Langzaam wordt alles scherp en helder, de inktzwarte duisternis omarmt Bodai met een warm en veilig gevoel. Hij ontdekt zijn ademhaling die diep de grond in daalt en weer opstijgt tot in zijn buik, zijn buik die als water in een kom zijn adem draagt. Bij elke ademhaling strekt ruimte zich verder uit tot de verste uithoeken van het universum. Dan stopt het, als de zee die zich bij eb terugtrekt- zo verdwijnt de ruimte. Bodai blijft onwrikbaar zitten en alles stroomt over hem uit, duisternis, ruimte, tijd, als een weefsel wordt hij er door omkleed. Dan buldert zijn adem weer de grond in- zijn inktzwarte omgeving dijt uit en hij stijgt op; de lege ruimte is gevuld met niets.
slot
Menno – slot
Kort na 2003 heb ik voor mijn alter ego de naam “Dharmapelgrim” bedacht. Het begrip ‘alter ego’ betekent letterlijk “ander ik”. Denk nu niet dat ik een soort psychiatrische stoornis heb met meerdere ‘ikken’. Vergelijk het liever met de boven- en onderkant van een muntstuk. Kop en munt: zijn één geheel, en geen twee losse zaken. Ik ben Menno en tegelijkertijd bén ik ook Dharmapelgrim, en tussen die twee ervaar ikzelf geen enkel verschil. Ik gebruik mijn alter ego om mijn creativiteit en spiritualiteit te benadrukken. Ik schrijf als Dharmapelgrim voor het BD, zoals ik als opa op mijn kleinkinderen pas
De kern van yoga – afsluiting
Het is moeilijk: de weg strekt zich altijd vóór mij uit, in welke richting ik mij ook draai. Het is onmenselijk: er is geen beginnen aan de weg, want er komt geen einde aan. Het is bevrijdend: er is geen begin van de weg, en er is geen eind … het enige dat er is, is de weg.
Bodai (slot) – ‘langzaam wordt alles scherp en helder’
Een beklemmend gevoel van teleurstelling overmant Bodai, hij krijgt een angstig beeld van een ballon die in een lege ruimte eindeloos van muur tot muur stuitert. Alsof hij schrijlings bovenop de buitenmuur van samsara, ‘zijn gevangenis’ zit.




