Rob Preece.

De Britse psychotherapeut Rob Preece, specialist in het raakvlak tussen het Tibetaans boeddhisme en Jungiaanse psychologie, spreekt zich in een artikel in Lion’s Roar uit over de relatie student en boeddhistisch leraar. Daar is momenteel veel over te doen, zoals de beschuldigingen van misbruik tegen Sogyal Lakar. Preece schetst zijn eigen ervaringen vanaf 1973, toen hij zich te midden van een groep jonge westerlingen in een meditatieruimte in een klein Tibetaans boeddhistisch klooster in de buurt van Kathmandu, Nepal, bevond. Preece werd meteen geboeid door de aanwezigheid en speelse humor van de boeddhistische leraar. Hij beschouwde deze man als essentieel in zijn geestelijk leven. Hij werd zijn goeroe.

Deze tekst is een samenvatting van het artikel van Preece. Zoals zoveel westerlingen voelde Preece zich in die jaren enigszins spiritueel verloren en emotioneel zeer gewond. Hij geloofde en vertrouwde dat deze Tibetaanse lama betekenis en richting in zijn leven zou geven, zodat zijn gevoel van eigenwaarde zou toenemen. Hij beschrijft zijn relatie met zijn goeroe als een enorme emotionele investering. Verwant aan verliefd worden, een romantische kijk op de situatie wat betreft de kwaliteiten van de leraar.

Wanneer hij een Jungiaanse psychologische visie op deze relatie toepast, ziet Preece dat hij zijn eigen beeld van een hoger zelf op deze leraar projecteerde. Hem de rol toebedeeld van de ideale ouder waarnaar hij zo innig verlangde. Preece wisselde zijn eigen persoonlijkheid -autoriteit en kennis- in. Zijn onderworpenheid –en verblinding- werd ook gevoed door de boeddhistische leer, om de goeroe als een Boeddha te zien, een perfect wezen. In zijn idealisme werd hij verblind om het menselijk feilen van zijn leraar te zien. ‘Ik kreeg zelfs te horen dat het noemen van gebreken van de goeroe of het bekritiseren van hem, tot vreselijke lijden leiden zou. Achteraf zie ik hoe ik vast zat in de val van een geloofssysteem.’

Het gevaar van een geïdealiseerde toewijding aan een leraar is dat we vertrouwen dat hij of zij volledig integer zal zijn en geen persoonlijke agenda heeft. Ik ben gelukkig dat dit bij de meeste van mijn eigen leraren daadwerkelijk het geval is geweest. Maar wat gebeurt er als we ontdekken dat de leraar menselijk is, problemen, gebreken, en/of behoeften heeft? Zien we dat als crazy wisdom, hij is immers een Boeddha. Of zetten we die gevoelens aan de kant.

In de veertig jaar dat ik actief ben in de boeddhistische wereld, is het duidelijk geworden dat, hoewel er enkele buitengewone integere leraren zijn, leraren zelden of nooit onberispelijk zijn. Zij kunnen buitengewone diepten van inzicht hebben, maar ook fouten maken en zich soms slecht gedragen. Als psychotherapeut zou ik nog verder gaan en zelfs suggereren dat een paar van hen daadwerkelijk aanzienlijke psychologische problemen hebben. De verheven, bijna goddelijke status van bepaalde leraren als vleesgeworden lama’s, en de manier waarop, kan zelfs egocentrisch of narcistisch genoemd worden. Dit kan soms leiden tot het pesten en zelfs wreed en beledigend gedrag van studenten. Het gaat dan niet aan om dit te negeren of gewoon mee om te gaan of te zeggen te zeggen: ‘het is mijn onwetendheid; de leraar is perfect.’

Deze dynamiek kan leiden tot een soort masochistisch intoxicatie van het misbruik gedrag door een leraar, dit te rechtvaardigen als iets dat deel uit maakt van zijn of haar pad. Ik ben soms geschokt als ik studenten hoor beschrijven hoe zij de kritiek, het pesten, de manier waarop zij worden behandeld wordt beschouwd als een noodzakelijk onderdeel van de vernietiging van het ego. Dit weerspiegelt zo vaak het narcisme van de leraar in plaats van het leiden (naar verlichting).

