Die journalistenstand, ik had er lak aan. Het was een roerige tijd, in die jaren zeventig. De meeste journalisten wisten niet dat er mensen in oude wijken woonden.
Joop Hoek
De totale zonsverduistering van Abel Konijn
Het was zelfs een beetje angstig, zouden de krachten in de natuur zich weer herstellen?
Ik ben Charlie, een eind aan de vrijheid van meningsuiting
Het staat haaks op wat de journalisten en cartoonisten van het blad voor ogen hadden/hebben. Charlie Hebdo was juist niet een norm maar blonk uit door verscheidenheid omdat niemand heilig was voor het potlood en de pen van het blad.
Mensen creperen in pakhuizen, zorginstellingen genoemd
Het Boeddhistisch Dagblad gaat zich bemoeien met de afnemende zorg in Nederland en de steeds stijgende premies. En de belangen van verzekerden.
Vergeef me dat ik je pijn heb gedaan
Monniken in de sangha waar ik toen lid van was, waarschuwden mij dat ik als jonge boeddhistische terriër van het pad zou geraken, gek kon worden, als ik met die enorme zuiveringsoefening door zou gaan.
‘Er wordt niet meer aan me getrokken in mijn eigen bardo’
Het ene bericht had nog meer impact op mij dan het andere. Het beukte op me neer, al die ellende, al dat lijden, het grote verdriet.
Vrijdag de Dertiende
Ook al geloof je er niet in, en ben je voor de duivel niet bang: Uitkijken!
Liever dood dan slaaf
Klokkenluiders zouden nooit vervolgd mogen worden, maar recht moeten hebben op ons respect en amnestie.
‘Afvallige meditatoren naar een strafkamp’
Ze worden bewaakt door vanuit Engeland overgevlogen boeddhistische politiemensen en zwaar aan de tand gevoeld.
En nu aan de slag…
Ik voel me helemaal geen uitgever, maar veel mensen zien mij zo. Of ze noemen mij hoofdredacteur, of oprichter. Het is een oefening in nederigheid.









