• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst

Boeddhistisch Dagblad

Ontwart en ontwikkelt

Header Rechts

Vijftiende jaargang

Zoek op deze site

  • Home
  • Agenda
    • Geef je activiteit door
  • Columns
    • Andre Baets
    • Dharmapelgrim
    • Bertjan Oosterbeek
    • Dick Verstegen
    • Edel Maex
    • Emmaho
    • Goff Smeets
    • Hans van Dam
    • Jana Verboom
    • Joop Hoek
    • Jules Prast
    • Paul de Blot
    • Rob van Boven en Luuk Mur
    • Ronald Hermsen
    • Theo Niessen
    • Xavier Vandeputte
    • Zeshin van der Plas
  • Nieuws
  • Contact
    • Steun het BD
    • Mailinglijst
  • Series
    • Boeddha in de Linie
    • De werkplaats
    • Recepten
    • De Linji Lu
    • De Poortloze Poort
    • Denkers en doeners
    • De Oude Cheng
    • Meester Tja en de Tao van Niet-Weten – alle links
    • Fabels door Goff
    • Cartoons van Ardan
    • Tekeningen Sodis Vita
    • De derwisj en de dwaas
  • Over ons
    • Redactiestatuut van het Boeddhistisch Dagblad
    • Redactieformule van het Boeddhistisch Dagblad
  • Privacy

Home » Columns » Leven in Thailand – bananenflensjesgebakjes

Leven in Thailand – bananenflensjesgebakjes

24 september 2019 door Mieke Kupers en François la Poutré

“Amazon kub cahd?” vraagt het meisje achter de kassa. Ze kijkt er behoorlijk streng bij. Maar ja, ik heb geen membercards of clubcards. Niet van de supermarkt, niet van de Makro, niet van het tankstation, niet van de telefoonwinkel en dus ook niet van Amazon coffee. Dat zijn allemaal clubs waar ik af en toe wat koop, maar waar ik verder niet bij hoef te horen. Maar dat is allemaal wat te veel om uit te leggen. “Maimie khap” (heb ik niet) zeg ik met mijn vriendelijkste glimlach. Ze pakt de twee bananenflensjesgebakjes die ik heb aangewezen en wil ze in een plastic zakje doen. “Thoeng mae aw khap” zeg ik met een nog bredere smile. Ze kijkt me even aan, doet dan de gebakjes in het plastic zakje en zet dat gedecideerd voor me neer. Normaal gesproken zou ik de spullen uit het zakje halen en zo meenemen, maar vandaag durf ik dat niet. Uit pure lafheid draag ik weer wat bij aan de plasticsoep. “Khap khun khap” (dank u wel) mompel ik en verlaat snel de coffeeshop. (In Thailand zijn dat overigens winkels waar ze koffie verkopen; dat was wel even wennen.)

 

Tja, die taal… Ik vrees dat ik de klanken in “toeng mae aw” toch net iets te hoog, te laag, te kort of te lang heb uitgesproken en daarmee iets onbegrijpelijks heb uitgekraamd. Het Thais is op zich een eenvoudige taal. In een eerdere blog heb ik daar al het een en ander over geschreven. In die blog ging het vooral over de simpele grammatica. Ook de woordopbouw is in het algemeen echter heel simpel. Zo is น้ำ (naam) het woord voor water. Allerlei vloeistoffen hebben naam (het Thaise) in hun naam (het Nederlandse). Benzine is น้ำมันเบนซิน (naamanbenzien), sinaasappelsap is สีส้ม (naam som, oranje water) en ijs heet น้ำแข็ง (naam kheng, hard water). Dat laatste overigens als het echt om bevroren water gaat. Consumptie-ijs heet ไอศครีม (icecream, meestal uitgesproken als aaikiem). Vaak herbergt de taal verwijzingen naar het verleden. Het woord voor suiker is น้ำตาล (naam thaan). Letterlijk vertaald is dat bruin water, een benaming die verwijst naar de melasse uit suikerriet.

Ook het Thaise woord voor kamer, ห้อง (hong), is een mooi voorbeeld. De ห้องทำอาหาร (hong tam ahaan, kamer doen eten) is de keuken, de ห้องทำงาน (hong tam ngaan, kamer doen werk) is het kantoor en de ห้องน้ำ… dat moeten jullie met de informatie die ik net gegeven heb zelf wel kunnen bedenken.

