• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst

Boeddhistisch Dagblad

Ontwart en ontwikkelt

Header Rechts

Vijftiende jaargang

Zoek op deze site

  • Home
  • Agenda
    • Geef je activiteit door
  • Columns
    • Andre Baets
    • Dharmapelgrim
    • Bertjan Oosterbeek
    • Dick Verstegen
    • Edel Maex
    • Emmaho
    • Goff Smeets
    • Hans van Dam
    • Jana Verboom
    • Joop Hoek
    • Jules Prast
    • Paul de Blot
    • Rob van Boven en Luuk Mur
    • Ronald Hermsen
    • Theo Niessen
    • Xavier Vandeputte
    • Zeshin van der Plas
  • Nieuws
  • Contact
    • Steun het BD
    • Mailinglijst
  • Series
    • Boeddha in de Linie
    • De werkplaats
    • Recepten
    • De Linji Lu
    • De Poortloze Poort
    • Denkers en doeners
    • De Oude Cheng
    • Meester Tja en de Tao van Niet-Weten – alle links
    • Fabels door Goff
    • Cartoons van Ardan
    • Tekeningen Sodis Vita
    • De derwisj en de dwaas
  • Over ons
    • Redactiestatuut van het Boeddhistisch Dagblad
    • Redactieformule van het Boeddhistisch Dagblad
  • Privacy

Home » Boeddhisme » De fonkelende edelsteen in je hand

De fonkelende edelsteen in je hand

9 juni 2026 door gastauteur Reageer

Afgelopen woensdag vijf juni was de geboortedag van Ton Lathouwers (1932-2024). Zijn laatste boek Je kunt er niet uit vallen’ kwam in 2020 uit. Ik citeer de volgende tekst uit het boek: ‘Alle grote teksten van wereldreligies brengen iets van het grote mysterie tot uitdrukking. Maar wat is jouw uitdrukking van dit mysterie? Het is de ontdekking dat dit uniek is voor jou alleen en ieder van ons’. Iedere weg loopt anders en geen enkele weg is hetzelfde. Iedereen gaat de eigen unieke weg. Het raakt aan een favoriete tekst van Ton van Jan van Ruusbroec over het steentje dat ieder van ons aan het einde der tijden ontvangt, met een tekst erop die alleen jij en de Eeuwige kunnen lezen en die gaat over wie jij ten diepste bent, de tekst verwijst naar jouw diepste bestemming. Het raakt ook aan een bekende regel uit de Gelofte aan de Mensheid van Hisamatsu: ‘Onze gaven ten volle ontplooien ieder volgens de eigen roeping in het leven’. Om dat mysterie van ‘worden wie je ten diepste bent tot uitdrukking te brengen hoef je alleen maar ‘jij’ te worden en hoe meer je ‘jij’ wordt, hoe meer de diepste grond van het bestaan in jou door klinkt’. In simpele woorden betekent het dat, om jezelf te worden, we ons moeten bevrijden van het zelf. Loa Tze zegt precies hetzelfde met andere woorden: ‘Als je niet vrij bent van jezelf, kun je nooit jezelf worden’.

De Boeddha ontdekte op het moment van zijn ontwaken dat niets op zichzelf bestaat, pratitya samutpaddha (Pali) ‘samen d’r uut’ zei Ton altijd. We zijn onderling afhankelijk en verbonden met alles wat leeft, niets bestaat op zichzelf. We zijn verbonden met de wereld om ons heen met de bomen, planten, bergen, rivieren en oceanen. Het is een oeroude wijsheid die in onze tijd is bevestigd door de wetenschappen. Alle materie is ontstaan uit sterrenstof en toch zijn we uniek en het is de allerbelangrijkste opdracht om te ontdekken wie jij bent. Te worden wie we ten diepste zijn en innerlijke vrede te ontdekken en daarmee een ‘nieuw hart’ in ons te ervaren. ‘Alle grote boeddhistische teksten van Bodhidharma, Seng-Ts’an, de derde patriarch die de Hsin hsin minh schreef, over vertrouwen in de geest: met de bekende beginregels: De weg is niet moeilijk voor wie geen voorkeur of afkeer heeft. Lin-Chi de grote zenmeester uit de Tang dynastie, Dogen die zen naar Japan bracht rond 1200 en Hakuin een hervormer uit het Japan van de 17de  eeuw. Ze zeggen allen iets over de werking van onze hartgeest, maar ‘wat zeg jij?’

