• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst

Boeddhistisch Dagblad

Ontwart en ontwikkelt

Header Rechts

Vijftiende jaargang

Zoek op deze site

  • Home
  • Agenda
    • Geef je activiteit door
  • Columns
    • Andre Baets
    • Dharmapelgrim
    • Bertjan Oosterbeek
    • Dick Verstegen
    • Edel Maex
    • Emmaho
    • Goff Smeets
    • Hans van Dam
    • Jana Verboom
    • Joop Hoek
    • Jules Prast
    • Paul de Blot
    • Rob van Boven en Luuk Mur
    • Ronald Hermsen
    • Theo Niessen
    • Xavier Vandeputte
    • Zeshin van der Plas
  • Nieuws
  • Contact
    • Steun het BD
    • Mailinglijst
  • Series
    • Boeddha in de Linie
    • De werkplaats
    • Recepten
    • De Linji Lu
    • De Poortloze Poort
    • Denkers en doeners
    • De Oude Cheng
    • Meester Tja en de Tao van Niet-Weten – alle links
    • Fabels door Goff
    • Cartoons van Ardan
    • Tekeningen Sodis Vita
    • De derwisj en de dwaas
  • Over ons
    • Redactiestatuut van het Boeddhistisch Dagblad
    • Redactieformule van het Boeddhistisch Dagblad
  • Privacy

Home » Boekbespreking » Het weten van het weten

Het weten van het weten

12 oktober 2026 door Erik Hoogcarspel Reageer

De Amerikaanse religiewetenschapster April de Coninck laat zien hoe wij juist in onze tijd, waarin gevestigde religies onder druk staan en zingeving voor steeds meer mensen een opgave wordt, een gnostische renaissance doormaken. Er ontstaan steeds nieuwe religieuze bewegingen, met charismatische leiders, spirituele zoekers remixen allerlei elementen uit religieuze en levensbeschouwelijke tradities. Religie vermengt zich met therapie en wellness. Gnosis keert steeds weer opnieuw terug in populaire films en in verschillende vormen van New Age denken (bladzijde 162).

 Oude oerwijsheid

André van der Braak, hoogleraar Comparatieve filosofie van de religie aan de Vrije Universiteit te Amsterdam, ziet overal de gnostiek de kop opsteken. Daar is hij blijkbaar erg enthousiast over, want hij heeft er heel een boek over geschreven. Kunnen we inderdaad spreken van een renaissance van het New Age-denken?

Om te beginnen, wat is gnosis eigenlijk? Het woord gnosis of gnostiek werd aanvankelijk gebruikt om een aantal, laten we zeggen, alternatieve christelijke stromingen uit de 2e eeuw aan te duiden. Zij hebben met elkaar gemeen dat ze ervan uitgaan dat wij door een speciaal soort kennis, gnosis, de verlichting of verlossing uit dit aardse tranendal kunnen verkrijgen. Daarmee is alles wel gezegd, want de verschillende gnostieke stromingen lopen wat betreft de uitwerking van deze visie nogal uiteen. De onderzoekers die zich met deze stromingen bezighouden verschillen bovendien nogal van opvatting over de vraag welke stromingen typisch gnostisch zijn en welke niet.

Het woord gnosis betekent op zich genomen gewoon kennis, maar binnen deze alternatieve christelijke stromingen verwijst dit naar een speciale soort verlossende oerwijsheid. Wie gnosis heeft, weet eindelijk hoe de wereld en het leven in elkaar zitten, de anderen zijn arme stumpers. Je weet dan dat de mens afkomstig is uit de goddelijke wereld en zijn goddelijke kern nog in zich heeft. Helaas is deze kern verstrikt geraakt in dit tranendal waar je als gnosticus dus niets te zoeken hebt. Deze wereld is namelijk een gevangenis van de ziel, gemaakt door een kwaadwillige god. De gnosticus keert zich daarom van de wereld af en probeert zijn goddelijke kern te herontdekken. De manieren waarop dit moet gebeuren verschillen binnen deze scholen nogal.

