China heeft twee hoge Tibetaanse functionarissen uit de provincie Yunnan uitgewezen na een onderzoek naar ‘ernstige schendingen van de discipline en de wet’, aldus een aankondiging op 23 februari.
De International Campaign for Tibet (ICT) uitte haar bezorgdheid over de vage beschuldigingen, die vaak door de Chinese autoriteiten worden gebruikt in pogingen om afwijkende meningen en interne corruptie de kop in te drukken. De ambtenaren in kwestie zijn Qi Jianxin, een voormalige gouverneur, en Jangchup (Jiang Chu), de voormalige vice-gouverneur van de Tibetaanse autonome prefectuur Dechen (Diqing) in Yunnan. Beiden zijn etnische Tibetanen en werden verwijderd in wat een strategische zet van China lijkt te zijn om zijn controle over het bestuur van Tibet te versterken.
Politieke discipline
Volgens ICT hebben de Chinese Centrale Commissie voor Discipline Inspectie en de Nationale Commissie van Toezicht weinig details verstrekt, maar brede beschuldigingen geuit zoals ‘het ernstig schenden van de politieke discipline van de Partij’, ‘ontrouw en oneerlijk zijn tegenover de Partij’ en het maken van ‘illegale winsten’.
Uit rapporten blijkt dat dergelijke beschuldigingen vaak worden gebruikt in China’s ondoorzichtige anticorruptiecampagnes. De overeenkomsten in de formulering van de beschuldigingen tegen Qi en Jangchup wijzen op een mogelijk gecoördineerd optreden tegen Tibetaanse functionarissen die als te onafhankelijk worden beschouwd of die loyaler zijn aan lokale belangen dan aan de gecentraliseerde macht van Peking.
Criminele zaken
ICT meldde dat het onderzoek naar de twee ambtenaren begin 2024 begon en aan het eind van het jaar waren beiden uit hun functie in Dechen ontheven nadat ze onder de loep waren genomen door China’s anticorruptieagentschap. Jangchup gaf zichzelf aan bij het agentschap in februari 2024 en werd ontslagen op 19 mei 2024, terwijl Qi Jianxin werd ontslagen op 9 april 2024. Hun ontslagen werden gevolgd door verklaringen waarin stond dat hun ‘vermoedelijke criminele zaken’ waren doorgestuurd naar het Openbaar Ministerie voor verder onderzoek en vervolging.
Het vervolgen van etnische Tibetaanse ambtenaren op verdenking van ontrouw onderstreept de bezorgdheid van Peking over lokale autonomie en onafhankelijkheid. Naar verluidt is de maatregel bedoeld om potentiële rivalen uit te schakelen, de macht over Tibetaanse regio’s te consolideren en het gezag van Peking in politiek gevoelige gebieden te versterken.
Geef een reactie