Het is een onderwerp waar ik het vaak over heb, omdat het raakt aan wie we ten diepste zijn. Alles is er vanaf het allereerste begin vanaf onze eerste ademhaling is die heelheid al in ons aanwezig. Dat betekent feitelijk dat we open, ontvankelijke, intuïtieve en creatieve wezens zijn, maar we laten ons zo in beslag nemen, niet zozeer door wat er dagelijks in ons leven gebeurt, of wat er in het verleden in ons leven is gebeurd, of in de toekomst zal gaan gebeuren, maar we zijn verstrikt geraakt in het denken en oordelen over die gebeurtenissen uit verleden, toekomst en heden, waardoor we zijn afgesneden van wat er NU gebeurt, wat er nu is én dus zijn we afgesneden van onze ware natuur. Want ons denken is meestal bepalend in hoe we ons voelen en zijn. Dat ligt maar als een dikke wollen deken over onze ware natuur heen gedrapeerd, die daardoor onzichtbaar en verborgen blijft. We zijn ons denken niet, we zijn ons voelen niet!

Alles is er, maar we zoeken het voortdurend buiten onszelf. Dat zei Linchi al in de 7de eeuw tegen de monniken in zijn klooster: ‘stelletje kaalkoppen, jullie draven maar rond; ga naar binnen, daar ligt wat je zoekt. Zijn provocerende woorden waren bedoeld om de stoelpoten onder je stoel vandaan te schoppen, je wakker te schudden, zodat je niet anders kunt dan direct te kijken en te zien. Alle grote tradities zeggen hetzelfde, ook Buber, filosoof uit de vorige eeuw, de schat ligt binnen in je en alleen daar kun je het vinden. De abt van het trappistenklooster Genesee zei dat tegen Henri Nouwen die in een moeilijke periode in zijn leven een tijd in dat klooster doorbracht: Topos the Theou: Het goddelijke is in jouw. Het geestelijk leven is niets meer of minder dan het scheppen van ruimte in jezelf voor die goddelijke vonk of onze ware natuur. Die plek ben je zelf. Het is in jezelf, we situeren die plek diep in onze buik op een plek vlak onder de navel in het tan-tien, waar ons tweede brein is gesitueerd. Het zijn woorden met dezelfde betekenis als het gedicht van Hakuin in de Ode aan zazen of Het Lied van zazen.

Ode aan zazen bestaat uit 10 verzen. Ik maak gebruik van de vertaling van Shibayama, Japanse zenmeester (*1974). Hij vat de kern van het gedicht in drie regels samen. Het gedicht heeft in totaal 44 regels en drie ervan, regel 1, 30 en 44  bevatten de kern. De overige regels van het gedicht ziet hij als een toelichting op die drie regels. De eerste regel begint met een stelling: ‘Alle levende wezens zijn van nature Boeddha’s’. De tweede regel zegt: ‘als je je ogen naar binnen keert en getuigt van de waarheid van je ware natuur’, het wil zeggen: in je beoefening breng je je ware natuur tot uitdrukking. De laatste regel is de conclusie: ‘Jouw wezen is het lichaam van de Boeddha-natuur’: Jij alleen brengt je ware natuur tot uitdrukking zonder iets te doen. Door wu wei, een taoïstisch begrip dat betekent: doen zonder te forceren, meegaan met de stroom, in the flow. ‘Het’ ontvouwt zich vanzelf in het handelen. Ik lees een aantal verzen uit Ode aan Zazen voor:

Alle levende wezens zijn van nature Boeddha’s.
Zoals ijs van nature water is, en er zonder water geen ijs is
zo zijn er geen Boeddha’s zonder levende wezens.

Niet wetende hoe nabij de Waarheid is,
zoeken mensen die buiten zichzelf. Het is vreselijk om te zien!
Het is als degenen die het uitschreeuwen van dorst,
terwijl ze in het water liggen.
Het is als een kind van rijke ouders, dat verdwaald is onder arme mensen.