De oorspronkelijke teksten van deze bewegingen zijn bijna allemaal verloren gegaan. Ze zijn ontstaan in het noorden van Egypte en geschreven in het Grieks gedurende de tweede en derde eeuw. De eerste stichters moeten hebben behoord tot een soort New Age-achtige kringen uit die tijd. Ze nemen de filosofie van Plato als uitgangspunt en combineren deze met het in opkomst zijnde christendom. Plato schrijft al dat het lichaam een gevangenis is van de ziel en de gnostici gaan dus nog een stap verder. Onze goddelijke ziel is een vreemdeling in deze wereld.

Plotinos is een van de belangrijkste neoPlatoonse schrijvers uit de derde eeuw en hij schreef een opstel getiteld Tegen de gnostici (Enneaden 2.9). Daarin verduidelijkt hij het verschil met het reguliere christendom en het reguliere Platonisme aan de hand van het voorbeeld van twee mensen die in hetzelfde huis worden geboren. De een loopt alsmaar te klagen over de gebreken van het huis en voelt zich ongelukkig. De ander ziet vooral de schoonheid en begrijpt dat de gebreken niet te wijten zijn aan onkunde van de architect, maar aan de gebrekkige eigenschappen van de bouwmaterialen. De kritiek op de gnostiek van Plotinos is overgenomen door Augustinus en daarmee zo’n beetje standaard geworden in het christendom.

Denkstijlen

Van der Braak verruimt het begrip gnosis echter zo ver dat het bijna niet meer te onderscheiden is van mystiek. Op bladzijde 13 lees ik: Wanneer een echt bevrijdend weten doorbreekt, heeft dit dan ook grote fysieke en emotionele consequenties. De mystici rapporteren dat ze door een grote vreugde en gelukzaligheid worden bevangen en overweldigende ervaringen van liefde en mededogen hebben. Even verderop: Een dergelijk ervaringsweten is in de loop van onze westerse cultuurgeschiedenis vaak aangeduid als gnosis. Over het begrip gnosis wordt de laatste jaren steeds meer gepubliceerd. Toch is het niet algemeen bekend. Gnosis is een bevrijdend weten en kennis van het hart, die tegelijkertijd als zelfkennis en kennis van het goddelijke kan worden begrepen. Hiermee heeft Van der Braak de weg vrijgemaakt om elke verlossingsweg die hij maar onder ogen krijgt, uit te leggen als een vorm van gnostiek.

Als de boodschap dan overal hetzelfde is, hoe komt het dan dat al die verschillende verlossingswegen zo verschillen? Van der Braak verwijst naar het boek Denkstijlen van de filosoof Hub Zwart, waarin deze voortborduurt op een indeling van Oswald Spengler (1880-1936). Hierin worden in de geschiedenis van de westerse cultuur drie periodes of denkstijlen onderscheiden: de apollinische denkstijl in de antieke tijd, de magische denkstijl tijdens de Middeleeuwen en de faustische denkstijl in de moderne tijd. De apollinische denkstijl staat in het teken van het individu, het verstand en de orde. De magische denkstijl wordt belichaamd in talrijke verlossingsbewegingen en sekten rondom charismatische leiders, waaruit het christendom uiteindelijk als winnaar tevoorschijn komt (bladzijde 27). De faustische denkstijl valt samen met de opkomst van de moderne experimentele natuurwetenschappen.

Ik ben niet er niet gerust op dat dit de boel duidelijker maakt, want het aantal uitzonderingen zijn niet te tellen. Bovendien kun je hier niets mee als je het over niet-westerse filosofie hebt en dat is wel de intentie van Van der Braak.

De antieke tijd

Om zijn indeling in de geschiedenis van het denken verder uit te werken begint Van der Braak met een uiteenzetting van de nauwe relatie die er volgens hem in het oude Griekenland bestond tussen de mythen of de religie en de filosofie. Dit leidt volgens hem tot het begrip ziel in de filosofie van Plato waarmee de gnosis voor het eerst de kop op steekt. Hij noemt ook nog de invloed van de Siberische en Mongoolse sjamanen. Zo ontstaat volgens hem de christelijke gnostiek en daarmee de magische denkstijl. Hij geeft in zoveel woorden toe dat de gnostiek in die tijd nogal veelzijdig was. Hij noemt namelijk op bladzijde 56 drie richtingen, maar schrijft er direct bij dat de indeling alleen maar een gebrekkig hulpmiddel is om ordening in de chaos aan te brengen.

