Bodai heeft de nacht doorgebracht in het bos en wordt wakker door het getjilp van een eenzame vogel. Hij ziet verder niets, het bos waaruit het geluid komt is nog aardedonker. In het midden van het kamp gloeit het vuur van de vorige avond nog na. Aan de overkant klinkt het gekraak van iemand die zich op zijn bamboebed omdraait. Dit is voor Bodai wel een rare toestand, hij is wel wat gewend maar dakloos zijn was altijd maar van tijdelijke aard. Nu heeft hij geen uitzicht op verandering van zijn situatie, zou het wat voor hem zijn, een ascetisch leven? Langzaam begint het lichter te worden, dan ziet hij dat alleen Kaun nog op zijn bed, ligt de anderen zijn verdwenen.
Boeddhisme
Het jaar 2026 – dag 103 – molen
Daar bij die molen…
Somewhere over the rainbow, skies are blue.
Take care out-there.
Boek van Guy – het ongeborene
Dit boek benadert het Ongeborene niet als een metafysisch principe, noch als een religieus of filosofisch concept, maar als een aanwijzing die zich pas ontvouwt door het loslaten van elke neiging tot vasthouden (upādāna; id.).
Over antropologie 24 – dana
Dana is een belangrijk begrip in het Boeddhisme. Het betekent zoiets als vrijgevigheid en dat is met name belangrijk voor de spirituele praktijk. In allerlei boeddhistische en hindoeïstische tradities staat het voor geven, liefdadigheid, en het beoefenen van deze deugden is in deze religies noodzakelijk
Bodai – ‘De ziel van mijn kom is haar leegte’
Bodai krijgt de slaapplaats van een dode man aangeboden. Hij vraagt aan de zwerver die hem begeleidt: ‘Op de plek van een overledene?
‘Prima plek, hoor, hij is 86 geworden en dat is lang niet gek voor een bedelaar.’
Guy – dhammazaadjes – Samadhi
Samadhi is die ‘speciale’ geestestoestand die voorbij onze verlangens en afkeer gaat, voorbij dualiteit, voorbij identificatie.
Bodai – ‘Ik ben geen bedelaar, maar een monnik’
De zwerver raakt op dreef: ‘Je hebt in zeven jaar nog niet veel geleerd, hè. Het enige wat je geleerd hebt is een vroom gezicht trekken, en die klap heeft ook niet veel geholpen. Je zou eigenlijk takken moeten gaan sjouwen om nog wat te leren. Rot op met je liedje het gaat om geven, alleen maar geven.’ Beteuterd kijkt Bodai naar de kom water in zijn handen, de dag begon al raar maar nu is het nog veel gekker. De bedelaar vraagt: ‘Wat ben je van plan?’ ‘Van plan, ik weet het niet, ik, ik…’Diepe zucht.
Bodai – ‘Ik ben niet in de wieg gelegd voor monnik’
De wereld schudt op z’n grondvesten een inktzwart gordijn schuift voor de zon, dan is het doodstil. Bodai staart in een inktzwarte omgeving. Er is geen wind, geen gevoel van de warmte van de zon, geen geur van de bomen, het gras, geen zwaartekracht,…er is alleen inktzwarte duisternis. Gelukkig voelt hij zijn stoel nog. Als hij zijn voeten op de grond wil zetten is er geen grond, onwillekeurig grijpt hij zijn stoel vast, bang er vanaf te vallen. Zijn ademhaling is gejaagd, niet zo rustig als normaal. Alles is doodstil en inktzwart, hij is bang om in een oneindige diepte te vallen.
Bodai – Gestaag stroomt de tijd voorbij
Drie dagen na zijn negentiende verjaardag vraagt hij aan de lama: ‘Ik ben nu zeven jaar in de tempel en ik heb nog steeds geen prajna-ervaring gehad. Ik denk niet dat ik echt voor lama in de wieg ben gelegd.’
Schotense Jikoji tempel viert verjaardag Boeddha
Ook deze week vieren de Mahayana-boeddhisten in Japan en Taiwan de geboorte van de Boeddha.
Priest in de BAK, de politiek van het nirvān̥a
Waarom blijven we alle heil verwachten van een politiek systeem en niet van onze medemens en onszelf? Het antwoord is dat we maar heel moeilijk afkomen van onze neiging tot metafysica, onze neiging tot geloof in “iets hogers”, iets dat we nooit hebben gezien en dat we niet kunnen omschrijven, maar dat voor ons de rommel die wel zelf maken zou moeten opruimen. Dit is een menselijke zwakte. Het lijkt makkelijker dan stoppen met rommel te maken. Zo geloven we in marktwerking of in het vrije individu, in anarchisme of solidariteit omdat we niet begrijpen dat onze gedachten hun eigen weg gaan en bovendien beïnvloed worden door de omstandigheden. We denken dat er een systeem is dat ons tegen dit toeval kan beschermen.
