• Door naar de hoofd inhoud
  • Skip to secondary menu
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst

Boeddhistisch Dagblad

Ontwart en ontwikkelt

Header Rechts

Vijftiende jaargang

Zoek op deze site

  • Home
  • Agenda
    • Geef je activiteit door
  • Columns
    • Andre Baets
    • Dharmapelgrim
    • Bertjan Oosterbeek
    • Dick Verstegen
    • Edel Maex
    • Emmaho
    • Goff Smeets
    • Hans van Dam
    • Jana Verboom
    • Joop Hoek
    • Jules Prast
    • Paul de Blot
    • Rob van Boven en Luuk Mur
    • Ronald Hermsen
    • Theo Niessen
    • Xavier Vandeputte
    • Zeshin van der Plas
  • Nieuws
  • Contact
    • Steun het BD
    • Mailinglijst
  • Series
    • Boeddha in de Linie
    • De werkplaats
    • Recepten
    • De Linji Lu
    • De Poortloze Poort
    • Denkers en doeners
    • De Oude Cheng
    • Meester Tja en de Tao van Niet-Weten – alle links
    • Fabels door Goff
    • Cartoons van Ardan
    • Tekeningen Sodis Vita
    • De derwisj en de dwaas
  • Over ons
    • Redactiestatuut van het Boeddhistisch Dagblad
    • Redactieformule van het Boeddhistisch Dagblad
  • Privacy

Home » Achtergronden » Liberale vrijheid, blijheid en de sociale kwestie

Liberale vrijheid, blijheid en de sociale kwestie

6 januari 2026 door Kees Moerbeek Reageer

De liberalen waren in de 19de eeuw vanaf 1848 dominant in de Nederlandse politiek. Kiesrechtuitbreiding was de directe aanleiding voor de breuk rond 1885 tussen de conservatief-liberalen en de progressief-liberalen. Hierachter gingen echter grote meningsverschillen schuil over de arbeiderskwestie (sociale kwestie). Dr. Ad C.J. De Vrankrijker wijdt zijn boek Een groeiende gedachte aan deze breuk. Dit artikel geeft een indruk van zijn boek, aangevuld met eigentijdse aanvullingen.

Na de Franse bezetting telde ons land veel armen. In de tweede helft van de 18de eeuw was het aantal echter al onrustbarend gestegen. Ook groeide het aantal renteniers. Zij hoefden niet te werken omdat ze er ‘warmpjes’ bijzaten, maar velen moesten duimendraaien omdat er geen werk was. Na 1813 nam het aantal armen niet af tot een meer acceptabel niveau, constateert De Vrankrijker in het eerste hoofdstuk Conservatisme (1815-1822). In de steden bleek dit het duidelijkst. Wat waren de oorzaken en wat was de oplossing?

Armoede

‘Arm’ was iedereen die destijds maatschappelijke ondersteuning kreeg. Er waren ‘armen’ die bijvoorbeeld door ziekte, gebrek of ouderdom zichzelf niet konden onderhouden. Ook waren er ‘armen’ die wél konden werken, maar tijdelijk of blijvend geen werk konden vinden om van te leven. De statistiek maakte dit onderscheid nog niet.

Wat is de reden van deze armoede? Volgens Thomas Robert Malthus’ Essay on the principle of population uit 1798 heeft de mens een onbeperkte drang tot voortplanting, maar de natuur is karig in het voorzien van levensmiddelen. Is er een scheve verhouding tussen het aantal mensen en de hoeveelheid voedingsmiddelen, dan komt een deel van de mensen tekort, lijden ze honger en sterven ze. Dus moest de bevolkingsgroei onder controle worden gebracht. Zo niet dan zou het land worden overladen met ‘armen en gebrekkigen, lediggangers en booswichten, welke, ten koste van den nuttigen burger, in hun ellendigen toestand worden onderhouden en gevoed’, aldus een citaat uit 1815. Liefdadigheid verzachtte Malthus’ idee.