Via Plotinus en Iamblichus komen we zo in het vroege christendom terecht. Van der Braak gaat nog even in op de kritiek die Plotinus had op de gnostiek brengt ons naar het vroege christendom en daarmee naar de magische denkstijl.

Jñāna en gnosis

Het woord gnosis is verwant aan het Sanskrietwoord jñāna . Dit komt doordat de stamvaders van de Indiase zowel als de Europese cultuur oorspronkelijk uit hetzelfde gebied kwamen en dezelfde taal spraken. Van der Braak benadrukt echter dat de culturen van India en Europa daarna hun eigen weg zijn gegaan. Volgens hem was in India het doel van het spirituele pad om kennis te krijgen van het onkenbare zelf of ātman (bladzijde 85).

Enkele bladzijden verder komen we bij het boeddhisme. Dit is volgens hem uiteindelijk opgegaan in het hindoeïsme (bladzijde 87). Volgens de schrijver wordt de boeddhistische meditatie, satipatthana, pas in de loop van de tijd ontwikkeld. Hij beweert bovendien dat in het vroege boeddhisme de Boeddha geen uitspraken deed over het bestaan van het zelf en dat pas in latere teksten werd gesuggereerd dat er geen ik is (bladzijde 88).

Vervolgens legt Van der Braak de leer van de twee waarheden uit en de leer van de leegte. Volgens hem is leegte zo veel als openheid. Daardoor komt hij er toe om te spreken van een boeddhistische gnosis. Immers het begrijpen van de hogere waarheid is een soort verlossend inzicht. De overeenkomsten die hij ziet, schrijft hij toe aan mogelijke contacten tussen de Griekse en de Indiase filosofen.

Een asielzoeker

De Chinese filosofie levert echter een hoop problemen op, omdat de denkstijl van de Chinezen nogal verschilt van de tot dusver behandelde filosofen. Van der Braak beschrijft het Chinese denken als een soort asielzoeker die nog steeds op zijn status in land van de gnostiek moet wachten. Hij behandelt wel een aantal basisbegrippen van het Chinese denken, maar helaas gaat hij niet in op de verbanden. Verder valt op dat hij het bekende boek, de Dàode Jing opvat als het standaard voorbeeld van het gehele Chinese denken, alsof er in de 20 eeuwen daarna niets meer is veranderd.

Daar tegenover staat dat het boeddhisme dan toch in China terecht is gekomen en dat daardoor het Van der Braak zo enthousiast beoefende zenboeddhisme is ontstaan. Op bladzijde 120 schrijft hij daarom: Wanneer we gnosis interpreteren als een bepaald type spiritualiteit, zoals we aan het eind van hoofdstuk 2 gedaan hebben, dan valt zen zeker als een vorm van gnosis op te vatten.

De moderne periode

De faustische denkstijl begint volgens van der Braak bij Immanuel Kant (1724-1804). Dat betekent dus dat deze denkstijl eigenlijk hetzelfde is als wat andere auteurs gewend zijn de verlichting te noemen. Van der Braak ziet in Spinoza (1632-1677) echter ook al een faustisch denker. Op bladzijde 125 lees ik: Hoewel Spinoza enerzijds zeer faustisch is qua benadering, ondermijnt hij één van de centrale begrippen van de faustische denkstijl: het autonome, soevereine subject dat heer en meester is in de eigen wereld.

In zijn interpretatie volgt de schrijver verder naadloos de Belgische filosoof Herman de Dijn (1943). Vervolgens komt Friedrich Nietzsche aan de beurt, volgens de schrijver een sceptisch denker. Nietzsche kan volgens hem gezien worden als een (post)religieus denker, een soteriologisch denker die de filosofie inzet als hulpmiddel (als upāya) om de lezer tot bevrijding te brengen (bladzijde 131). Volgens de schrijver lijkt de gnosis van Nietzsche het nog meest op de gnosis van zen. Als toelichting verwijst Van der Braak naar zijn boek Hoe men wordt wat men is. Hiermee eindigt het pleidooi voor een universele gnostiek. Als toegift krijgt de lezer nog een beschrijving van de ayahusca-cultus die natuurlijk ook een vorm van gnosis is.