Bodai – Het zitten begint te wennen
Je begrip over alles is incompleet, natuurlijk spring je niet in de rivier, je bent nog niet herboren, je slaapt nog, daarom ben je nog niet in staat het geheel, de eenheid te zien. Je hebt er van gehoord en het voelde goed- het was duidelijk en het klopte, maar dat is alles. En dan kom je naar mij om te vertellen dat je een stofje bent. Er zijn momenten dat het oké is om een nietig stofje te zijn.
Guy – dhammazaadjes – De rol van de leraar
De vroeg-boeddhistische teksten zijn erg duidelijk over de rol van de leraar. Het is de rol van de leraar om de leerling te ‘veredelen’, d.i. om een ‘edel persoon’ (P. ariya-puggala) van hem of haar te maken. Om van een ‘wereldling’ (P. puthujjana) een ‘edel mens’ te maken. Een stroombetreder. Een sotapanna.
Bodai – De bel
Na zijn buigingen vertelde Bodai in geuren en kleuren dat hij vannacht zichzelf zag slapen. Zoooooo, zei de lama, ‘als jij jezelf zag slapen,…. wie keek er dan?
A yellow submarine
In een drukke winkelstraat, tijdens de koopjes, loopt een dronken man midden op de rijweg, en zingt uit volle borst: ’We all live in a yellow submarine’. Auto’s toeteren, mensen beginnen tegen hem te schreeuwen. Iemand roept of hij ooit van verkeersregels heeft gehoord. Het maakt duidelijk geen indruk op hem. Dan loopt iemand naar de man toe, geeft hem een arm en terwijl ze samen uit volle borst ‘We all live in a yellow submarine’ zingen, lopen ze arm in arm naar het voetpad.
Bodai – de adem van de draak
Toen ik jong was stierf mijn vader en mijn grootmoeder, die zo lief voor me was, stierf ook. Ik werd heel hard met de dood geconfronteerd. Ik zag dat er geen ontsnappen aan geboorte en dood is.
Het negende deel van de Dhamma-Zaadjes is uit.
Dit boek van Guy Eugène Dubois is een bloemlezing van korte teksten over Dhamma—de Leer van de Boeddha—die dagelijks naar de leden van Boeddha in de Stad, de onafhankelijke boeddhistische vereniging van Antwerpen worden toegestuurd.
Niemand kan eruit vallen
Elsbeth Wolf: ‘De paasviering is de expressie van de redding uit de onderwereld: je kunt er niet uitvallen. Het was een persoonlijke ervaring, die Ton zijn leven lang uit bleef dragen. Hij deed dat ook toen hij een keer meeging naar de gevangenis, waar ik in die tijd als geestelijk verzorger werkzaam was. Ik had hem gevraagd een teisho te houden. Er was veel reclame gemaakt en de stilteruimte puilde uit. Iedereen wilde die man weleens met eigen ogen zien en horen. De mannen hielden niet op vragen te stellen, er werd geluisterd, ze voelden zich gezien, er was aandacht, balsem voor de ziel.’
Over Antropologie 23 – Boeddhisme en geld
In het voorgaande artikel heb ik het over geld gehad. Ook boeddhisten komen gedurende hun aards bestaan met geld in aanraking. Als boeddhist maak je nu eenmaal deel uit van een wereldwijd financieel systeem. Hoe kun je je daar op een goede manier toe verhouden? Je kunt voor ‘geld’ ieder willekeurig ander woord invullen. Geld op zich is geen probleem, net zo min als een tafel, een stoel, een bord of een theelepeltje. Het gaat altijd om gedrag. Hoe ga je met iets om. Daar staat of valt alles mee.
Bodai – Varsika (de regentijd)
Bodai begon zo langzamerhand aan het kloosterleven te wennen. ’s Morgens meditatie en gym, na het eten werken en tempeldienst. Na de lunchpauze, werk en tempeldienst en na Yakusaki (dinner) meditatie en daarna naar bed.
Guy – dhammazaadjes – Je pense, donc je suis…
Anicca. Alles verandert. Alles vergaat. Je lichaam. Je perceptie. Je gewaarwordingen. Je reacties. Je bewustzijn.
Bodai – ademhaling
Onverwacht beginnen de monniken te zingen, tegelijkertijd wordt buiten de grote bel geluid. Dan loopt met veel gestommel de meditatiehal leeg en blijft Bodai vertwijfeld achter.
Bodai – een zware last
Het klooster van de Diepe Vrede lag net buiten de stad tegen een berghelling aan. Om half vier liep Bodai de poort binnen. In de tuin voor de tempel was een monnik aan het vegen. Bodai vroeg: ‘Is de lama thuis?’ ‘Kom maar mee’, zei de monnik. Samen liepen ze naar de zijkant van de tempel waar een houten plank aan een touw hing. Onder aan de plank hing een houten hamer. ‘Sla maar drie keer op de plank en dan zal de lama wel komen’, zei de monnik.
Bodai – Een verdwenen hoofd
Bodai richtte zich op het bos en zijn reis en zette flink de pas er in en grinnikte; Ja, ja, vleugelvoeten. Het smalle bospad begon breder te worden en het bos werd minder dicht, in de verte stond een boerderij.