Waarom raken levende wezens de weg kwijt en
dwalen ze door de zes werelden?
Dwalen ze van schaduw naar schaduw, verstrikt in onwetendheid?
Hoe kunnen ze ooit bevrijd raken van de cyclus van geboorte – dood?

Zelfs de verdienste van een enkele keer zitten in Zazen,
wist de ontelbare misstappen uit die begaan zijn in het verleden.
Waar zijn de kronkelige paden gebleven om ons te misleiden?
Het Zuivere Land is nooit ver weg.

Degenen die luisteren naar deze Waarheid,
al is het maar even en in volle overgave,
deze bezingen en in deemoed volgen,
worden bedolven onder ontelbare verdiensten.
En…als je met je ogen naar binnen draait en
getuigt van de waarheid van je Ware-natuur– (schouwen in de ware natuur)
in de betekenis van: Ware-natuur is niet-natuur (voorbij dualiteiten)
ga je voorbij aan elk vertoog.

Jouw vorm is de vorm van geen vorm
Jouw komen en gaan is nergens anders dan waar jij bent
Je denken is het denken van niet-denken
Jouw zingen en dansen is niets anders dan de muziek van de Dharma.

Vrij en zonder grenzen strekt de hemel zich uit in samadhi!
Verfrissend en Helder, de volle maan van de Viervoudige Wijsheid!
Zeg me, nu en onmiddellijk: wat is het dat ontbreekt?
Nirvana ontvouwt zich hier onder je eigen ogen,
waar jij nu staat, daar bevindt zich het Zuivere Land.
Jij, ja jij, Boeddhalichaam.

Jouw wezen is het lichaam van de Boeddha. ‘De fonkelende edelsteen ligt in je hand’ is een bekend zen- gezegde. Het symboliseert dat je ware natuur er altijd al is. Hakuin vat het kernachtig samen. Die eerste regel “Alle levende wezens zijn van nature Boeddha’s” is geen poëtische overdrijving, maar het is een stelling, een axioma. Als we dat als ‘waar’ aannemen, dan volgt daaruit dat onze beoefening geen ‘worden’ is, maar gaat het om het ‘herkennen’ van onze ware natuur. Want we zijn al Boeddha’s en in de handeling komt de expressie van onze ware natuur vanzelf tot uitdrukking. Dat noemen we ‘wu wei’ of niet iets doen. Wu wei wordt vaak verkeerd begrepen als zou je niets moeten doen, maar dat is niet juist. Het is niet passief bedoeld, maar het is handelen vanuit je hart, dat vanzelf gaat. Het is het handelen zelf zonder innerlijke frictie, het is doen zonder denken of willen.

Wat we met onze zen beoefening doen is ons wakker maken voor onze ware natuur, voorbij verwarring, zodat we als verlichte wezens leven. Het is niet streven naar een hoger doel, nee, het is doen wat je moet doen, heel simpel. Alles is er niets ontbreekt. Je leeft helemaal in het moment, maakt geen verhalen van gedachten, je hebt geen oordelen of bent je daar direct bewust van. Je klampt je nergens aan vast en valt samen met wie je bent. Maar maak er vooral geen plaatjes van. Er is geen verleden, geen toekomst en geen heden er is alleen maar dit. Als er geen ego is of de idee van een vast zelf, is er vrede, is er volkomen aanwezigheid in heelheid. Zoals Etty Hillesum dat zei: ‘Ik rust in dat allerdiepste en rijkste in mij en ik noem dat God’. Dat is Nirvana, of Reine Land of Boeddhistisch Paradijs; wij hebben alles in huis om heel en vervuld te zijn. Het is verzinken in samadhi, volledig aanwezig in het moment, in alles wat je doet.

Door te zitten in zazen openbaart onze ware natuur zich vanzelf. Op het kussen zitten we als een Boeddha; door de dagelijkse oefening van lichaam en geest komt die werkelijkheid tot leven. Er begint iets te bewegen, niet omdat wij iets forceren, maar omdat we ruimte maken. Onze geest, onze ware natuur, is even ruim als het hele universum: zonder begin, zonder einde, grenzeloos. In ieder van ons is die schat  aanwezig, die boeddhanatuur. De weg is niet om iets nieuws te verwerven, maar om bloot te leggen wat er al is door te worden wie we ten diepste zijn.