Voor wie is dit boek geschreven?

Het boek is eigenlijk een kort eigenzinnig overzicht van de geschiedenis van de westerse en oosterse filosofie. De Spengler-Zwart interpretatie van de geschiedenis voegt eigenlijk weinig of niets toe, want ze verklaart eigenlijk niets en is veel te globaal. Daarbij komt nog dat er veel te veel uitzonderingen zijn om er enige geloofwaardigheid aan te hechten.

Dit nadeel kleeft ook aan de fundamentele opzet van het hele project, namelijk om een universeel soort gnostieke invloed of gnostieke kenmerken te bloot te leggen. Het begrip gnosis wordt hier noodzakelijkerwijs zo erg uitgerekt dat het helemaal niks meer betekent. Gnosis is verlossend inzicht, maar in de Griekse oudheid en de Griekse filosofie waren er zeer uiteenlopende meningen over wat nu precies verlossend inzicht zou moeten zijn. De Indische en Chinese filosofie staan er ook bol van. Als je dus alles wilt verklaren uit een soort verlossend inzicht, wat voor inzicht bedoel je dan? Er is blijkbaar in de geschiedenis van de filosofie geen overeenstemming over.

Van der Braak toont eigenlijk in het boek dat hij een nogal eigenzinnige opvatting heeft over een aantal filosofen. Ik denk bijvoorbeeld dat vele kenners de wenkbrauwen zullen fronsen bij het lezen van wat hij in dit boek zegt over het boeddhisme.

Misschien is het boek nog het meest geschikt als een kennismaking, als een uitnodiging tot verdere studie waarbij de lezer zijn opvattingen verder kan verdiepen. Het boek bevat een korte maar overzichtelijke literatuurlijst en achterin staan een honderdtal eindnoten, die helaas niet de meest controversiële opvattingen van de auteur rechtvaardigen.

Kortom, een eigenzinnig en prikkelend boek, dat uitnodigt tot verdere discussie en studie.

André van der Braak: Gnosis Oost en West. Bevrijdend weten door de eeuwen heen, Uitgeverij Damon, Eindhoven 2026, paperback 175 bladzijden.

Categorie: Boeddhisme, Boekbespreking, Zen Tags: Andre van der Braak, April de Coninck, Augustinus, Gnosis, Gnosis oost en west, gnostiek, Herman de Dijn, Hub Zwart, oerwijsheid, Oswald Spengler, Plato, Plotinos, Spengler-Zwart interpretatie, verlichting, verlossing

Lees ook:

  1. Boeken – Gnosis Oost en West
  2. Zin en onzin
  3. Taigu – Hymne van de humaniteit
  4. Boeken – Gnosis Oost en West

Elke dag het BD in je mailbox?

Elke dag sturen we je een overzicht van de nieuwste berichten op het Boeddhistisch Dagblad. Gratis.

Wanneer wil je het overzicht ontvangen?

Lees Interacties

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Door:

Erik Hoogcarspel

Erik Hoogcarspel studeerde filosofie en Indische talen aan de rijksuniversiteiten in Groningen en Leiden. Hij publiceerde ‘Koken met Filosofie’ en een vertaling van de belangrijkste tekst van Nagarjuna ‘Grondregels van de filosofie van het midden’. 
Alle artikelen »

Agenda

  • Agenda
  • Geef je activiteit door

Ochtend- of avondeditie

Ochtend- of avondeditie ontvangen

Abonneer je

Elke dag gratis een overzicht van de berichten op het Boeddhistisch Dagblad in je mailbox.
Inschrijven »

Agenda

  • 2 september 2026
    Basiscursus Zenmeditatie 2 september t/m 14 oktober 2026 in Arnhem
  • 2 september 2026
    Zenzitten in Leiden
  • 14 september 2026
    zen introductie cursus
  • 14 september 2026
    Actieve Hoop: hoe ontwikkel je veerkracht in tijden van crisis?
  • 15 september 2026
    Introductie Zenmeditatie
  • 3 oktober 2026
    Workshops Kum Nye yoga - Leven ademt
  • 3 oktober 2026
    Workshops Kum Nye yoga - Open voor alles
  • 6 oktober 2026
    Basiscursus Zenmeditatie 6 okt.t/m 17 nov. Zen Spirit Rosmalen.
  • bekijk de agenda
  • De werkplaats

    De werkplaats.

