Hoe kan je waarheid van leugens onderscheiden?

Jaarlijks wordt de maand van de filosofie gehouden in Nederland en Vlaanderen (juni, 2020). Het thema is dit jaar ‘het uur van de waarheid’. De in Polen geboren en sinds 1988 in België wonende filosofe Alicja Gescinska schreef over dit onderwerp het essay ‘Kinderen van Apate – over leugens en waarachtigheid’.

De uitgever deelt de volgende begeleidende tekst met de lezer:

Toen Pandora haar beruchte doos opende en de godin Apate ontsnapte, kwamen de misleiding en het bedrog in de wereld, zo vertelt de Griekse mythe. En Apate is nog steeds onder ons: we zijn allemaal haar nazaten, stelt Gescinska in dit essay. Maar we kunnen wel opstandige kinderen zijn, betoogt ze, en revolteren tegen de verlokkingen van de leugen. Nooit was dat zo nodig als nu, in dit tijdperk van ‘post-truth’, alternatieve feiten en nepnieuws.
Gescinska legt onder het verval van de waarheid in onze tijd een diepere crisis bloot. Niet het verspreiden van onjuiste informatie op zichzelf is het grootste probleem, maar de malafide intenties waarmee dat gepaard gaat. De echte malaise van onze tijd is volgens haar een gebrek aan waarachtigheid, aan oprechtheid tegenover anderen. Meer fact-checken is daarom niet genoeg in de strijd tegen de oprukkende leugens. Zonder een hernieuwde toewijding aan de waarachtigheid komt de democratie onder steeds grotere druk te staan. Daarbij dreigen we, zo betoogt Gescinska, misschien wel ons kostbaarste goed te verliezen: de vrijheid”. 

Waarheid noemt Alicja Gescinska het oer-thema van de filosofie, maar liever wil ze het begrip ‘waarachtigheid’ centraal stellen. Er is wat haar betreft een te grote focus op waarheid, want ook wanneer we alle uitspraken van politici en journalisten fact-checken gaan we het probleem niet oplossen. Daarom geeft ze de voorkeur aan het begrip ‘waarachtigheid’. De intentie om oprecht en eerlijk te zijn, dat is de basis voor goed samenleven. En omdat dit zo vaak ontbreekt bij politici en journalisten hebben veel mensen een afkeer van politiek. Dat is de crisis van deze tijd. Pas als we ons bewust worden van deze morele dimensie van de crisis van het huidige politieke discours kunnen we gaan nadenken over mogelijke oplossingen. Uitgaan van feiten lost daarbij het probleem niet op, omdat het om moraliteit gaat. Daarom moeten we ons zorgen maken over de verruwing van het debat, de polarisatie door de populistische retoriek, het verspreiden van nepnieuws en het legitimeren van de leugen. Het is dus volgens Gescinska meer dan een politieke strategie of communicatiestijl, het is een crisis van waarden en in het morele domein moet ook de oplossing gezocht worden. Want gebrek aan waarachtigheid is de oorzaak van het gebrek aan vertrouwen. Gebrek aan vertrouwen van de burgers in de politiek en in de media en inmiddels ook van burgers onderling. Zo wordt het sociale weefsel van de samenleving aangetast.

Hoe kunnen we eraan werken dat waarachtigheid weer centraal komt te staan in politiek en journalistiek? Ze zoekt de oplossing, net zoals wij eerder hebben aangegeven, in een dialogische houding. We moeten weer leren rekening houden met de mening van de ander, onze eigen bubbel leren herkennen, weer opmerken hoe we ons afsluiten voor andere meningen, het grote eigen gelijk in twijfel durven trekken en zelfs oefenen met het verdedigen van andere standpunten.

Op onze vorige bijdrage voor het BD reageerde Dick van der Vlugt met het voorstel om verplichte scholing op te zetten voor politiek leiders.

