook. Een van de wetenschappers zei: de aarde kan ons niet meer voeden, er is een tekort aan voedsel en bij wie komt dat voedsel terecht? Wie gaan er dood en wie niet.

Ben ik een hypochonder? Zelf ben ik niet zozeer bang om aan iets te overlijden en artsen bezoek ik vrijwel nooit. Mijn vorige huisarts Wim stelde mij altijd de vraag (als er geen spoed was): zullen we het nog even aankijken, de meeste klachten gaan in 85 procent van de gevallen weer over.

Ik maak me wel grote zorgen over het voortbestaan van ons mensen nu al die rampen op ons afkomen. En wil er zelf zoveel mogelijk aan doen om gezond te blijven en anderen gezond te houden, vandaar die  doos met BB-dingen. Ik was niet extreem veel mijn handen, wel na een stoelgang en voor het eten, en een enkele keer een gelletje, dat geeft mij een fris gevoel. En ik laat geen mensen toe in de Kloosterbunker omdat ik ervaar dat heel veel mensen het niet zo nauw nemen met de coronarichtlijnen. En ga ook niet bij die mensen op bezoek omdat mijn leven mij lief is.

Als ik snif of snot denk ik wel: wat heb ik nou weer aan m’n fiets hangen. Hoe kan dat nou, ben ik toch besmet? Is het hooikoorts? Een griepje? Brengen de mezen op het balkon een virus over?  Ik heb de eigenaar van de Kloosterbunker een brief geschreven over het gesloten ventilatiesysteem in de Kloosterbunker, met de vraag of de lucht die van buitenaf in deze ruimte gepompt wordt, wel schoon is. Omdat het vieze stof uit de roosters puilt. Als antwoord kreeg ik dat er alleen lucht wordt afgezogen en er dus geen sprake kan zijn van een sick building syndroom. Dat viel me toch weer tegen.

Ik denk niet dat ik een hypochonder ben, wel mogelijk een tekstuele hypochonder. Een drammer. In mails en brieven moet ik er voor waken niet altijd weer te willen waarschuwen tegen de gevaren van corona en milieu. En een stevige toon aan te slaan in die berichten. De Reus waarschuwt voor de allerlaatste maal. Ik merkte dat als iemand mij een gezellige foto stuurde van een ontmoeting op een terras van een horecatent ik dan weer dacht: En weer geen mondkapje voor. Of: hoe kan je dat doen? En dat ook weer stevig te verwoorden in mijn briefjes. De Goedmoedige Reus neemt de mensen de maat maar wie is Hij dat Hij dit mag doen?

Juiste spraak en juist handelen zijn een groot goed in het boeddhisme. Is het aanspreken op zich goed of slecht? Of het niet-oordelen? Ik voel me er niet goed bij om mensen verbaal een draai om de oren te geven.  Maar wie zwijgt stemt toe, toch. Ja, over de toon hebben we het al gehad, de Reus gaat in een andere modus schrijven. Liefdevoller.

Moedig voorwaarts en blijf gezond!

BIJSLUITER: het lezen van deze columns kan leiden tot groot geestelijk ongemak,  woedeaanvallen, depressies, onbeheerst gedrag, angstaanvallen, maagzuur, zweten, ongeloof, twijfel aan eenieder, straatvrees, lange tenen en het geloof in het eigen gelijk. Bij de lezers. Scheldpartijen en een onbedwingbare drang om te reageren zijn waargenomen. Sommigen willen mij corrigeren. Of bedanken. Of prijzen. De drang om in verzet te komen is waargenomen, het abonnement op te zeggen. Sommigen besluiten de krant niet meer te lezen, of te boycotten. Er kwaad over te spreken. Te janken of te vloeken. De straat op te gaan om te demonstreren maar niet weten waartegen. Het boeddhisme de rug toe te keren.  Of aan de drugs te gaan. En zo gaat het maar door.

Categorieën: Joop Hoek, Gezondheid, Zorg, Geluk, Columns
Tags: ,

Lees ook:

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

6 reacties op Het jaar 2020 – dag 271 – hypochonderallee

  1. Henk van Kalken schreef:

    Ik maak me niet zoveel zorgen om het voortbestaan van mensen. Ik heb het aan het levende organisme dat de Aarde is voorgelegd, en die verzuchtte: ‘Ah… een kalpaatje of wat zonder mensen… dat zal m’n ouwe botten goed doen!’

  2. Wulf schreef:

    Beste Jan, strenger zijn dan de RIVM-overheidsmaatregelen is onnodig. Als je je daar aan houdt dan neem je al minder risico dan gemiddeld. En liefdevoller gaan schrijven? Dat deed je al best vaak. En zo niet?! Niet alles is af te dekken met de mantel der liefde.

  3. Astrid schreef:

    Met zo’n voorraad houd je het virus wel uit de buurt. Wat ontsmet je eigenlijk met de Advocaat?

  4. Joost schreef:

    2 planeten komen elkaar tegen, zegt de een tegen de ander je ziet wat pips. Ja zegt de ander ik heb last van Homo sapiens . Zegt de een , dat gaat wel weer over.