Ode aan zazen zegt dat we van nature al goed zijn, we moeten het alleen nog herkennen en ruimte in onszelf maken om het te realiseren. Het basisprincipe van het boeddhisme gaat ervan uit dat we de boeddha natuur al in ons dragen, maar we zijn niet ontwaakt en leven in verwarring. Het staat in groot contrast met het basisprincipe van het christendom waar wij op de wereld komen met de last van de erfzonde. We zijn in oorsprong ‘zondige’ mensen en door inkeer komen we tot loutering. Dat maakt dat er veel schuldgevoel bestaat. Ton leefde een groot deel van zijn leven met een enorm schuldgevoel. Het zorgde ervoor dat hij door een hel is gegaan tot hij tot de ontdekking kwam dat ‘Niemand er uit kan vallen’. Hij was  bevrijd en hij heeft die boodschap zijn leven lang uitgedragen.

Ik besluit ik met een gedicht van Poesjkin ‘de profeet’ een tekst die dichter bij onze eigen beleving en culturele werkelijkheid staat. De profeet is een dichterlijke vertolking van een loutering van de geest. Het beschrijft een proces van transformatie naar verinnerlijking en wording tot wie we zijn. De profeet:

Ik sleepte mij voort door mijn woestijn,
mijn geest verging van dorst, maar
toen was daar een splitsing op de weg.
Daar stond ineens een engel die de weg bewaakte,
haar vingers raakten zacht alsof ik droomde mijn gezicht.
Toen kreeg ik plots de ogen van een ziener.

Ze raakte ook mijn oren aan en deed me het geruis verstaan
van engelen die opwaarts vlogen
en het geruis van trillend firmament
en van het uitbotten van loten
en van de klank van zoveel nood.

Vervolgens nam zij uit mijn mond mijn tong
die altijd had gelogen en
sneed zij uit mijn borst mijn hart
dat altijd broos was en van angst vervuld.
Zo schonk ze mij een nieuw hart zo vol van vuur.

Zo lag ik stervende daar in mijn woestijn.
Maar toen sprak zij plots tot mij:
Mijn woord, profeet, zal jou geleiden.
Rijs op, ga over land en zee, door licht en duister
om dit vuur te verspreiden en verzeng het mensenhart ermee.

Om het mysterie tot uitdrukking te kunnen brengen hoef je alleen maar ‘jij’ te zijn  en hoe meer ‘jij’ hoe meer de diepste grond van het bestaan in jou doorklinkt. Door te zijn wie je bent, help je het licht in de wereld te verspreiden. Het gaat vanzelf, zonder iets te doen, door alleen te zijn.

Literatuur:
Ton Lathouwers: Je kunt er niet uit vallen, 2020
Shibayama: A flower does not talk, 1970
Bron Maha Karuna Ch’an. Zitten in verbondenheid / 7 juni 2026.

Categorie: Boeddhisme, Columns, Zen Tags: Buber, goddelijke, Henri Nouwen, je kunt er niet uitvallen, jij, nu, ontwaken, pratitya samutpaddha, Shibayama, Ton Lathouwers, waarheid, zazen

Lees ook:

  1. Kijken door de ogen van de Boeddha
  2. Nathan – Wat is succes?
  3. Guy – dhammazaadjes- Dít moment
  4. Niemand kan eruit vallen

Elke dag het BD in je mailbox?

Elke dag sturen we je een overzicht van de nieuwste berichten op het Boeddhistisch Dagblad. Gratis.

Wanneer wil je het overzicht ontvangen?

Lees Interacties

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Door:

gastauteur

diverse schrijvers 
Alle artikelen »

Agenda

  • Agenda
  • Geef je activiteit door

Ochtend- of avondeditie

Ochtend- of avondeditie ontvangen

Abonneer je

Elke dag gratis een overzicht van de berichten op het Boeddhistisch Dagblad in je mailbox.
Inschrijven »

Agenda

  • 13 juni 2026
    Lezing Een kostbaar mensenleven door Amnyi Trulchung Rinpoche
  • 13 juni 2026
    Verkenning van perceptie (Saññā)
  • 14 juni 2026
    Big Mind Workshop
  • 18 juni 2026
    Het gezicht van de Ander
  • 18 juni 2026
    Zen Spirit Leesgroep 2026 22 januari t/m 17 december 2026 online
  • 19 juni 2026
    Studieweekend: Eight Verses for Training the Mind
  • 20 juni 2026
    Nāma-Rūpa en het eerste Vipassana-inzicht
  • 23 juni 2026
    Stadsretraite Amsterdam: Thuis, wat is er loos?
  • bekijk de agenda
  • De werkplaats

    De werkplaats.