Hij vulde dit als volgt in:

“Beide auteurs wijzen terecht op het fenomeen van het gebrek aan moreel leiderschap, dat is ontstaan in dit krachtenveld en het politieke krachtenveld ernstig vervuilt. Om daaruit te geraken stel ik voor dat we een vierjarige geaccrediteerde beroepsopleiding oprichten, die iedereen die zich actief met politiek wil bezighouden, dient te volgen, als voorwaarde voor deelname aan het politieke bedrijf. Het eerste jaar is verplicht voor raadsleden en wethouders op gemeentelijk niveau en betreft het leren van eigen belang overstijgende denk- en gesprekstechnieken. Het tweede jaar is de vooropleiding voor provinciale bestuurders en burgemeesters en betreft ontmoeting en gesprek over besturen vanuit wijsheid. Hier worden cases vanuit het verleden met behulp van deskundigen en filosofen geëvalueerd. Het derde jaar is voor alle leden van de tweede kamer, die tijdens hun functioneren gecoacht worden door speciaal daarvoor opgeleide supervisors met een brede maatschappelijke achtergrond. Het vierde jaar is weer een voorwaarde jaar, maar nu voor ministers en de MP. In dit jaar worden politieke missers uit de afgelopen 50 jaar uitvoerig geëvalueerd in combinatie met filosofische onderwerpen. Kortom we verlaten de stam en de waan van de dag. Politici leren nu te reflecteren op zichzelf, in plaats van alleen maar op elkaar”.

We doen hier een verder voorstel voor de inhoud van een dergelijke opleiding en staan daarbij open voor commentaar en aanvullingen:

  • Wat doet culturen samenwerken? Waartoe leidt machtswellust?
  • Inzicht ontwikkelen in ethiek en logica, leren denken op meta niveau en buiten bestaande structuren. Ook om te realiseren dat als we het begrip ‘waar’ willen gebruiken, dit niet verder gaat als wat we waarnemen. De rest bestaat uit constructen waar we al of niet in geloven. De constructen zijn vermoedde verbanden tussen de fenomenen die we waarnemen.
  • Sociale psychologie. Inzicht krijgen in het krachtenspel tussen mensen. Hoe komt het dat velen denken de waarheid in pacht te hebben, terwijl de waarheid zich door ons niet laat kennen.
  • Hoe geloofsvergissingen een rol spelen in het leven van mensen en dus ook politici. Eigen geloofsvergissingen bewust worden en durven ongehoorzaam te zijn aan deze geloofsvergissingen. Met name aandacht voor het herkennen van de geloof-aansturing betreffende zucht naar macht.
  • De biologische verklaring van de menselijke conditie en het verdeelde zelf van de mens, de gevolgen daarvan en de oplossingsrichting.
  • Trainingen om vertrouwd te raken met authenticiteit, integriteit en vertrouwen geven aan de ander.

Categorieën: politiek leider zoektocht, Politiek, Achtergronden, Onderwijs, Geluk, Pakhuis van Verlangen
Tags: , , , , , , , , ,

Lees ook:

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

5 reacties op Op zoek naar een politiek leider die fatsoen aan wijsheid koppelt (4)

  1. Dick van der Vlugt schreef:

    Waarachtigheid is een morele kwaliteit, die boven waarheid uitstijgt. Immers in de politiek moeten alle “waarheden” van de diverse groepen bij elkaar gevoegd worden om een “hoger standpunt” te vinden. Hoe meer je liegt, of manipuleert of vecht, hoe moeilijker het is dat hogere point of view te vinden, boven alle belangen uit. In alle kwesties die nu spelen – stikstofvraagstuk, Corona crisis, discriminatie- lijkt dat steeds weer de opgave te zijn. Dat vraagt om wijs beraad, om kennis, onderzoek en bereidheid andere waarheden aan te nemen. Authenticiteit kan een brug slaan, eerder dan fact-checking, wat altijd weer strijd lijkt op te leveren, zegt de filosofe Alicja Gescinska terecht. In de moderne relatietherapie* wordt het geruzie over de waarheid de “Duivelse Dans” genoemd. Dr. Sue Johnson pleit ervoor de hardere secundaire emoties los te laten en opzoek te gaan naar de authentiek primaire emoties, om opnieuw kwetsbaar en eerlijk te zijn en zo weer in verbinding te komen. Dat vraagt om toegeven van eigen valkuilen en cognitieve eenzijdigheden en toegeven van angsten en wantrouwen. Vaak is het de schakel van hoofd naar hart, van eigen waarheid op de inhoud, naar waarachtigheid in het samenzijn.
    Zou dat werken in de politiek waar elk openbaar debat een teevee optreden is voor publiek bestaande uit potentiele stemmers? Waar elke vergissing wordt afgerekend met moties van wantrouwen en dalen in de peilingen. Beeld en emotie spelen een steeds grotere rol in het debat, schreef politiek commentator Goslinga gisteren in Trouw. In het besloten overleg voor een coalitieakkoord of in de Trêveszaal en in en rondom het torentje wordt ongetwijfeld anders gepraat dan in de openbare tweede kamer. Als er geen camera’s bij zijn, worden concessies gedaan en standpunten losgelaten. Dan wordt ook belang gehecht aan verbinding en er samen uitkomen. Soms moet iemand een “meloen” doorslikken om mee te gaan in een beleidsplan. Er moet worden uitgeruild. Dat moet wel in de polder, hoe moeilijk ook, het gebeurd, maar achter gesloten deuren. Hoe mooi zou het zijn als er na afloop van zo’n besloten marathon overleg een groepje politici zou vertellen wat ze doormaakten in dat proces van samenwerken en hoe ze uitkwamen bij dat hogere, betere, gezichtspunt, omwille van het landsbelang.
    Een echtpaar zal zijn geworstel om waarachtigheid ook niet delen met iedereen. Kan je dat wel vragen van een openbare figuur, gezien het meedogenloze klimaat in de sociale media? Misschien is die waarachtigheid wel zo lang het goed gaat, aanwezig in coalities, waar mensen zeer intensief moeten samenwerken, maar verdwijnt het op de Bühne, waar de politicus net als de toneelspeler, de zaal in vervoering kan brengen met gespeelde oprechtheid en daarmee in de peilingen stijgt.
    *dr Sue Johnson: Houd me vast.
    Dick van der Vlugt.

