De indeling in de vier grote elementen verwoordt elk uniek, specifiek aspect van stoffelijkheid. Elk element is een dhamma, het draagt zijn eigen specifieke kenmerken. Hitte en beweging komen wel gezamenlijk voor maar zijn niet hetzelfde. Stoffelijkheid presenteert zich op vele manieren aan de zintuigen. Ieder element in haar eigen domein. Het zo kunnen beschouwen van zoiets alledaags als een stoel is een staaltje analyse van de bovenste plank
Columns
Het jaar 2025 – dag 337 – duister licht
Er is toch stroom nodig voor lantaarnpalen die duister licht verspreiden. Voor niks gaat de zon op.
Somewhere over the rainbow, skies are blue.
Take care out-there.
Meditatie- ‘Het levert niets op, ik kom geen stap vooruit’
Je zit recht, je hebt je vastgebeten in je oefening, je bent helder, alert. Maar voor iedereen hier geldt, als je maar een klein beetje onvoorzichtig bent dan ben je het zo weer kwijt.
Peter – Bericht uit het beschermde huis (25)
Die solitaire benadering van het ongerief in je hoofd kan een eenzame aangelegenheid zijn. Maar Schopenhauer schreef het al: liever alleen, dan onder verraders.
Het jaar 2025 – dag 336 – senioren
Vroeger moest je een bordje met Slecht Horend achter op de fiets plakken, nu: uitvreter bejaarde.
Somewhere over the rainbow, skies are blue.
Take care out-there.
Taigu – Ahimsa: beeld en werkelijkheid
Ahimsa, geweldloosheid, is hét wezenskenmerk van boeddhisme, geloven moderne aanhangers ervan, evenals de rest van de wereld. Deze normatieve reflex klopt echter niet met de historische praktijk.
Het Open Boek
Het boek Rotterdam verscheen vrij recent, in 2022. Met een verward gevoel over de subtitel begon ik te lezen. Een ode aan de inefficiëntie, hoe zo? Rotterdam blinkt toch uit in efficiency? Maar Arjen van Veelen beschrijft met pijn – op een heerlijke poëtische wijze- het tempo waarmee de stad en de economie van Rotterdam zich ontwikkelden. Een moorddadig tempo. Zijn verhaal laat zien hoe de moloch van economisch denken en handelen een liefdeloze verachting heeft voor alles wat de menselijke maat behoeft. Hij laat zien dat technologie ons niet een gemakkelijker leven heeft bezorgd, maar ons opjaagt, nerveus maakt en gevoelens van verlorenheid en eenzaamheid brengt. De samenleving atomiseert, het sociale weefsel wordt aangetast in een niets ontziende jacht op productie, snelheid en consumptie. Met de ontwikkeling van het wereldwijde containervervoer werden haven en stad gescheiden.
Het jaar 2025 – dag 335 – zeil
Zeilen met tegenwind…
Somewhere over the rainbow, skies are blue.
Take care out-there.
Zen en de kunst van het Solex-onderhoud
Mijn nieuwe acquisitie was een bij elkaar geraapt zooitje dat met tieribs, zogenaamde kabelbinders, bijeen gehouden werd.
Over Antropologie 5: Veldwerk
Vroeger werd er geen of nauwelijks veldwerk verricht. Antropologen bleven gewoon thuis en zagen dus niet met eigen ogen hoe het dagelijks leven ergens anders verliep. Wat ze wilden weten, haalden ze uit geschreven bronnen. Reisverhalen. Brieven. Logboeken. Ze borduurden voort op werk van anderen, en wat zij hadden opgetekend over geschiedenis en traditie. Noem het leunstoel-antropologie. Vandaag de dag zijn er mijns inziens nog veel amateur antropologen die vanuit hun leunstoel menen ‘alles te weten’ over bijvoorbeeld het boeddhisme in het verre oosten omdat ze een paar boeken hebben gelezen, of door een reisgids hebben gebladerd met mooie foto’s over pagodes. Ik zeg maar wat. Zelf bezit ik trouwens een tweedehands leunstoel.
B’eter: Provençaalse salades
Kort nadat we thuisgekomen waren van onze rondreis door de Provence kwam het boek Passie voor de Provence van Yvone Lenard toevallig op mijn pad. Het bevat verhalen over de Provence en elk hoofdstuk wordt begeleid door een recept. Vandaag wil ik het hebben over vinaigrette. Salades maak ik doorgaans af met een scheutje olijfolie en een scheutje azijn, maar de vinaigrette uit het boek heeft wel wat. We hebben er al diverse salades mee gemaakt. Steeds verder uitgeklede varianten van de salade Niçoise.
Gesprekjes: Nieuwe woorden
Bij mij in de buurt noemen ze mij soms “ ’t vogeltje” doordat ik vrijwel altijd liedjes fluit zodra ik buiten ben. Dat doe ik al zolang ik mij dat kan herinneren, dus pak ‘m beet: zo’n jaar of zeventig. Het gaat mij ook best goed af, vind ik zelf. De melodieën variëren van ‘Die Forelle’ van Franz Schubert tot kinderliedjes die wij uit volle borst op de lagere school zongen, begeleidt door een meester of juf die vaardig was met een blokfluit. Helaas wordt er tegenwoordig op school nog maar zelden muziek gemaakt of gezongen. Maar eerlijk is eerlijk: niet iedereen is van vrolijkheid gecharmeerd.