    Boeddhistische kunstenaars

    Artikelen en beschrijvingen van en over het werk van boeddhistische kunstenaars. Lezers/kunstenaars kunnen zich ook aanmelden met hun eigen werk.
    lees meer »

    Pakhuis van Verlangen

    In het Boeddhistisch pakhuis van verlangen blijven sommige teksten nog een tijdje op de leestafel liggen.

    De Poortloze Poort voor nitwits, koan 9 – De boeddha die vergeefs mediteerde

    Hans van Dam - 7 juni 2026

    De weg kwijt op zoek naar de hoogste waarheid.

    Boeddhistische doeners en denkers – de serie (29)

    gastauteur - 17 mei 2026

    Arjan Mulder: 'Het boeddhisme is voor mij een persoonlijke tocht. Ik weet dat dit niet wordt aangeraden, maar ik kan niet zo veel met bijeenkomsten. De meditatie-ochtenden en weekend-retraites die ik heb bezocht, leverden mij vooral 'ongeloof op – over starre interpretaties en rituelen, met weinig ruimte voor gesprek.'

    Boeddhistische doeners en denkers – de serie (27)

    gastauteur - 15 mei 2026

    Loekie: 'Ik ben ook heel dankbaar dat dit op mijn pad is gekomen. Dat het voor mij als leek mogelijk is om met een groep van 60 mensen tien dagen op de Drentse hei samen te mediteren en te leren over het boeddhisme, dat is echt heel bijzonder.’

    Taigu – Het lijden in de wereld

    Jules Prast - 24 april 2026

    Het komt Taigu voor dat boeddhisme te vaak gaat over ‘verlichting’ en te weinig over het lijden in de wereld, dat eerst moet worden opgelost voordat iemand zich in spirituele zin bevrijd kan wanen. Het existentiële kerndilemma van boeddhisme is dat wij ieder delen in de rotheid van de wereld, terwijl wij over het vermogen beschikken onze bevrijding dichterbij te brengen door het lijden van de ander te verminderen. In sommige teksten wordt dit vermogen ‘boeddhanatuur’ genoemd.

    BUN-voorzitter Michael Ritman: ‘de waarheid van de dharma kan niet aangetast worden door wangedrag van een leraar’

    Nicole Mulders - 14 november 2025

    Eind november 2025 neemt Michael Ritman afscheid als voorzitter van de Boeddhistische Unie Nederland (BUN). In maart 2020 interviewde Nicole Mulders hem voor het Boeddhistisch Dagblad. De boeddhistische wereld verkeerde geruime tijd voor dat interview in zwaar weer door seksueel- en machtsmisbruik door boeddhistische leraren. Het aantal leden van de BUN is van 37 naar ruim 50 gegroeid, onder meer door de aansluiting van Aziatische boeddhistische tempels waar Ritman het contact mee aanging.

    Meer onder 'pakhuis van verlangen'

    Footer

    Boeddhistisch Dagblad

    over ons

    Recente berichten

    • De fonkelende edelsteen in je hand
    • Boeddhistische doeners en denkers – de serie (53)
    • Waarom een agnost best kan stemmen
    • Het zijperron
    • Boeken – Wij Europeanen

    Reageren

    We vinden het geweldig om reacties op berichten te krijgen en op die manier in contact te komen met lezers, maar wat staan we wel en niet toe op de site?

    Over het BD

    Het Boeddhistisch Dagblad is een onafhankelijk journalistiek webmagazine over boeddhistische thema’s en inzichten.
    Lees ons colofon.

    Zie ook

    • Contact
    • Over ons
    • Columns
    • Reageren op de krantensite

    Het Boeddhistisch Dagblad is een onafhankelijk journalistiek webmagazine over boeddhistische thema’s en inzichten. Lees ons colofon.