Helaas, onvoorwaardelijke toewijding aan leraren bestaat. De meerderheid van de leraren is integer, er zijn er een paar die zich niet zo gedragen, niet vakkundig zijn en waarvan hun studenten uiterst kwetsbaar zijn en door hen worden misbruikt. Daarom is het noodzakelijk dat we wakker worden en niet worden verleid door charismatische leraren en onze eigen behoefte te idealiseren. In onze toewijding aan een leraar kunnen wij een sterk gevoel van respect, waardering, en inderdaad houden van hebben, maar niet op een manier die ze onfeilbaar maakt.

Wij moeten onderscheidingsvermogen (koesteren) dat herkent wanneer dingen niet aanvaardbaar zijn. Als dat tot ontgoocheling leidt, moet dat maar. In ieder geval zal dat leiden tot een realistischer en echte relatie.

Misschien wel de meest cruciale kwestie die zich in relatie met een leraar voordoet is de mogelijkheid van het overschrijden van grenzen. Ik heb in mijn werk als therapeut en mentor van studenten ondervonden dat er geen kritiek op een leraar mogelijk was en zij niemand in hun gemeenschap hebben om daarover te praten. Of dat de gemeenschap het niet wil weten.

Onze leraren moeten duidelijke grenzen stellen rond hun emotionele en fysieke gedrag, zodat het niet schadelijk is voor studenten. Soms kunnen leraren die uit het Oosten afkomstig, uit de Thaise, Japanse of Tibetaanse cultuur zijn, niet begrijpen hoe hun gedrag in het Westen overkomt. Ze zijn dan hier aangewezen op hun persoonlijke integriteit. Als die ontbreekt kan dat leiden tot een eigen regelgeving: een leraar wordt een almachtig ouder wiens behoeften en wensen voorop staan.

Door de jaren heen is het een voorrecht geweest om te worden onderwezen door enkele buitengewone Tibetaanse lama’s en om te oefenen wat ze mij hebben gegeven. Zij zijn de houders van een van de meest diepgaande paden naar wijsheid die ooit heeft bestaan. Zij hebben dit naar het Westen gebracht, in de hoop dat we kunnen profiteren van hun kennis en dat zelf kunnen ervaren.

Ik begin ook te erkennen dat we meer verantwoordelijkheid moeten nemen voor onze rol in de integratie van het boeddhisme in het Westen. Dit betekent ook het nemen van meer verantwoordelijkheid in onze relatie tot onze leraren. Wij kunnen onze leerkrachten vertrouwen en onze toewijding uitspreken naar hen, maar als het mis gaat, dan is het aan ons studenten verantwoordelijkheid te nemen hoe wij reageren. Ethisch en verantwoordelijk daar mee om te gaan als onze leraren dat niet doen.

Bron Lion’s Roar. Omslagfoto Pixabay. Foto Preece, eigen foto BD.

 

 

 

 

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

14 reacties op Rob Preece – eigen verantwoordelijkheid nemen in onze relatie met leraren

  1. G.J. Smeets schreef:

    Respect, vertrouwen en evt. toewijding jegens een leraar – Rob Preece wijst er terecht op. Het zijn de normale stemmingen jegens iemand die veel meer verstand van zaken heeft c.q. ervaring heeft met hetgeen je zelf wilt leren.

    Maar hier gaat het toch echt om iets anders. Het gaat om voetstukken. Met name in de tantrische versie van het boeddhisme en dan vooral in de Tibetaanse variant daarvan staat de leraar (lama) *doctrinair* op een voetstuk. Dat wil zeggen: de doctrine stelt dat de leraar het equivalent is van Boeddha. In dit interview met Drukchen Rinpoche uit 1997 http://www.rigpawiki.org/index.php?title=%27The_Guru_Question%27 kun je lezen hoe hij zich in tantrische bochten wringt om vast te houden aan dit tantrische idee.
    In de zen versies van het boeddhisme ontbreekt de doctrinaire rationalisering van het voetstuk van de leraar maar voetstuk is en blijft het waarop hij staat: lineage, transmission. Theravada idem.

    In bovenstaand stuk stelt Rob Preece:
    “Misschien wel de meest cruciale kwestie die zich in relatie met een leraar voordoet is de mogelijkheid van het overschrijden van grenzen.”
    Nee. De meest cruciale kwestie is dat die relatie is ingebed in een religieuze c.q. sektarische institutie. Waar Preece opmerkt dat men “…meer verantwoordelijkheid neemt in de relatie tot leraren” kan ik me daar volledig bij aansluiten. Maar hij laat weg waar het om gaat: een beetje leraar weigert voetstuk. Lesgeven is dhana, belangeloos geven.