Sommige schrijvers kwamen tot de conclusie dat Nederland niet overbevolkt was en zelfs een grotere bevolking kon voeden. Het probleem was dat velen geen geld hadden om levensmiddelen te kopen. Het viel volgens hun niet te ontkennen dat er een scheve verhouding bestond tussen de prijzen en de lonen. Een bron uit 1817 vermeldde dat de prijzen de voorgaande vijftig jaar waren verdubbeld, terwijl de lonen gelijk bleven. Vooral in de steden waren de prijzen te hoog. Daar beletten accijnzen op onder andere brood, meel, zout, olie en turf de werklui om in gunstige maanden geld opzij te leggen voor slechtere tijden.

Men twijfelde niet aan de legitimiteit van bezit en aan het standsverschil, maar kreeg wel oog voor de verschillen. Waarom moesten velen zó arm zijn en enkele anderen zó rijk? De levensomstandigheden moesten gunstiger worden. Betere woningen, betere voeding, enig bezit en bezitsspreiding zouden zorgen een groter aantal mensen degelijk en deugdelijk te maken. De auteur merkt op dat geen van de schrijvers die hij aanhaalt, meende dat werkloosheid en armoede het gevolg waren van onvermijdelijke economische wetten. Een deel van de schrijvers sprak over de luiheid en verkwisting bij een deel van de arbeiders en dat ‘ondersteuning de kwaal verergert’.

Passief liberalisme

In hoofdstuk twee Passief liberalisme (1835-1852) schrijft De Vrankrijker dat juristen en economen een voorkeur hadden voor Malthus’ leer, of deze zelfs aanvaarden als bepalend. Mensen uit de praktijk van de armoebestrijding dachten hier anders over. De officiële economie zou zich uiteindelijk losmaken van Malthus hardvochtige leer.

Zij die niet vanuit dit dogma redeneerden verweten de overheid dat zij het opstapelen van schatten door enkelingen toestond en de ‘toeneming van het gebrek bij de lagere volksklassen’ duldde, bladzijde 44. De dreiging van het revolutiejaar 1848 en de vrees voor onlusten bevorderde de eerlijkheid bij het armoedeonderzoek.

Ook de ‘armen’ kregen kritiek, hun tekortkomingen werden vaker en breder uitgemeten, zoals drankmisbruik en zedeloosheid. Heel anders was het als men sprak over het gebrek aan opleiding van de Nederlandse arbeider. Te beperkte productie en een tekort aan werk werden onder andere veroorzaakt door kennisgebrek. Veel arbeiders legden zich toe op lagere arbeid en te weinigen op arbeid waar kennis en kunde voor nodig was. Werkgevers verzuimden leiding en opleiding te geven. Toch waren er ook bezwaren tegen vakonderwijs. Ouders gingen inkomsten missen, omdat kinderen niet werkten. Ook zou geld aan de nijverheid worden onttrokken om dit onderwijs op te richten.

De officiële staatshuiskunde (economische leer) stelde dat maatschappelijke ontwikkeling plaatsvindt volgens (natuur)wetten waar mensen geen invloed op (moeten willen) hebben. De overheid moest zich dus niet bemoeien met lonen, geen werkgelegenheid scheppen, noch kapitaalvorming en belegging in de eigen industrie bevorderen. De Vrankrijker concludeert dat er in deze periode weinig ideeën bestonden over de manier waarop de armoede kon worden verminderd. Wel wilde men drankmisbruik en ruw volksvermaak aanpakken, toezicht op families instellen en zelfs àlle arbeiders onder toezicht te stellen van meer ontwikkelden.

