Boeddhistische kloosterregels verbieden het vaak maar voor boeddhisten gelden buiten de kloosters geen speciale voedingsvoorschriften. Sommige boeddhisten zijn vegetariër, andere niet. Er bestaat een versie van een verhaal over de Boeddha dat deze gestorven zou zijn na het eten van (bedorven) varkensvlees. In een andere vertaling is een paddenstoel-achtige schimmel de schuldige.

Ex-Beatle Paul McCartney heeft geprobeerd de boeddhistische leider Dalai Lama vegetariër te maken. In een brief uit 2012 schreef de hardcore vegetariër aan de geestelijk leider dat vlees eten fout is. ‘Vleeseters dragen bij aan het lijden van dieren en dit is in tegenspraak met de boeddhistische leer waarin wordt gesteld dat boeddhisten niet geloven in het veroorzaken van lijden bij alles wat leeft’, schreef de muzikant. De Dalai Lama zou vlees eten om gezondheidsredenen. De hoge monnik adviseert alleen grote dieren te slachten om het aantal gedode dieren te verminderen.

De Dalai Lama heeft de Tibetanen in ballingschap, die nu wonen in landen waar meer fruit en groenten voorhanden zijn, gevraagd indien mogelijk af te zien van het eten van vlees. Als een beoefenaar ernstige gezondheidsproblemen krijgt doordat hij geen vlees eet, dan kan de leraar hem toestemming geven dit toch te eten. Ieder moet dus zijn eigen niveau van beoefening en lichamelijke behoeften nagaan en dienovereenkomstig eten.

In het begin kan het verwarrend lijken dat de Theravada-beoefenaars vlees eten, de Chinese Mahayana-beoefenaars niet en de Tibetanen die Vajrayana beoefenen, weer wel.
Dit verschil in beoefening hangt af van de verschillende punten waarop elke traditie de nadruk legt: het Theravada-onderricht legt de nadruk op het verwijderen van gehechtheid aan zintuigelijke objecten en het opgeven van de onderscheid makende geest die zegt: “Ik vind dit lekker en dat niet”. Wanneer hun monniken bedelen, moeten ze derhalve zwijgend en dankbaar accepteren wat hen wordt gegeven, of dat nu vlees is of niet. Het zou niet alleen zijn weldoeners beledigen, maar ook zijn eigen beoefening van onthechting schaden wanneer de monnik zou zeggen: “Ik mag geen vlees eten, geef me daarom meer van die overheerlijke groenten”. Dus vooropgesteld dat het vlees komt van een dier wiens dood de monnik niet opgedragen, gezien of gehoord heeft of waarvan hij niet vermoedt dat het gedood is om hem vlees te verschaffen, is het hem toegestaan vlees te eten. Het is echter verstandig dat degenen die offeren zich realiseren dat de voornaamste aanname van het boeddhisme is dat men anderen geen kwaad doet; men kan dus beter zijn offergaven te kiezen in overeenstemming met deze aanname.

Vooral in de Mahayana-traditie wordt de nadruk gelegd op onthechting en mededogen voor andere voelende wezens. Voor de beoefenaar is het raadzaam geen vlees te eten om een ander levend wezen geen pijn te doen en om eventuele slagers ervan te weerhouden negatieve handelingen te verrichten. De trillingen van vlees kunnen een gewone beoefenaar belemmeren bij het ontwikkelen van mededogen. Daarom wordt vegetarisme sterk aangeraden.

Het tantrische pad van Vajrayana kent vier klassen. In de lagere klassen ligt de nadruk op de uiterlijke schoonheid en zuiverheid als techniek om een innerlijke zuiverheid van geest op te wekken. Omdat vlees wordt beschouwd als onzuiver, eten deze beoefenaars geen vlees. Aan de andere kant mediteert een gekwalificeerd beoefenaar van de Hoogste Yoga Tantra op basis van onthechting en mededogen op het subtiele zenuwstelsel en hiervoor moet zijn eigen lichaam heel sterk zijn. Aan zo iemand wordt vlees dus aangeraden. Deze klasse van tantra benadrukt de transformatie van gewone objecten door meditatie op zelfloosheid. Krachtens zijn diepe meditatie zal een dergelijk beoefenaar niet graag vlees eten voor zijn eigen genoegen.

