Stille getrouwen.
Preek 10 – Geen Boeddha, geen Mara!
Er zijn geen voelende wezens, er is niemand om te verlossen, er is niemand die verlost. Dat zijn allemaal hersenspinsels. Fantomen in je geest.
Preek 9 – Geen Boeddha zonder Mara!
Wie van Mara naar Boeddha overloopt, van gehechtheid naar onthechting, van de vorm naar de leegte, die verruilt het ene nest voor het andere.
Meester Tja 117 – Wie Tja heeft lijkt op een kindje
Hij dringt niet meer op of aan, en alles gaat weer spontaan.
Meester Tja 116 – Maar dan komt de borst en de melk vloeit vanzelf
Zijn oogjes zien beelden, maar het weet niet waarvan. Zijn plasser wordt stijf, maar het weet niet waartoe.
Meester Tja 115 – Onafgebroken offer ik mijn denkbeelden op
Gebroken spiegel, ongebroken geest.
Meester Tja 114 – Wie is het die wortelt zonder grond?
Gedenk te zweven.
Preek 8 – Wijzen weten niet beter!
Als je niets gelooft is er geen situatie om meester van te worden, geen plek om heen te gaan.
Preek 7 – Kijken zonder kopen!
Uiterlijk maak ik geen onderscheid tussen werelds en heilig, innerlijk verwijl ik niet in het absolute. Ik ken zekerheid noch twijfel en kijk overal dwars doorheen.
Meester Tja 113 – Hoe weet ik dat de wereld is zoals ik hem zie?
Ik beschouw het Tja als mijn ziel, mijn ziel als mijn lief, mijn lief als mijn thuis, mijn thuis als mijn wijk en mijn wijk als de wijde wereld.
Meester Tja 112 – In je zwakte gaan staan
Alleen wie in zijn zwakte gaat staan, kan de volle kracht van het Tja ervaren. Alleen wie zijn kleinheid realiseert, belichaamt het Grote Tja.
Meester Tja 111 – De openbaring van het Grote Tja
Ik herken het Grote Tja in vrede en in oorlog, in soberheid en in zwelgen, in Boeddha en in Mara. Ik herken het overal en ik vrees het – niet.