    • Siebe schreef:

      Ik vind de Pali sutta’s heel duidelijk overbrengen dat het niet zozeer draait om alleen maar het zien of ontmoeten van je ware-zelf of de ongeboren Boeddha, (wat ik persoonlijk zie als een equivalent van ‘de dhamma zien’. Nee, het gaat daarom, maar ook vooral om wat daarna met jezelf gebeurt.

      Welk effect heeft dit op je? Nemen neigingen van afkeer/haat/agressie/vijandigheid/ongeduld, voorkeur/hebzucht/obsessie/verslaving/gehechtheid en eigenwaan/ego-geloof/begoocheling wel af bij jezelf of nemen ze misschien zelfs toe? Daar gaat het vooral om.

      Wat mij betreft geven de Pali sutta’s dus ook aan dat je daadwerkelijke realisatie eigenlijk niet los kunt zien van iemands karakter, van iemands neigingen, van iemands conditioneringen.

      Je hoort/leest wel eens dat je het karakter van een leraar maar wat moet negeren, maar ik denk toch dat het nog altijd zo is dat juist die verzameling neigingen heel veel zegt over de daadwerkelijke verwerking en integratie van de leer en lessen.

      De Pali sutta’s laten dit duidelijk niet los. Realisatie en karakter/neigingen zijn aan elkaar gekoppeld. Het bestaat niet dat een volledig verlichte nog lustvol is, haatvol is, ongeduldig, hebzuchtig, vol eigenwaan.

      Zo wordt ook de realisatie van Nibbana heel concreet beschreven als de volledige en definitieve beëindiging van alle bezoedelingen, asava’s, bij jezelf. Het wordt niet beschreven als de kennis van het ware zelf of van Bewust Zijn of van de Boeddha-Natuur of van de Dhamma.

      groet,

  2. Gerben schreef:

    Rob Preece schrijft: “In de veertig jaar dat ik actief ben in de boeddhistische wereld, is het duidelijk geworden dat, hoewel er enkele buitengewone integere leraren zijn, leraren zelden of nooit onberispelijk zijn. Zij kunnen buitengewone diepten van inzicht hebben, maar ook fouten maken en zich soms slecht gedragen.”

    Dat is de kern van het hele leraarschap. Goede leraren hebben inderdaad diepe inzichten in de werking van de geest. Wat er vervolgens mis gaat is dat leerlingen impliciet denken of geloven dat ze daardoor ook automatisch ‘een perfect leven leiden’ en nooit fouten maken. In werkelijkheid staan die twee echter volstrekt los van elkaar. Daarom sprak de Boeddha ook over wijsheid/concentratie EN ethiek als twee losse, maar even belangrijke pijlers van de beoefening. In de praktijk gaan die vaak gelijk op. Met het groeien van de inzichten wordt het vaak steeds moeilijker om ons onethisch te gedragen. Maar dat is GEEN garantie. Er zijn verlichte meesters die zich als heiligen gedragen. Er zitten ook rotzakken bij. De beste werkhypothese is om die twee paden ook echt los van elkaar te zien. Ik zou graag zien dat Westerse leraren dat ook zo zouden onderwijzen. Dat zou een veel realistischer beeld van wat de dhamma wel en niet brengt opleveren. En een hoop ellende voorkomen.

    @Goff Smeets:

    “……Het zijn de normale stemmingen jegens iemand die veel meer verstand van zaken heeft c.q. ervaring heeft met hetgeen je zelf wilt leren.”

    Probleem hierbij is dat er niet bij gezegd wordt wat leraren kunnen leren en wat leerlingen willen leren. Een leraar kan diepe inzichten in de werking van de geest hebben: actie en reactie, voorwaardelijk ontstaan, concentratie jhanas, stadia van inzichten of zelfs Nibbana. Als iemand dat wil leren, dan is het zeer ondersteunend om een goede leraar te zoeken die daar veel verstand van heeft. Wil iemand leren een ‘perfect te leven’ dan is dat bij niemand te leren.

    Ik heb veel van leraren geleerd en doe dat nog steeds op onderdelen. Maar er zijn heel veel terreinen waar ik beter in ben dan mijn leraren. Economie, financiën, bouwkunde, motorrijden, aan auto’s sleutelen, barbecueën, computers, tropische vissen in een aquarium, de computer, de wasmachine, allemaal terreinen waar ik het met leraren over gehad heb en waar ik doorgaans veel meer verstand van had dan zij.

