Om eerlijk te zijn, ik weet het niet. Gabi werd vorige woensdag tot monnik gewijd in een tempel van de Koreaanse Jogye orde, die behoort tot het Seon-boeddhisme, de Koreaanse variant van Zen. Net zoals in andere Aziatische landen, kampt het boeddhisme in Korea met secularisering. Er dienen zich steeds minder mensen aan om monnik te worden en ook het lekenboeddhisme bevindt zich in dalende lijn. Gabi, zo wordt gezegd, moet gezien worden als een poging om relevant te blijven in een hedendaagse hoogtechnologische context.
De robot past in een reeks van experimenten met meditatie-apps, sociale media, digitale rituelen, boeddhistische cafés, livestreams, mindfulnessplatformen en nu dus ook artificiële intelligentie. Zuid-Korea is niet het enige land waarin dit gebeurt. In Japan experimenteerden tempels al met androïde predikers zoals Mindar in de Kodaiji Temple. Elders verschijnen virtuele tempels, AI-chatbots die dharma-vragen beantwoorden en robots die soetra’s reciteren. Daarmee proberen Aziatische boeddhisten aansluiting te vinden bij jonge generaties die opgroeien in een digitale cultuur.
We hebben in het Westen de neiging om dat allemaal te zien als een gimmick, lachwekkende onzin om arme schapen met lepe truuken naar de boeddhistische schaapsstal te lokken. We leggen als vanzelfsprekend de link met westerse tradities: stel je maar eens voor dat de zondagsmis gelezen wordt door een robot-pastoor. Geen enkele christen zou dat pikken, omdat het een machine is, een ontzield stuk metaal, als het ware. De mens heeft immers een ziel, geschonken door God, die op het eind van de menselijke rit ook terugkeert naar God. Hier wordt het interessant. In het boeddhisme is er geen onveranderlijke ziel die de mens absoluut afscheidt van andere vormen van bestaan. Het zelf verschijnt eerder als een voortdurend veranderende stroom van processen, relaties en conditioneringen. Daardoor krijgt artificiële intelligentie een andere betekenis dan in veel westerse religieuze discussies, waar de vraag vaak meteen draait rond bewustzijn of ziel. Sommige boeddhistische denkers ervaren AI daarom minder als een bedreiging van de menselijke uitzonderingspositie dan als een nieuwe aanleiding om fundamentele vragen te stellen over bewustzijn, identiteit en gehechtheid. Technologie is dus niet iets wat zich zomaar ‘buiten de mens’ bevindt, maar maakt deel uit van de verbondenheid van alles. Alles ontstaat immers in relatie met elkaar, wat betekent dat ook machines deel uitmaken van die interconnectiviteit. Noch mens noch robot beschikt, vanuit boeddhistisch perspectief, over een permanent Zelf. Beiden maken deel uit van een voortdurende stroom van oorzaken en condities . I know, het klinkt bizar, maar binnen de boeddhistische filosofie klinkt het niet zo heel gek.
Dat betekent niet dat er geen discussies bestaan. Er komt ook kritiek binnen de Zen gemeenschap. Zen gaat in zijn diepe kern over de directe ervaring van de werkelijkheid en AI of robots ‘ervaren’ niets – althans voorlopig nog niet – ze verwerken louter informatie. Toch is het opvallend dat boeddhistische tradities minder defensief reageren op AI en robotica dan vertegenwoordigers van andere religies, allicht omdat de discussie binnen het boeddhisme niet draait over de vraag of een robot een ziel heeft; immers, niets heeft in het boeddhisme een ziel. of om het juister te zeggen, over een parement Zelf. In die zin roept Gabi wel degelijk vragen op over onze eigen conditionering én over de vraag hoe technologie mee menselijke verlangens vormt.
Wat er ook van zij, ik heb géén idee wat ik nu precies moet vinden van Gabi of gelijkaardige experimenten in het Aziatische Boeddhisme. Wat denken jullie?
Wie meer over Zen wil weten vindt een en ander terug in mijn boek (N)Iets over Zen. Dat ligt in de boekhandel, is te vinden bij de gekende platforms of via de uitgever https://ertsberg.be/boek/niets-over-zen/


Geef een reactie