Begint eer ge bezint.
‘Alles heb ik over voor de vrijheid, Hans.’
‘Ook jezelf?’
‘Alles.’
‘Ook het zelf?’
‘Alles.’
‘Ook de vrijheid?’
‘Ik geloof…’
‘Ook de overtuiging dat je alles over hebt voor de vrijheid?’
‘Nou…’
‘Ben je bereid zelfs het opgeven van jezelf, het zelf, de vrijheid en al je overtuigingen op te geven?’
…
‘Ik dacht al zoiets.’