Angst

Hoofdstuk drie is getiteld Verontrust liberalisme (1853-1870). In deze periode stond het er beter voor dan in de vorige. Dit wil niet zeggen dat de arbeider er beter aan toe was. Zijn loon was nog steeds te laag, de werktijden te lang, de gezondheidssituatie en de huisvestingsomstandigheden waren beneden het niveau van het acceptabele. Wel gingen de meeste liberalen de positie van arbeiders los zien van de massa van de armen. Ze maakten het vraagstuk van lonen, arbeidstijden en bescherming van de gezondheid van arbeiders los van het maatschappelijk probleem van de armoede. De organisaties van hulpbetoon zetten hun werk ijverig voort.

Er ontstonden verenigingen en comités om ‘valide’ arbeiders en hun noodlijdende families te motiveren tot actie, niet zelden onder leiding van ‘heren’. Meestal waren het lapmiddelen gemotiveerd door liefdadigheid en de angst voor de ‘ismes’, socialisme en communisme, bladzijde 65. De verwachtingen over (verbruiks-)coöperaties waren hooggespannen. Arbeiders konden weliswaar iets goedkoper leven, maar er werd niets bereikt over lonen en werktijden. De staat erkende arbeiders immers nog steeds niet als ‘medeburger met medezeggenschap in het bestuur.’ Het overheidsmotto was neutraliteit. Kortom, het alom bekende liberale ‘Laissez faire, laissez passer, le monde va de lui-même.’

De ‘ismes’ sloegen een brug tussen staatsonthouding en beperkte staatsbemoeienis. Veel weldenkenden wilden de mensonwaardige toestanden opruimen. Veiligheid en economisch belang waren volgens hun motieven voor de overheid om in te grijpen. Van de afzonderlijke werkgevers viel dit immers niet te verwachten. Schoorvoetend kwamen de regering en de publieke opinie terug op het dogma dat alles wel vanzelf terecht zou komen, maar het duurde nog voor het tot daden kwam.

Trage aftrap

De sociaal-liberale politicus Sam van Houten ging de Thorbeckiaanse staatsonthouding te lijf. Hij is bekend van de ‘Wet Houdende Maatregelen tot het Tegengaan van Overmatigen Arbeid en Verwaarlozing van Kinderen’ uit 1874. Al in 1863 noemde hij in een boekbespreking het ‘veelgeroemde eigenbelang’ een onvoldoende richtlijn en lang niet altijd heilzaam in de economie. Economie als abstracte leer bracht geen beslissing over praktische vraagstukken, stelde hij. ‘Men moest oordelen naar de bestaande toestanden.’ Hij was de eerste die deze gedachte lanceerde en hij handelde hiernaar bij onder andere zijn initiatieven tegen het stakingsverbod en voor de beperking van kinderarbeid. De Vrankrijker schrijft: ‘Hij zocht het evenwicht in de samenleving voor elke stand te bewerkstellingen, en hiertoe leken wetten nodig, die de vrijheid voor werkgevers beperkten.’

De sociaal-liberalen, aangevoerd door Sam van Houten en Hendrik Goeman Borgesius, zagen in dat de ‘sociale kwestie’ een sociale politiek vereiste. Ze legden met wetgeving de basis voor de latere verzorgingsstaat. Goeman Borgesius nam in 1887 als kamerlid het initiatief tot een parlementaire enquête naar de arbeidsomstandigheden in werkplaatsen en fabrieken. Die enquête veroorzaakte een schok, zo afschuwelijk waren de werkomstandigheden in veel fabrieken. Later bracht Goeman Borgesius als minister de leerplichtwet, de woningwet en de gezondheidswet tot stand.

Overpeinzing

In zijn boek laat De Vrankrijker de gematigde en socialistische arbeidersbeweging niet onbesproken. Van Houten maakte het christendom verwijten. ’Naar zijn inzicht maakte de verwachting van een loon na de dood de mensen onverschillig voor verbetering van hun aardse lot.’ Met name Abraham Kuijper en de zijnen schreven de tegenstellingen in de samenleving toe aan zonde en zolang zonde bestaat waren ze onuitroeibaar. In andere kerkelijke kringen ontwaakte men ook voor wat betreft de arbeiderskwestie. Met name hoofdstuk vier Sociaal geweten (1871-1881) besteedt aandacht aan dit alles. De noodzaak van sociale wetgeving groeide verder. Het doel van Ad de Vrankrijker was om te laten zien hoe uit de periodes van armenzorg en sociaal nihilisme, het besef groeide dat er een sociale kwestie bestond en dat deze een oplossing vereiste. Het ging hem om deze historische omslag.

