Toen medio jaren ’50 boeddhisme in India een boost kreeg door Ambedkar’s massabekering werd al direct duidelijk dat importeren van lerare(sse)n uit boeddhistisch-Aziatische landen niet de belangrijkste peiler voor stabiele groei kon zijn. De casus dat een paar net uitgenodigde Srilankaanse monniken als allereerste prioriteit les gaven in de correcte neerbuigingen, verplichte lage zitplaatsen en voedsel-offerandes van leken naar hen toe sprak boekdelen; de nieuwe volgelingen voelden zich van de regen in de drup beland, want ze ontvluchtten het brahmaanse hindoeïsme mede vanwege de plichten tot neerbuigingen voor de übermensch-brahmaanse priesters!

