Waarom reciteren we in ons toevluchtritueel de oorspronkelijke Pancasila niet? Dat is de vraag die mij gesteld werd. Wel, er is niets mis met de Pancasila. Het enige probleem is de vertaling ervan. Meestal wordt het vertaald als de vijf ‘voorschriften’: niet doden, niet stelen, geen seksueel misbruik, niet liegen en geen alcohol drinken. Zo geformuleerd zijn het zelfs geen voorschriften maar verboden.
Je kunt een tekst maar vertalen in woorden en concepten waarover je in je eigen taal beschikt. Wat als je een courant woord niet kunt vertalen door een even courant woord in je eigen taal? Dan wordt vertalen heel omslachtig.
De Pali-tekst zegt: ‘sikkhapadam samadiyami’. ‘Sikkhapadam’ is het woord dat systematisch als ‘voorschrift’ vertaald wordt. Maar sikkha betekent training, oefening. Padam is verwant aan ons woord pad en betekent stap, en bij uitbreiding pad. Het is dus geen voorschrift maar een oefenstap. Samen vormen ze een oefenpad.
‘Samadiyami’ betekent ‘ik neem op mij’. Het is iets van geven en nemen. Vergelijk het met naar de fitness gaan. Je wil iets aan je conditie doen en een coach geeft je een trainingsschema dat je kunt volgen. Er is dus nergens sprake van een gebod of een verbod. Het is iets waar je vrijwillig voor kiest. In de Pali-canon wordt de Boeddha ook letterlijk een coach genoemd, een coach van zij die gecoached kunnen worden. Ethiek is dus niet iets wat van buitenaf opgelegd wordt, maar een natuurlijk vermogen dat gecultiveerd kan worden, als je dat wil. Waarom zou je dat willen? Wel, heel eenvoudig, omdat het je natuur is.
Hoe werkt dit trainingsschema? De volgorde is op zich niet belangrijk, maar laten we de eerste stap als voorbeeld nemen: het niet doden van levende wezens.
Oké, dit is een makkie. Ik loop niet rond met een geladen geweer en ben absoluut niet van plan om iets of iemand te doden. Maar wat met de muggen in mijn slaapkamer, en slakken in mijn tuin, of de streptokokken in mijn keel? En wat met dat product dat ik goedkoop op Amazon kan kopen maar dat geproduceerd wordt door een bedrijf dat de genocide in Gaza financiert?
Dat zijn vragen, geen antwoorden. En dit is het hele punt van het oefenpad: onze geest open houden en ons bewust blijven van al die vragen, zelfs wanneer we het antwoord ook niet weten. Het is een doorgaand proces dat ons telkens weer voor nieuwe uitdagingen stelt. Hetzelfde geldt voor de andere vier stappen.
Dus, correct begrepen is de Pancasila heel nuttig. Maar het wordt erg omslachtig als je het iedere keer opnieuw moet uitleggen omdat het altijd weer verkeerd begrepen wordt. Vaak valt er zelfs niets meer uit te leggen omdat de luisteraar ondertussen al lang afgehaakt is. Dat was de reden om de mandala van Vijf Boeddhafamilies in te voeren. Het is evenzeer een oefenpad, maar de nadruk ligt op de keuzes die we kunnen maken.
De Pancasila stamt uit het oudste boeddhisme, de Vijf Boeddhafamilies uit het latere mahayana en vroege tantrisme. Daar zitten eeuwen tussen. Er is geen ‘officiële’ relatie tussen beide, maar als je wil kun je ze wel met elkaar in verband brengen. Het zijn tenslotte allemaal verwoordingen van dezelfde menselijke realiteit.
Dus in de plaats van ‘niet doden’ is er de keuze van de groene familie om zich in te zetten voor het welzijn van alle levende wezens.
In de plaats van ‘niet nemen wat niet gegeven is’ is er de keuze van de gele familie om te delen .
In de plaats van ‘geen seksueel misbruik’ is er de keuze van de rode familie om liefde te geven en niet op te eisen.
In de plaats van ‘geen onjuist spreken’ is er de keuze van de blauwe familie om te begrijpen en niet meteen te oordelen.
En tenslotte: in de plaats van ‘geen gebruik van bedwelmende middelen’ is er de witte familie en de bereidheid om te kijken.
Er is het bekende verhaal van de monnik die gedwongen werd om één van zijn vijf voorschriften te breken. Het was een brave man en hij besloot het vijfde voorschrift te overtreden en wijn te drinken. Daar deed hij tenslotte niemand kwaad mee. Maar als gevolg daarvan brak hij ook de vier andere.
Dat maakt het vijfde ‘voorschrift’ meteen het belangrijkste. Ik heb oeverloze discussies meegemaakt over de vraag of een boeddhist nu wel of niet een glas wijn mag drinken. Maar daar gaat het niet over. Het gaat erover om ons niet te laten bedwelmen, om waakzaam te blijven. Het hele verhaal begint bij een open geest, bij waakzaamheid, bij de bereidheid om te kijken.


Geef een reactie