    Boeddhistische kunstenaars

    Artikelen en beschrijvingen van en over het werk van boeddhistische kunstenaars. Lezers/kunstenaars kunnen zich ook aanmelden met hun eigen werk.
    lees meer »

    Pakhuis van Verlangen

    In het Boeddhistisch pakhuis van verlangen blijven sommige teksten nog een tijdje op de leestafel liggen.

    De Poortloze Poort voor nitwits, koan 27 – Niet de geest, niet de boeddha, niet de dingen

    Hans van Dam - 11 oktober 2026

    De leer die nog nooit verkondigd is en die niemand ooit zal onderwijzen.

    Ksaf – De kunst van het geluk 1

    Ksaf Vandeputte - 22 juli 2026

    Nieuw, positief gedrag inoefenen vraagt om volgehouden overtuiging. Om te beletten dat onze  overtuiging slinkt, kunnen we een gevoel van hoogdringendheid opwekken, als besef van onze eindigheid. De uitdaging wordt dan dat we elk moment benutten om te doen wat goed is voor onszelf en voor anderen.

    Boeddhistische doeners en denkers – de serie (29)

    gastauteur - 17 mei 2026

    Arjan Mulder: 'Het boeddhisme is voor mij een persoonlijke tocht. Ik weet dat dit niet wordt aangeraden, maar ik kan niet zo veel met bijeenkomsten. De meditatie-ochtenden en weekend-retraites die ik heb bezocht, leverden mij vooral 'ongeloof op – over starre interpretaties en rituelen, met weinig ruimte voor gesprek.'

    Boeddhistische doeners en denkers – de serie (27)

    gastauteur - 15 mei 2026

    Loekie: 'Ik ben ook heel dankbaar dat dit op mijn pad is gekomen. Dat het voor mij als leek mogelijk is om met een groep van 60 mensen tien dagen op de Drentse hei samen te mediteren en te leren over het boeddhisme, dat is echt heel bijzonder.’

    Taigu – Het lijden in de wereld

    Jules Prast - 24 april 2026

    Het komt Taigu voor dat boeddhisme te vaak gaat over ‘verlichting’ en te weinig over het lijden in de wereld, dat eerst moet worden opgelost voordat iemand zich in spirituele zin bevrijd kan wanen. Het existentiële kerndilemma van boeddhisme is dat wij ieder delen in de rotheid van de wereld, terwijl wij over het vermogen beschikken onze bevrijding dichterbij te brengen door het lijden van de ander te verminderen. In sommige teksten wordt dit vermogen ‘boeddhanatuur’ genoemd.

    Meer onder 'pakhuis van verlangen'

    Footer

    Boeddhistisch Dagblad

    over ons

    Recente berichten

    • Het weten van het weten
    • Wat helpt?
    • Hans van Willenswaard – Het mysterie van de Zwarte Tulp (8) – de boeddhistische kloosterling
    • Rusten in niet-weten is…
    • Column van Joop – verlangen

    Reageren

    We vinden het geweldig om reacties op berichten te krijgen en op die manier in contact te komen met lezers, maar wat staan we wel en niet toe op de site?

    Over het BD

    Het Boeddhistisch Dagblad is een onafhankelijk journalistiek webmagazine over boeddhistische thema’s en inzichten.
    Lees ons colofon.

    Zie ook

    • Contact
    • Over ons
    • Columns
    • Reageren op de krantensite

    Het Boeddhistisch Dagblad is een onafhankelijk journalistiek webmagazine over boeddhistische thema’s en inzichten. Lees ons colofon.