Wat jullie aan het doen zijn, is net zo stom als wanneer iemand die de maan direct wil zien, daartoe het water in de plas schoonmaakt, de planten eruit haalt, een bamboeschutting om de plas zet om te voorkomen dat de wind er golfjes in maakt, of zelfs de plas laat leeglopen.
Chinees boeddhisme
De woorden van de Oude Cheng (5)
Op alle vragen die me worden gesteld over de Oorspronkelijke Geest kan ik er alleen maar het zwijgen toe doen of antwoorden met ‘nee’. En iemand die de Oorspronkelijke Geest gezien heeft, heeft de oude Cheng niet meer nodig.
De woorden van de Oude Cheng (4)
Niet in staat de Oorspronkelijke Geest te zien en zo uit jezelf te leven, verstoppen jullie je onbeduidendheid door de kleren van anderen aan te trekken, van levenden of van doden.Kaalgeschoren schedels, jullie zijn niets meer dan woordenmolens, niets meer dan goochelaars op de kermis.
De woorden van de Oude Cheng (3)
Begrijp nu toch eens en voorgoed dat al jullie pogingen om het Ondoordringbare te doordringen met je gedachten en activiteiten volmaakt zinloos zijn. Je kunt net zo goed proberen de wind te grijpen.
De woorden van de Oude Cheng (2)
Wierook branden, soetra’s reciteren, je tijd doorbrengen met je ter aarde buigen, opletten of je wel helemaal stilzit, je op een gedachte of juist het uitbannen van die gedachte concentreren, kijk, dat is jullie dwaling.
De woorden van de Oude Cheng (1)
Ik, oude Cheng, doe niemand na, ik belijd geen enkel geloof, ik volg geen enkele school en ben niemands volgeling. In mijn wezenlijke natuur weet ik niets, heb ik niets en ben ik niets, want daar bestaat geen oude Cheng.
Boeken – Requiem
De wereld is radicaal veranderd, als het over het katholicisme gaat. Wat ooit richting gaf aan levens en samenlevingen, is verschoven naar de marge. Kerken sluiten, symbolen worden erfgoed, geloof wordt keuze, of simpelweg verleden. De secularisatie is geen proces meer, maar een feit. We kwamen terecht in een wereld van ontdoping, nieuwe gezinsvormen, religieuze diversiteit én van pijnlijke waarheden die lang verzwegen bleven.
De Yijing (易經), het Boek der Veranderingen
Sommige boeddhistische denkers gebruikten de Yijing om boeddhistische ideeën uit te leggen of te vergelijken. De hexagrammen en het idee van voortdurende verandering (yi) leenden zich voor vergelijking met boeddhistische begrippen als onbestendigheid (anicca) en wederzijdse afhankelijkheid. Beroemde monniken, zoals Ouyi Zhixu in de Ming-tijd, schreven zelfs commentaren op de Yijing vanuit een boeddhistisch perspectief, waarin het boek werd geherinterpreteerd als een uitdrukking van boeddhistische waarheden.
Ksaf – Waar eindigt de aarde en begint de hemel?
Hoe vertelde je, nog niet zo lang geleden, een klein kind dat het zijn broertje verloor? Bijvoorbeeld door te zeggen: ‘Je broertje is naar de hemel gegaan.’ Nu zouden we eerder een rationele uitleg moeten bedenken. ‘Je broertje is niet meer op aarde. Maar we kunnen nog wel aan hem denken.’ Ons kleine kind zal dan vragen: ‘Maar als mijn broertje niet meer op aarde is, waar is het dan?!’ Ons kleine kind brengt ons meteen weer bij af, wie niet meer op aarde is, moet logischerwijze toch in de hemel zijn? Of is er nog een andere plek?
Ksaf – Waarom schrijven en lezen manieren zijn om ter communie te gaan
Voor mij is zelfverkozen eenzaamheid een van de grootste vormen van rijkdom die een mens kan verwerven. De grote, heilige paradox van het menselijk bestaan is dat wij alleen zijn, maar ons enkel eenzaam voelen als we niet beseffen dat elke ervaring van je afgescheiden voelen een illusie is.
Boeddhistische doeners en denkers – de serie (34)
Elsbeth Wolf: ‘Iedere leraar brengt de Dharma op een unieke manier tot uitdrukking en met hun teisho’s wijzen zij slechts met hun vinger naar de maan. Het is aan jou wat je ermee doet.’
Boeddhistische doeners en denkers – de serie (28)
Manon van Wijk: ‘Op dag 4 was net de boel een beetje rustig – en toen kwam het verhaal, over een vrouw die werkelijk alles verloor. Woedend was ik, compleet overstuur. Hoe kon een leraar nou toch met zo’n afschuwelijk verhaal op de proppen komen, juist nu ik wat tot rust gekomen was.’