    We moeten vooral niet vergeten dat de diepe inzichten van leraren, als ze ze al hebben, slechts een heel beperkt deel van het leven bestrijken. Uiterst nuttig en belangrijk, maar zeker ook beperkt.

  3. Ramo de Boer schreef:

    De Ontwaakte Sociopaat.
    Een kort stukje in deze video (wat je ook direct kunt aanklikken, goede service) over the ‘Awakened Sociopath’: het fenomeen waarbij iemand (meestal een leraar) wel een hogere staat van bewustzijn heeft gerealiseerd, maar in de ontwikkeling van structuren van bewustzijn is achtergebleven. Ofwel, spirituele realisatie is geen enkele garantie voor psychologische, emotionele en sociale ‘realisatie.’ De misvatting dat dit causale verband wel zou bestaan maakt leerlingen van deze ‘leraren’ vatbaar voor allerlei vormen van (machts)misbruik.
    Zie ook Ken Wilber’s laatste boek ‘The Religion of Tomorrow’ waar hij zeer uitgebreid ingaat op de verschillen en relatie tussen structuren (opgroeien) en staten (ontwaken)van bewustzijn.
    http://meaningoflife.tv/videos/38840?in=30%3A05&out=37%3A20

    • G.J. Smeets schreef:

      Dank voor de info.
      Een paralel van het ‘ontwaakte sociopaat’-fenomeen is de ontwaakte autist. Sociopaten zijn manipulators die gedijen in missionering. Autisten gedijen in de zelfgenoegzame luwte van de meditatie-grot. Ik waag de hypothese dat evidente aberraties in de scholen van het boeddhisme langs beide lijnen zijn te traceren.

  4. Gerben schreef:

    Hoi Ramon,

    Wat leuk dat je een interview met Daniel Ingram aanhaalt, één van mijn favourite leraren. Zijn boek ‘Mastering the Core Teachings of the Boeddha’ is een ‘must read’ voor iedereen die geïnteresseerd is in wat verlichting wel, maar vooral niet inhoudt. Een ontnuchtering voor iedereen met ideaalbeelden over perfecte emotionele intelligentie, het niet meer opkomen van (vooral lastige) gedachten, allesomvattende liefde en mededogen, perfect sociaal wenselijk gedrag enzovoort.

    https://static.squarespace.com/static/5037f52d84ae1e87f694cfda/t/5055915f84aedaeee9181119/1347785055665/

    Lees vooral het hoofdstuk over ‘Models of the Stages of Enlightment’, waarin zowel de sterke punten maar vooral de vele tekortkomingen van de verlichtingsmodellen van Therevada, Zen, en Tibetaans Boeddhisme aan bod komen.

    Hoewel Ingram nogal uitgesproken Therevadin is, is het dus ook zeker de moeite waard voor Zen beoefenaars en Tibetaans Boeddhisten en op dit moment gedesillusioneerde mensen uit de Rigpa stroming.

    Geen ‘standaard boeddhisme’, maar dat is nou juist het punt. Siebe, ook de Pali Canon bevat heel wat pertinente onzin over verlichting! Het vereist echter de nodige inzicht in de dhamma om daar achter te komen. En moed want het is zeker geen populaire opvatting in Boeddhistisch Nederland.

    Ook interessant voor deze discussie, Bill Hamilton’s Saints and Psychopaths:

    http://www.buddhistische-gesellschaft-berlin.de/downloads/saints-and-psychopaths.pdf

    Met een handige checklist op pagina 18 om Saints van Psychopaths te onderscheiden :-)

    Skip de paragraven die over Bill’s eigen leven gaan. Hij had, ondanks zijn diepe inzichten, de destructieve gewoonte om veel met Psychopaths om te gaan. Los van die hoofdstukken; ‘higly recommended’.

    Tot slot, meer traditioneel en dus minder expliciet, maar zeker ook nuttig in deze discussie, de volgende boeken van Jack Kornfield:

    – A path with Heart.
    – After the extacy, the laundry.

