Soms kan ik me heel opstandig voelen. Ik wil gewoon niet dood. Ik wil genieten van wat er is, van wat er wel is.
Zen
Dick – Woorden
Voor je het weet, zijn woorden geen voertuig meer voor een vrije onbelemmerde expressie, maar gebeurt het omgekeerde. Je zit gevangen in het raamloze instituut waarin woorden makkelijk ontaarden. Dan zijn woorden begrenzers, fuiken, die niet openen, maar doden.
‘Maar het is niet genoeg’
Wat maakt dat we de zenweg gaan en hoe vind je die weg? Bij iedereen verloopt dat proces anders. Er zijn mensen die geluk hebben en de weg al vrij vroeg in hun leven vinden, anderen zijn jaren zoekende. Bij mij heeft het lang geduurd! En als je de weg gevonden hebt, hoe ga je dan om met de valkuilen en paradoxen die onherroepelijk opdoemen. Hoe blijf je zitten met een beginnersmind? Tussen de regels door vertel ik hoe het mij is vergaan.
Dick – De beweging van het gemoed
Zo zaten destijds ook twee monniken te knikkebollen op de waranda van de zendo en eentje van hen wordt opeens geraakt door het wapperen van een vlag. Hij wijst de ander op de vlag en zegt: moet je zien hoe die beweegt. De ander zegt: die vlag beweegt niet, maar de wind beweegt. Ze schieten samen meteen in een conceptueel gekissebis van welles nietes, kip en ei.
Dick – Hoeders van de aarde
Als de bodhisattvagelofte stelt dat we alle levende wezens willen bevrijden, de oorzaak van het lijden weg willen nemen, alle dharma’s willen verstaan en daarmee doorgaan tot het gaatje, hoe kan je dat dan opvatten? In mijn ogen betekent dit dat we de hoeder van de aarde willen zijn.
Dick – drie maal scheepsrecht
Het idee dat boeddhistisch iets heel speciaals is, valt makkelijk te relativeren. Allerlei oudhollandse gezegden zijn in een handomdraai om te zetten in boeddhistische wijsheden. In korte tijd had ik er 28 bij elkaar.
Theo – Voorbij woorden?
Waarom blijf ik steken in woorden die me als drijfzand meezuigen steeds verder mijn hoofd in?
Zen is zacht blijven
Ik herinner me dat ik een of ander een lulverhaal ophing over boeddhisme, verschillende varianten en dus, moeilijk, moeilijk, moeilijk…
Ardan, van zenleraar tot brugwachter – ‘Je opent de brug en je sluit ‘m weer. Bijna zen.’
‘Ik wil mezelf niet opzadelen met titels. En bovendien zei me de titel ‘zenleraar’ niet zoveel. Was ik nu anders geworden? Kon ik nu beter mensen begeleiden dan daarvoor? Het klopte voor mij niet. Datgene wat mij het meest gebracht had, namelijk die vrije vrouw/man zonder titel liep nu met een titel rond. En dat beviel me niks.’
Geen dood, geen vrees (29) – terugkeer
Op het moment dat ik sterf,
zal ik proberen naar je terug te komen
zo snel als ik kan.
Geen dood, geen vrees (28) – Identiteit
Op het moment van sterven verliezen we niet alleen alles wat we bezitten, maar ook onze volledige identiteit. De reden waarom we bang zijn voor de dood, is dat we onszelf identificeren met deze wereld, dit lichaam, ons bezit, onze status, en onze familie.
Geen dood, geen vrees (23) – Dood
Bij ons thuis ligt Minie sinds haar inslapen in een kaasdoek in een mandje. Ik praat met haar, aai haar en bedank haar voor alles wat we samen hebben meegemaakt. Voor haar aanwezigheid in de tijden dat ik het moeilijk had, voor haar rust en voor de gekke capriolen die ze uithaalde.