Nu we zo langzamerhand steeds meer woorden beginnen te (her)kennen wordt het een sport om te proberen deze zodanig te combineren dat een Thai het begrijpt. Een paar dagen geleden moest ik op pad om gras voor op dakjes te kopen. Van onze Thaise vriend Phan, die het spul ging monteren, wist ik dat ik yaakhaa moest hebben. Vrienden uit het dorp hadden uitgelegd dat ik in de buurt van een bepaalde tempel moest zijn. Onderweg bedacht ik dat seu het Thaise woord is voor kopen, en joetienai waar, op welke plaats betekent. “Seu yaakhaa joetienai khap” vroeg ik aan een man bij de bewuste tempel en tot mijn grote vreugde begon hij me van alles uit te leggen, waar ik natuurlijk niets van begreep. Gelukkig wees hij in een bepaalde richting en kon ik haaloi mèt (500 meter) en joetun (u-turn) onderscheiden. En jawel, 500 meter verderop, net voor de u-draai, kon ik mijn yaakhaa kopen.

“Khoen tam mai khap” (jij doen?) vroeg de verkoper, nadat we de yaakhaa hadden opgeladen. “Tjai khap” (ja), jokte ik, omdat ik geen idee had hoe ik uit moest leggen dat een vriend dat voor ons ging doen. Ook wilde hij weten waar het voor was. Met de hiervoor beschreven taalkennis in gedachten antwoordde ik dat het voor een hong rot (auto kamer) was. Helaas gaat dat combineren niet altijd op. Hij viel zowat om van het lachen. Hod bleek het juiste woord te zijn.

Net toen ik mijn auto gestart had kwam hij, nog nahikkend, achter me aan en gebaarde dat ik mee moest komen. Onder een zeil kwamen nog 5 lengtes yaakhaa tevoorschijn die ik mee mocht nemen. “Flie” zei hij. Ook het Thais verengelst.

Oplettende lezertjes hebben ongetwijfeld opgemerkt dat het woordje khap regelmatig aan het eind van een geciteerde zin staat. Officieel moet dat khrap zijn, maar de r is een lastige letter voor Thai en wordt daarom vaak weggelaten. Khrap is een beleefdheidswoordje dat je in een gesprek achter iedere zin kunt zetten. In het Nederlands bestaat er niets dat daar op lijkt. Voor Thaise mensen is het een teken van respect. Het is een gebruik waar we moeilijk aan kunnen wennen, maar het begint te komen. Khrap wordt overigens alleen door mannen gebruikt. Het beleefdheidswoordje voor vrouwen is khaa. Khrap en khaa zijn ook te gebruiken als bevestiging in een conversatie; dan zijn ze vergelijkbaar met het ja… ja… jaja ja ja dat je in Nederland gebruikt om aan te geven dat je nog steeds luistert.

De bananenflensjesgebakjes bleken bij thuiskomst helaas foithongflensjesgebakjes te zijn. Ze stonden in het bananenflensjesgebakjesvakje achter een bananenflensjesgebakjesbordje en ze zien er precies hetzelfde uit als bananenflensjesgebakjes, alleen zitten er geen bananen in maar foi thong, een soort eigeeldraden gekookt in siroop. Ik vind dat ook wel lekker, maar Mieke heeft de foi thong eruit gepeuterd en er banaan in gefrot. Wie in Thailand woont moet kunnen improviseren, zowel met taal als met taart.

 

 

Categorie: Columns, Voedsel Tags: bananenflensjes, François la Poutré, In Thailand, Mieke Kupers, Thailand

Lees ook:

  1. Leven in Thailand – Kikkerbilletjes
  2. Leven in Thailand – te vroeg gejuicht
  3. Leven in Thailand – keuringsdienst
  4. Leven in Thailand – smogblog / domme boeren

Elke dag het BD in je mailbox?

Elke dag sturen we je een overzicht van de nieuwste berichten op het Boeddhistisch Dagblad. Gratis.

Wanneer wil je het overzicht ontvangen?