Het feit dat er zo’n grote verscheidenheid binnen de boeddhistische scholen heerst getuigt van Boeddha’s vaardigheid om mensen te begeleiden in overeenstemming met hun aard en behoefte. Het is buitengewoon belangrijk niet bevooroordeeld en sektarisch te zijn, maar respect te hebben voor alle tradities en de beoefenaars van de verschillende tradities, omdat de gewoontes binnen iedere traditie hun eigen redenen hebben.

Het boeddhisme legt een sterke nadruk op het terugdringen van lijden en, in de voorschriften, op het niet nemen van leven. Daarom volgen veel beoefenaars een vegetarisch dieet teneinde het lijden van dieren te voorkomen. Maar soms ook zetten boeddhisten de tering naar de nering en eten wat er beschikbaar is. Sommige mensen zijn verbaasd te horen dat de meeste boeddhisten in de Himalaya-regio grote consumenten van vlees zijn, omdat in dat klimaat nauwelijks eetbare gewassen groeien. Over het geheel genomen zou de richtlijn toch moeten zijn om de gevolgen van alle activiteiten tot voordeel is van alle levende wezens te laten zijn.

Bron BD/Maitreya-instituut.

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

2 reacties op Is een boeddhist altijd een vegetariër?

  1. Piet Nusteleijn schreef:

    Vroeger vroeg de slager: “mag het een onsje meer zijn”?
    Het vlees was inmiddels afgesneden. Het mocht.

    Nu gaan we beginnen met te zeggen: “Nee grootgrutter, we willen vleesconsuminderen”. Om mee te beginnen….
    Tot voordeel van alle leven.
    Met groet.

  2. zeshin schreef:

    In reactie een actie
    beweeg niet
    dan word alles helder

    In mijn optiek gaat het boeddhisme over bewust wording, ontwaken, wakker worden. Een voedingspatroon werkt hier ondersteunend in. Alles wat je eet en drinkt heeft invloed op je bewustzijn en kan een belemmering of oplossing in het bewustwordingsproces zijn . Volgens het boeddhisme heet de toestand waarin wij ons bevinden ‘samsara’. Simpel gezegd als een blinde in kringetjes rond rennen en telkens weer op het zelfde punt uitkomen. Wat we ervaren is pijn omdat we niet in staat zijn er aan te ontsnappen. Wakker worden, bewust worden is de sleutel naar bevrijding. Als je niet weet dat opgesloten zit hoe zou het idee aan ontsnappen dan bij je opkomen. Een voedingspatroon is samen met wat boeddha ons aanreikte de weg naar ontwaken. Als je ziet wat je gevangen houd kun je werken aan je bevrijding. Goed beschouwd leven we in een grote slagerij, eten en gegeten worden. Mag je wel planten eten maar dieren niet? bloemen gaan s’ morgens open, keren zich naar de zon, heb je weleens een kruidjeroermeniet aangeraakt, zijn planten geen levende wezens? Boeddha heeft zich 6 jaar uitgehongerd tot hij tot het inzicht van ‘De middenweg’ kwam. Leven zonder leed is onmogelijk, je kunt wel pogen het te verminderen, maar het leven is uit leed uitgesmeed, leven bestaat uit leed wat kenbaar word door plezier. Ze zijn de voor en achterkant van 1 en de zelfde munt. Dualisme is de bouwsteen van het leven.
    En jij die dit leest is de enige die hier verandering in kan brengen De boeddhistische keuken is vanuit China naar Japan gekomen en is in duizend jaar in de kloosters ontwikkelt tot een cuisine die zowel voor lichaam en geest verhelderend werkt. Hier in het westen kennen we het onder de naam macrobiotiek. In Japan het het Shojin Ryori dat ‘koken voor een helder bewustzijn betekent’. In het klooster waar ik verbleef was de keuken onderdeel van de monniksopleiding. Elke novice kreeg onder supervisie van de Tenzo (de kloosterkok) een halfjaar de verantwoording voor de keuken. De abt kwam ook zo nu en dan de keuken in en stuurde bij en werkte zo aan je bewustwordingsproces mee. Op een dag had iemand een doos krab gedoneerd, de Roshi (abt) trok die uit de koelkast en vroeg of ik kon helpen met de poten van de krap te trekken. Onderwijl vertelde hij dat mensen die sterven als krabben in een ketel kokend water zijn en uit alle macht proberen er uit te klimmen. Het feit dat ik dit na ruim 30 jaar opschrijf betekent dat het nogal indruk op mij gemaakt heeft. Ik hoop dat mijn schrijven niet je emoties aan wakkert maar je zoektocht naar bevrijding, omdat jou zoektocht verbonden is met mijn bevrijding
    Zeshin

Menu