Opmerking

Columnist bij het dagblad Trouw Hans Goslinga schrijft in 2004 dat de Nederlandse sociale politiek traag verliep en zuinigjes was. Zo niet in Duitsland waar de IJzeren Kanselier Otto von Bismarck met ‘ingrijpende sociale wetgeving het spook van de socialistische revolutie poogde te verdrijven.’

Bronnen:
De Vrankrijker. A.C.J. Een groeiende gedachte. Van Gorcum Assen, 1959
Goslinga, H. Sociaal-liberale vaders uit de oertijd. Trouw, feb. 2004
Armoedefonds
https://www.armoedefonds.nl/
1874-Kinderwet, Centraal Bureau voor de statistiek, sept. 2024
https://www.cbs.nl/nl-nl/visualisaties/tijdlijn-sociale-zekerheid/1874-kinderwet
Van Rossem Vertelt over kinderarbeid in de Leerdamse glasfabriek | RTV Utrecht
https://www.youtube.com/watch?v=iFUdBvWTD7c
De sociale kwestie, stemrecht en de schoolstrijd
https://www.youtube.com/watch?v=WarL0OcLdQw

 

 

Categorie: Achtergronden, Columns, Mensenrechten, Politiek, Voedsel Tags: Abraham Kuijper, arm, armoede, bezit, blijheid, De Vrankrijker, Hans Goslinga, Hendrik Goeman Borgesius, honger, kiesrecht, liberalen, maatschappelijke ondersteuning, Otto von Bismarck, overbevolking, overlijden, Sam van Houten, stakingsverbod, standsverschil, Thomas Robert Malthus, voeding, vrijheid, werktijden

Lees ook:

  1. Week van de voedselbanken in een tijd van voorspoed
  2. Boeddhistische monniken waarschuwen Sri Lankaanse leiders voor Sangha-edict
  3. Bhikkhu Bodhi – Honger en klimaatverandering
  4. Weg uit Tibet, de monniken zijn op vakantie

Elke dag het BD in je mailbox?

Elke dag sturen we je een overzicht van de nieuwste berichten op het Boeddhistisch Dagblad. Gratis.

Wanneer wil je het overzicht ontvangen?

Lees Interacties

Geef een reactie Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Primaire Sidebar

Door:

Kees Moerbeek

Kees Moerbeek werkte aan De Lotusvijver en was eindredacteur/hoofdredacteur voor het Magazine VvB. Hij gelooft in de sociaal-maatschappelijke aspecten van het boeddhisme. Kortom: het Achtvoudige Pad. 
Alle artikelen »

Agenda

  • Agenda
  • Geef je activiteit door

Ochtend- of avondeditie

Ochtend- of avondeditie ontvangen

Abonneer je

Elke dag gratis een overzicht van de berichten op het Boeddhistisch Dagblad in je mailbox.
Inschrijven »

Agenda

  • 6 januari 2026
    Basiscursus Zenmeditatie 7 januari t/m 11 februari 2026 in Arnhem
  • 7 januari 2026
    Online lezingenserie>Continuїteit van bewustzijn: de dood en erna (1)
  • 7 januari 2026
    Zen Spirit Basiscursus Zenmeditatie 7 januari-11 februari 2026 in Arnhem
  • 8 januari 2026
    Online Dhammapada Reading Session
  • 8 januari 2026
    Cursus 'Leven met Sterven' met Irène Bakker, 8 januari-3 februari 2026 Online bij 30Now
  • 10 januari 2026
    Applied Abhidhamma, The Buddhist Psychology, Level 1A
  • 10 januari 2026
    Meditatie-bijeenkomsten Ligmincha Sittard
  • 10 januari 2026
    Themamiddag 'Beheerst toeval of rechtvaardigheid ons leven?
  • bekijk de agenda
  • De werkplaats

    De werkplaats.

