Wat betekent iets? Wat voor etiket plak je waarop? Wanneer is er bijvoorbeeld sprake van genocide? Het nieuws maakt melding van concrete gevallen waarvoor dat etiket zou kunnen gelden. Maar wat is de etiquette om vast te stellen dat dat ook zo is?
De moeilijkheid zit deels in de vicieuze cirkel. Waar ligt het beginpunt om tot een oordeel te komen? Er doet zich een genocide-achtige situatie voor. Politici, journalisten en wetenschappers komen met opinies en analyses. Ze hebben daarbij al snel zicht op de kenmerken van die nieuwe situatie, maar tegelijk doet die hen denken aan genocides die eerder zijn gebeurd. Het algemeen etiket ‘genocide’, afkomstig uit een voorhanden repertoire, wordt van toepassing verklaard, voorzichtig verkennend of met grote stelligheid.
Maar past dat label echt wel bij de nieuwe situatie? Zet het verleden sowieso een bril op de neus van de beschouwer? Is al meteen duidelijk wat voor algemeen verschijnsel zich nu opnieuw voordoet? Of is de nieuwe situatie toch zo uniek dat de gelijkenis met eerdere voorbeelden niet vanzelf spreekt?
Etiketten zoals ‘genocide’ plakken, is een spel met politieke belangen. Bewindslieden die een politiek bedrijven die kandidaat staat voor dat label zullen met eigen definities komen die ervoor zorgen dat ze aan etikettering ontsnappen. Lijstjes met definiërende kenmerken die hun niet goed uitkomen, zullen zij wegwuiven als niet op hen van toepassing.
Zo heeft Israël in recente discussies het gebruik van het begrip genocide voor wat dat land doet met de Palestijnen afgewezen. Als de vraag is of Israël genocide pleegt, kan van Israëlische zijde zelfs beargumenteerd worden dat er maar één genocide is geweest, de Holocaust. Andere situaties kunnen er wel enigszins op lijken, maar die voldoen nooit helemaal aan het lijstje kenmerken dat men voor de Holocaust opstelt.
Een uitweg uit deze impasse biedt het idee van familiegelijkenis dat Wittgenstein heeft uitgewerkt. Geef de hoop op dat je een perfect lijstje kenmerken kunt opstellen waar alle gevallen overduidelijk aan voldoen. Er is namelijk altijd wel een situatie waarbij een bepaald kenmerk uit het lijstje ontbreekt. Elke vergelijking gaat ergens mank. Het is al heel mooi dat je zo’n lijstje kunt opstellen, ook al doen niet alle kenmerken zich in alle gevallen voor. Kinderen in een gezin kunnen dezelfde trekken vertonen, zonder volledig identiek te zijn. Zo zit het ook met generaliserende begripsvorming rond concrete situaties. Ondanks alle verschillen blijven er altijd wel toepasselijke trekken over. Verwantschap is er zeker wel.
Er is nog een andere manier om het begrip genocide een plek te geven. Daarbij gaat het niet om de definiërende kenmerken. Men kan zelfs verder gaan dan de familiegelijkenis te signaleren. Die andere manier hanteert een lijstje van waarden en legt die naast concrete situaties. Dan nog kan er onenigheid zijn over de vraag welke waarden op dat lijstje mogen, maar in elk geval hanteert men een ethische maatstaf om wat gebeurt te beoordelen. Hoe dan ook zal het niet zo moeilijk zijn om die situatie te confronteren met waarden als respect voor het leven, medemenselijkheid en mededogen.
De problematiek rond de etiquette van de etikettering is overigens niet voorbehouden aan genocide. Die doet zich ook voor bij begrippen als terrorisme, autocratie, fascisme. Bovendien wemelt ons taalgebruik van termen waarover gedebatteerd wordt, omdat ze niet zo gemakkelijk van een eensluidende betekenis zijn te voorzien. Wat heet bijvoorbeeld democratie, bewustzijn, goedheid, God?


Geef een reactie