    Indrukwekkend hoe Kornfield vele grote verlichte meesters heeft geïnterviewd in verschillende tradities en culturen over hun houding ten aanzien van sex, geld, macht en de wereld. Conclusie: voor sommigen geen enkel probleem om zich sociaal wenselijk te gedragen en zich aan de Boeddhistische leefregels te houden. Voor anderen is het een ‘big deal’ en een levenslange worsteling met veel misstappen.

    • Siebe schreef:

      Hallo Gerben,

      Ik vind in zijn algemeenheid dat je zelf niet moet gaan verzinnen wat (volledige) verlichting is.
      Het is beter hierbij, vind ik, te vertrouwen op wat overgeleverd wordt. De Pali sutta’s lijkt me tot nu toe een vertrouwenwekkende overlevering.

      Wat ik er in ieder geval vertrouwenwekkend aan vind is dat het praktisch blijft. Alle inzichten die je opdoet, ervaringen van jhana, de beëindiging van waarneming & gevoel, Nibbana, mystieke ervaringen, zegeningen, opliftende vreugde, liefde, levitatie, wat je dan ook ervaart, is allemaal prachtig, maar uiteindelijk gaat het er om of geest daadwerkelijk veredelt en bevrijdt.

      Als ik gewoon een rotzak blijf, een ijdel figuur, snel boos, zelfzuchtig, hebzuchtig, trots, etc. dan mag de ervaring of het inzicht nog zo bijzonder zijn geweest, met volledige verlichting en de realisatie van Nibbana heeft het niks te maken.

      Het gaat er eigenlijk om hoe je alles persoonlijk verwerkt. Word je een heilige door al die inzichten en ervaringen en openbaringen of eerder een demon? Beide kan.

      groet,

      • G.J. Smeets schreef:

        Siebe,
        “Ik vind in zijn algemeenheid dat je zelf niet moet gaan verzinnen wat (volledige) verlichting is.”
        Vraagje: wie moet het anders verzinnen dan de meditator zelf?

        Je zegt over de rotzak: “…met volledige verlichting en de realisatie van Nibbana heeft het niks te maken.”
        Hoe weet jij wat realisatie van Nibbana is? Je gaat me toch niet vertellen, beste Siebe, dat je de Pali sutta’s op hun blauwe ogen geloofd? In die sutta’s staat trouwens overduidelijk dat je het zelf moet uitvinden en beter niet kunt vertrouwen op iemands blauwe ogen. En dan besta jij het hier om te zeggen dat je vertrouwt op de sutta’s.

        • Siebe schreef:

          Hallo G.J.,

          Heel wat mensen hebben een indringende ervaring of openbaring en vragen zich dan af, was dit nou wat boeddhisten bedoelen met verlichting of de realisatie van Nibbana?

          Het is denk ik goed dan te weten wat via de Pali sutta’s wordt overgeleverd, al is het alleen maar ter orientatie. Van mij hoeven die mensen dat ook niet te geloven, maar je op de hoogte stellen is normaal toch?

          Nou wat wordt overgeleverd via de Pali suttas?

          Volledige verlichting of de realisatie van Nibbana, gaat niet zozeer over een uniek krachtig moment van zien, of een bepaald soort incidentele ervaring of openbaring. Het gaat ook om het effect ervan op jezelf. Je kan altijd nog meer eigenwaan krijgen, bijvoorbeeld, of je verlangen naar zulke ervaringen kan heel erg sterk worden.

          Het is dus niet gezegd dat krachtige openbaringen, heldere momenten van zien, mystiek, wat je dan ook ziet of ervaart, of dat echt lobha, dosa en moha oplost en je eigen lijden beeindigd en daar gaat het bij volledige verlichting en de realisatie van Nibbana om.

          Ja, de Pali sutta’s maken werkelijk glashelder dat vrucht/realisatie altijd gekoppeld is aan het merkbaar afnemen of beeindigen van onheilzame neigingen bij jezelf.

          Begrip van de Dhamma is ook gekoppeld aan de mate waarin je nog bezoedeld gedrag vertoont.
          Anders gezegd, als je de Dhamma werkelijk begrijpt ben je vrij van alle lust, haat, ergernis en elk spoortje eigenwaan en zelfzuchtigheid.

          Jij (en Gerben) zullen het wel naief vinden dat ik dit geloof maar dat is dan maar zo. Zelf gaan bepalen wat de realisatie van Nibbana is vind ik zo ijdel.

          groet,

          • G.J. Smeets schreef:

            “…maar je op de hoogte stellen is normaal toch?”

