Oplossingen voor een koan van niets, en een gratis koan van alles.
‘Ken jij de Fundamentele Koan van Hisamatsu, Hans?’
‘Zeker. Hisamatsu is niet meer, waar is hij?’
‘Hè’
‘In één keer goed.’
‘Waar ga je staan als er geen plek meer is om te staan, vroeg Hisamatsu.’
‘Dan ga je toch lekker zitten.’
‘Ik denk niet dat hij het zo letterlijk bedoelde.’
‘Dan neem je toch de benen.’
‘Wat zou jij doen als er geen plek meer was om te zitten, te staan of heen te gaan?’
‘Het probleem is nooit dat er geen plek is.’
‘Wat is het probleem dan wel?’
‘Dat er dáár geen plek is.’
‘Waar niet?’
‘Waar je heen wilt niet.’
‘Waar dan wel?’
‘Waar je bent.’
‘Hoe weet je dat er ruimte is waar je bent?’
‘Anders was je daar niet.’
‘Maar als je daar nu niet wilt zijn?’
‘Dan is dat waar je bent.’
‘Ergens anders willen zijn maakt deel uit van waar je bent, wou je zeggen.’
‘Waarvan anders.’
‘Dus dat is de oplossing.’
‘Dus wat is het probleem.’
‘Ja, zo kun je het ook bekijken.’
‘Ik weet nog een koan.’
‘Van Hisamatsu of over Hisamatsu?’
‘Waar ga je heen als je overal heen kunt?’
‘Hè?’
‘In één keer goed.’

