good morning winter
Guy – dhammazaadjes – Pure Dhamma
Pure Dhamma laat zich niet inperken door rituelen, door religieuze praktijken, door hiërarchie, door structuren.
Renske – haiku – wolf
…
Ardan – Bo = bo
…
Henk – Dzogchen, een staat van zijn
Dzogchen is de werkelijke, natuurlijke staat van zijn, die iedereen al bezit en die alleen nog maar ontdekt hoeft te worden, een staat voorbij alle concepten.
Eer is iets dat niet bestaat en daarom steeds verdedigd moet worden
Vierenveertig erewoorden voor eerzuchtigen.
Dagopening
good morning winter
Sodis – de virtuele denkster 568
…
HUM – expo The Symbol of Enlightenment
De titel HUM verwijst naar de Sanskriet zaadlettergreep हूं, een kernbegrip binnen de Tibetaans boeddhistische traditie. HUM staat voor de eenheid van lichaam, geest en wijsheid en voor innerlijke afstemming. Verlichting wordt hier niet benaderd als een eindpunt, maar als een voortdurende kwaliteit van bewustzijn. Een steeds opnieuw terugkeren naar aanwezigheid.
B’eter: minivlaai in een handomdraai
Wij hebben de gewoonte om op zondag gezellig koffie te drinken met iets lekkers erbij, gekocht of zelfgemaakt. Soms denk ik eraan om op zaterdag iets lekkers voor bij de koffie in huis te halen, soms ook niet. Soms heb ik teveel andere boodschappen te sjouwen – ik doe mijn weekendboodschappen eigenlijk altijd lopend, en kan dan slechts twee niet al te zware tassen dragen. Dan is gebak een sluitstuk: niet urgent. Soms kan ik niets plantaardigs bedenken en zie in de winkel alleen gebak met slagroom en dergelijke.
Gesprekjes: Stukkies
“Jij schrijft toch af en toe wat in een soort van internet-krant?” vraagt mijn overbuurman. “Het Boeddhistisch Nieuwsblad toch?”
“Boeddhistisch Dagblad,” corrigeer ik “en het is geen soort van … het is een dagelijks op internet verschijnende krant. Ja, daar lever ik regelmatig bijdragen aan. Hoezo?”
Henk – Vergankelijkheid
Adriaen Valerius schreef een lied, genaamd ‘Die winter is verganghen,’ Adriaen zelf is trouwens ook al lang verganghen.
Maar de symboliek wordt wel heel mooi neergezet in regel twee: ‘Ic sie des meienschijn.’
Het éne gaat, het andere komt.