            Dacht je werkelijk, Siebe, dat ik niet op de hoogte ben?

            “…als je de Dhamma werkelijk begrijpt ben je vrij van alle lust, haat, ergernis en elk spoortje eigenwaan en zelfzuchtigheid. Jij (en Gerben) zullen het wel naief vinden dat ik dit geloof maar dat is dan maar zo. “

            Je zegt het zelf: dat is jouw acte van geloof. Of dat naïef is daar ga ik niet over, dat bepaal je zelf maar.
            Waar ik over ga is dat een geloofsacte niet past in deze redelijke gedachtewisseling over pathologisch gedrag van leraren. En waar ik ook over ga is dat *voortdurende herhaling* van die geloofsacte niks anders dan misplaatst missioneren is.

            Kortom, ik ben al heel lang op de hoogte van wat De Boeken zeggen, daar heb ik geen missionaris voor nodig. En ik vind het regelrecht trollen dat je ongevraagd missioneert. Ongevraagd missioneert? Ja, ongevraagd missioneert. Lees het maar effe na: ik opende dit draadje met wat m.i. ontbreekt in het stuk van Preece over de relatie leraar / leerling, namelijk dat lesgeven dhana is, belangeloos geven. En hup jij springt erop met je stokpaardje, je geloof [dat is je eigen term] in ‘nibbana’-volgens-De Boeken. Het is totaal niet relevant maar kennelijk zie jij dat niet. Of je beseft het wel maar het kan je niks schelen. Ik zie het wel en het kan me schelen. Waarvan acte.

  5. Gerben schreef:

    Smeets zegt: “Sociopaten zijn manipulators die gedijen in missionering. Autisten gedijen in de zelfgenoegzame luwte van de meditatie-grot.”

    Zo zwart wit is het nou ook weer niet. Er zijn ook veel oprecht goede dharmaleraren die uit hun grot stappen met het doel de dharma te onderwijzen. En waarbij de kans zeer, zeer klein is dat je schade ondervindt van hun negatieve karaktertrekken. Gelukkig ook in Nederland!

    • G.J. Smeets schreef:

      Gerben,
      Ik maak geen zwart / wit. Ik zeg enkel dat sociopaten *gedijen* in missionering, reclame maken. En dat autisten *gedijen* in luwte, low key. Dat sluit dus niet uit dat ook sociopaten in de grot zitten, en dat ook auitisten reclame maken.

  6. Gerben schreef:

    Er zijn niet verlichte mensen die een heilig leven leiden wat een voorbeeld voor velen is. Er zijn verlichte rotzakken die beslist geen heilig leven leiden. De correlatie tussen inzicht en ethisch gedrag is nou eenmaal zwakker dan veel leraren en pali teksten hem weergeven. Dat is nou juist het punt van deze discussie. Maar voor velen is dat moeilijk te accepteren.

    Gelukkig zijn er ook verlichte meesters die wel een “heilig leven” leven, een verademing om in hun aanwezigheid te verblijven.

    • Siebe schreef:

      Gerben , waarom denk jij dat er verlichte rotzakken bestaan? Het laat me niet los dat jij zo denkt en dit openbaar maakt. Zo’n visie zet toch de deur wagenwijd open naar wantoestanden? Zie je niet hoe gevaarlijk die visie is?

      Ik vind ook dat iedereen moet weten dat die visie ook niet ondersteund wordt door de overlevering van de Pali sutta’s. Iemand moet zelf maar weten wat dit voor hem/haar betekent maar het lijkt me goed om te zeggen.

      Werkelijk begrip van de Dhamma leidt tot de beëindiging van alle bezoedelingen. Het bestaat niet dat iemand werkelijk begrip van de Dhamma heeft en nog allerlei nare trekken heeft.

      Iemand die claimt kennis van de Dhamma te hebben en zogenaamd gevorderd is, ontwikkeld is, maar ondertussen gewoon beheerst wordt door lust, haat en begoocheling is als een arme die zich rijk waant (AN10.24).

      Het staat iedereen natuurlijk vrij anderen te bewonderen, idealiseren, een leraar met zelfs slechte trekken op een voetstuk te plaatsen, zelfs diens ongeduld, irritatie, meedogenloosheid, etc. allemaal te zien als tekenen van diens grootsheid, maar volgens mij heeft dat niks te maken met honger en liefde voor de Dhamma.

      groet,

Menu