  2. G.J. Smeets schreef:

    Ik geloof niks van redeneringen over ‘morele domein’, over ‘crisis van waarden’, over ‘gebrek aan waarachtigheid’ en al die andere populistisch-filosofische argumenten. Sorry Alicja Gescinska.

    De genadeloze realiteit is dat niemand, maar dan ook niemand, kan overzien wat er allemaal loos is met de (gevolgen van) klimaatverandering en de afbraak van onze ecologische habitat. Er heerst geen crisis van waarden of gebrek aan waarachtigheid, er is paniek in de tent.

    En voor die paniek is al meer dan een halve eeuw geleden gewaarschuwd door wetenschappers, weldenkende literatoren en denktanks als De Club van Rome. Allemaal weggehoond door de moraalridders die zich -zoals iedereen- waarachtig waanden omdat ze het vertrouwen van het kiesvolk genoten.

    Rob en Luuk, de verplichte scholing voor politici waarvoor het stukje hierboven een aanvullend voorstel doet is m.i. een paniek-reactie, even naïef als gevaarlijk. Wie gaat die verplichte opleiding inrichten? daar kom je staatsrechtelijk niet uit. Wie is bereid om dergelijk verplicht opleidingstraject te volgen? dat trekt brave leerlingen aan en sluit mensen uit die reeds goed geïnformeerd en of getraind zijn. Etc. etc.

  3. Luuk Mur schreef:

    Reactie op G.J. Smeets,
    Dank voor je bijdrage. Je noemt het voorstel naïef en dat ben ik met je eens.

  4. Dick van der Vlugt schreef:

    Reactie op G.J. Smeets: Het voorstel van een geaccredieerde beroepsopleiding voor politici was ook meer bedoeld als een brain wave. Immers in veel beroepen wordt nu de beroepsuitoefenaar door regels geplaagd met opgelegde en gecontroleerde nascholing. Vaak vanuit wantrouwen, want is niet iedere therapeut, loodgieter en IT-er zelf geinteresseerd in nieuwe ontwikkelingen. Het waargenomen gebrek aan kwaliteit aan moreel en daadwerkelijk inhoudelijk functioneren deed mij deze luchtballon opblazen, wetende dat juist in de politiek er weinig op te leggen valt. En dus blijft het behelpen met de dagelijkse kwaliteit en kunnen ernstige zaken zoals het klimaat, eindeloos lang niet de aandacht en het beleid krijgen wat ze verdienen. We wachten dus toch tot de wijsheid alsnog doorbreekt bij een meerderheid, meestal gaat dat niet zonder grote verliezen en crises.

  5. G.J. Smeets schreef:

    Luuk, Dick
    stel, je hebt het morgen voor het zeggen. Dus zeg het maar wat je beslissingen zijn over, pak ‘m beet, de energietransitie. Biomassa in de energiemix? Kernenergie? Flink investeren in waterstof als energiedrager?
    Je snapt wat ik wil zeggen: politici zitten in een niet te benijden positie doordat de vraagstukken en risico’s van beslissingen enorm en niet te overzien zijn. Met ‘wijsheid’ heeft dat allemaal niet te maken. Het is lukraak tasten in het duister, iets waar spirituelen en filosofen geen weg mee weten.