Primaire Sidebar

Door:

Mieke Kupers en François la Poutré

Mieke Kupers en haar echtgenoot François la Poutré wonen sinds januari 2017 in Thailand. Ze schrijven over zaken die hen aan het hart gaan en of op hun pad komen. 
Alle artikelen »

Agenda

  • Agenda
  • Geef je activiteit door

Ochtend- of avondeditie

Ochtend- of avondeditie ontvangen

Abonneer je

Elke dag gratis een overzicht van de berichten op het Boeddhistisch Dagblad in je mailbox.
Inschrijven »

Agenda

  • 6 juli 2026
    Zomer Avond Zen in Arnhem 6 juli -31 augustus
  • 24 juli 2026
    10 daagse Chöd retreat
  • 31 juli 2026
    Dhyana & Insight – Reevaluating Dhyana
  • 9 augustus 2026
    Chanting for World Peace
  • 12 augustus 2026
    Wandering the Way of Perfect Wisdom
  • 17 augustus 2026
    Boeddha- vakantieweek met Tara, de vrouwelijke Boeddha van wijsheid
  • 20 augustus 2026
    Zen Spirit Leesgroep 2026 22 januari t/m 17 december 2026 online
  • 21 augustus 2026
    Sacred Art en Kum Nye retraite
  • bekijk de agenda
  • De werkplaats

    De werkplaats.

    Boeddhistische kunstenaars

    Artikelen en beschrijvingen van en over het werk van boeddhistische kunstenaars. Lezers/kunstenaars kunnen zich ook aanmelden met hun eigen werk.
    lees meer »

    Pakhuis van Verlangen

    In het Boeddhistisch pakhuis van verlangen blijven sommige teksten nog een tijdje op de leestafel liggen.

    De Poortloze Poort voor nitwits, koan 17 – De staatsleraar die drie keer zijn bediende riep

    Hans van Dam - 2 augustus 2026

    Pas toen Wu hartverscheurend begon te janken ging de bediende eens kijken. De staatsleraar lag op z’n zij met zijn vuisten tegen zijn borst geklemd, zijn hoofd achterover, zijn gezicht paarsblauw en zijn mond en ogen wijd opengesperd.

    Ksaf – De kunst van het geluk 1

    Ksaf Vandeputte - 22 juli 2026

    Nieuw, positief gedrag inoefenen vraagt om volgehouden overtuiging. Om te beletten dat onze  overtuiging slinkt, kunnen we een gevoel van hoogdringendheid opwekken, als besef van onze eindigheid. De uitdaging wordt dan dat we elk moment benutten om te doen wat goed is voor onszelf en voor anderen.

    Boeddhistische doeners en denkers – de serie (29)

    gastauteur - 17 mei 2026

    Arjan Mulder: 'Het boeddhisme is voor mij een persoonlijke tocht. Ik weet dat dit niet wordt aangeraden, maar ik kan niet zo veel met bijeenkomsten. De meditatie-ochtenden en weekend-retraites die ik heb bezocht, leverden mij vooral 'ongeloof op – over starre interpretaties en rituelen, met weinig ruimte voor gesprek.'

    Boeddhistische doeners en denkers – de serie (27)

    gastauteur - 15 mei 2026

    Loekie: 'Ik ben ook heel dankbaar dat dit op mijn pad is gekomen. Dat het voor mij als leek mogelijk is om met een groep van 60 mensen tien dagen op de Drentse hei samen te mediteren en te leren over het boeddhisme, dat is echt heel bijzonder.’

    Taigu – Het lijden in de wereld

    Jules Prast - 24 april 2026

    Het komt Taigu voor dat boeddhisme te vaak gaat over ‘verlichting’ en te weinig over het lijden in de wereld, dat eerst moet worden opgelost voordat iemand zich in spirituele zin bevrijd kan wanen. Het existentiële kerndilemma van boeddhisme is dat wij ieder delen in de rotheid van de wereld, terwijl wij over het vermogen beschikken onze bevrijding dichterbij te brengen door het lijden van de ander te verminderen. In sommige teksten wordt dit vermogen ‘boeddhanatuur’ genoemd.

    Meer onder 'pakhuis van verlangen'

    Footer

    Boeddhistisch Dagblad

    over ons

    Recente berichten

    • Waarvoor zou het leven zin moeten hebben?
    • Tibet Film Days 2026 in september met bijzondere documentaire over de Dalai Lama
    • De Yijing (易經), het Boek der Veranderingen
    • Als AI ons voorbijgroeit
    • Gandhi – een geweten van de wereld en voor ons eigen leven (deel 1)

    Reageren

    We vinden het geweldig om reacties op berichten te krijgen en op die manier in contact te komen met lezers, maar wat staan we wel en niet toe op de site?

    Over het BD

    Het Boeddhistisch Dagblad is een onafhankelijk journalistiek webmagazine over boeddhistische thema’s en inzichten.
    Lees ons colofon.

    Zie ook

    • Contact
    • Over ons
    • Columns
    • Reageren op de krantensite

    Het Boeddhistisch Dagblad is een onafhankelijk journalistiek webmagazine over boeddhistische thema’s en inzichten. Lees ons colofon.