    Boeddhistische kunstenaars

    Artikelen en beschrijvingen van en over het werk van boeddhistische kunstenaars. Lezers/kunstenaars kunnen zich ook aanmelden met hun eigen werk.
    lees meer »

    Pakhuis van Verlangen

    In het Boeddhistisch pakhuis van verlangen blijven sommige teksten nog een tijdje op de leestafel liggen.

    Zie mij als een open raam

    Hans van Dam - 14 december 2025

    liefste is mijn naam vergeten ’k weet nog steeds niet of ik heet

    BUN-voorzitter Michael Ritman: ‘de waarheid van de dharma kan niet aangetast worden door wangedrag van een leraar’

    Nicole Mulders - 14 november 2025

    Eind november 2025 neemt Michael Ritman afscheid als voorzitter van de Boeddhistische Unie Nederland (BUN). In maart 2020 interviewde Nicole Mulders hem voor het Boeddhistisch Dagblad. De boeddhistische wereld verkeerde geruime tijd voor dat interview in zwaar weer door seksueel- en machtsmisbruik door boeddhistische leraren. Het aantal leden van de BUN is van 37 naar ruim 50 gegroeid, onder meer door de aansluiting van Aziatische boeddhistische tempels waar Ritman het contact mee aanging.

    Van wie is jouw lijf? De mythe van het eigen lichaam

    Hans van Dam - 24 september 2025

    Hoe je van je lichaam afkomt zonder het te doden; incarnatie in het licht van afhankelijk bestaan (pratitya samutpada).

    Ardan, van zenleraar tot brugwachter – ‘Je opent de brug en je sluit ‘m weer. Bijna zen.’

    Ardan - 9 augustus 2025

    'Ik wil mezelf niet opzadelen met titels. En bovendien zei me de titel 'zenleraar' niet zoveel. Was ik nu anders geworden? Kon ik nu beter mensen begeleiden dan daarvoor? Het klopte voor mij niet. Datgene wat mij het meest gebracht had, namelijk die vrije vrouw/man zonder titel liep nu met een titel rond. En dat beviel me niks.'

    ‘Het leven zelf is zazen’

    Wim Schrever - 28 april 2025

    De grote tragedie hier in het Westen is dat we onze eigen spirituele traditie zo snel hebben opgegeven en met het badwater -de religie- ook het kind -de spiritualiteit- hebben weggegooid. Terwijl een mens fundamenteel nood heeft aan spiritualiteit, aan zingeving.

    Meer onder 'pakhuis van verlangen'

    Footer

    Boeddhistisch Dagblad

    over ons

    Recente berichten

    • Het jaar 2026 – dag 7 – dwaling
    • Besmette babyvoeding: foodwatch eist stappen en opheldering NVWA
    • Boeddhistische ervaringsdeskundigen gezocht
    • Verlangen (P. tanha, lobha) (2)
    • De Boeddha van Berenike

    Reageren

    We vinden het geweldig om reacties op berichten te krijgen en op die manier in contact te komen met lezers, maar wat staan we wel en niet toe op de site?

    Over het BD

    Het Boeddhistisch Dagblad is een onafhankelijk journalistiek webmagazine over boeddhistische thema’s en inzichten.
    Lees ons colofon.

    Zie ook

    • Contact
    • Over ons
    • Columns
    • Reageren op de krantensite

    Het Boeddhistisch Dagblad is een onafhankelijk journalistiek webmagazine over boeddhistische thema’s en inzichten. Lees ons colofon.