Over de Overlever, het afzonderlijke ik en de kunst van het samenspelen
Tijdens het voetballen gebeurt soms iets bijzonders. We gaan volledig op in het spel. De omgeving verdwijnt naar de achtergrond. Er is alleen nog de bal, het team en de beweging van het spel. We zien waar de ander staat, spelen over, anticiperen en reageren. Zonder daar voortdurend over na te denken.
We noemen dat flow. Op zulke momenten zijn we nauwelijks met onszelf bezig. We spelen, en juist daardoor ontstaat verbondenheid.
Natuurlijk lukt dat niet altijd. Sommige spelers houden de bal liever zelf. Ze blijven dribbelen, proberen nog een tegenstander te passeren en vergeten dat er ook medespelers zijn. Je hoort bijna een moeder langs de lijn roepen: ‘Jantje, je staat niet alleen in het veld!’
Die uitroep zou ook in menig politiek debat niet misstaan.
De strijd om het gelijk
In politieke gesprekken gebeurt iets vergelijkbaars. Mensen verdedigen hun overtuigingen met grote stelligheid. Ze kennen hun argumenten en wijzen feilloos op de zwakke plekken bij de ander.
Maar luisteren ze ook?
Zelfs wie oprecht hecht aan tolerantie, solidariteit en verbinding, kan in een fel gesprek weinig ruimte laten voor afwijkende opvattingen. Het gaat dan niet langer om samen iets te begrijpen, maar om het eigen gelijk te verdedigen. En wie zich daaraan ergert, kan ongemerkt zelf ook de strijd aangaan.
Wanneer bescherming de regie overneemt
Vanuit ons model van het Interne Gezin proberen we dit te begrijpen.
We beschikken over een bijzonder vermogen om te denken, te analyseren, te ordenen en verbanden te leggen. Dat noemen we de Strateeg. Hij helpt ons keuzes te maken en onze weg te vinden. We vormen ook een beeld van onszelf als afzonderlijk persoon. Dat helpt ons ervaringen te ordenen, plannen te maken en onze plaats in de wereld te vinden.
Maar dat zelfbeeld kan iets worden wat voortdurend verdedigd moet worden. Kritiek op een overtuiging voelt dan niet meer als een uitnodiging om na te denken, maar als een bedreiging van wie we zijn.
Wanneer we ons bedreigd, afgewezen of miskend voelen, kan bescherming de regie overnemen. De Strateeg zet zijn denkvermogen dan vooral in om dreiging af te wenden en zijn zelfbeeld te bewaken. Die beschermingsmodus noemen we de Overlever.
Die bescherming heeft een geschiedenis. Wat ooit nodig was om met onveiligheid, afwijzing of machteloosheid om te gaan, kan later opnieuw worden geactiveerd, ook als de oorspronkelijke dreiging niet meer aanwezig is.
De Overlever denkt niet noodzakelijk minder goed. Integendeel, hij kan buitengewoon intelligent redeneren. Maar zijn aandacht vernauwt. Hij merkt vooral op wat zijn positie bedreigt of zijn overtuigingen bevestigt. Wat de ander werkelijk bedoelt, kan buiten beeld raken. De ander verschijnt steeds minder als gesprekspartner en steeds meer als tegenstander.
Zo kunnen twee intelligente mensen uitstekend redeneren en elkaar toch nauwelijks begrijpen. Hun beschermingsreacties versterken elkaar: hoe feller de één zijn gelijk verdedigt, hoe meer de ander zich aangevallen voelt. Nieuwsgierigheid en openheid maken plaats voor wederzijdse verdediging.
Een samenleving van afzonderlijke ikken
We leven in een samenleving waarin presteren, concurreren en jezelf profileren voortdurend worden aangemoedigd. We leren al vroeg om onszelf met anderen te vergelijken. Wie ben ik? Wat kan ik? Waar sta ik? Heb ik gelijk?
Het afzonderlijke ik kan daardoor steeds meer het middelpunt van ons bestaan worden.
Niet iedere vorm van competitie is ongezond en niet ieder fel meningsverschil is een uiting van de Overlever. Maar wanneer onze identiteit sterk verbonden raakt met onze overtuigingen, kan kritiek daarop snel als een persoonlijke bedreiging worden ervaren.
De psychiater en denker Iain McGilchrist beschrijft hoe een eenzijdige gerichtheid op analyse en beheersing ten koste kan gaan van ons gevoel voor samenhang. We kunnen zo druk bezig zijn de wereld te verklaren en te beheersen dat we vergeten eraan deel te nemen.
Terug naar het voetbalveld
Tijdens het voetballen ervaren we dat het anders kan. Het bijzondere is dat we tijdens het samenspelen niet minder denken. We overzien situaties, anticiperen en nemen voortdurend beslissingen. Maar ons denken staat niet in dienst van het verdedigen van onszelf. Het helpt ons deel te nemen aan wat er gebeurt.
De Strateeg is weer een dienaar in plaats van de baas.
We blijven afzonderlijke mensen, met eigen mogelijkheden en beperkingen. Maar we hoeven ons afzonderlijke ik niet voortdurend centraal te stellen. We maken deel uit van iets wat groter is dan onszelf, zonder onze eigenheid te verliezen.
Dat gebeurt niet alleen tijdens het sporten. Ook in muziek, de natuur, stilte of een werkelijk gesprek kunnen we ervaren dat de voortdurende zorg om onszelf naar de achtergrond verdwijnt.
Verbinding vraagt niet dat we onze overtuigingen opgeven of onze eigenheid verliezen. Ze vraagt dat we de ander blijven zien als mens, ook wanneer die anders denkt, en beseffen dat ons eigen perspectief nooit de hele werkelijkheid omvat.
Dat geldt voor onze politieke tegenstanders, maar net zo goed voor onszelf.
Want wie werkelijk wil samenspelen, moet de bal durven afgeven.



Geef een reactie