Eenheid nastreven is verdeeld blijven.
Leerling: Wat is de wil?
Meester Nitwit: Wat je verscheurt.
Leerling: Hoe komt u daar nu bij?
Meester: Je wilt vrij zijn én gebonden. Vasten én vreten. Luieren én sporten. Roken én fit zijn. Vasthouden én loslaten. Uitgaan én thuisblijven. Geven én nemen. Scheppen én vernietigen.
Leerling: Ja, dat klopt wel zo’n beetje.
Meester: Mensen bidden om vrede en om oorlog.
Leerling: Kunt u soms gedachten lezen?
Meester: De wil verdeelt en heerst.
Leerling: Hoe kom ik tot eenheid?
Meester: Zie je wel?
Leerling: Wat?
Meester: Eenheid nastreven is verdeeld blijven.
Leerling: Waarom?
Meester: Omdat je je daarmee verzet tegen je innerlijke verscheurdheid.
Leerling: Maar ik wil me niet verzetten!
Meester: Zie je wel?
Leerling: En ik wil niet verscheurd blijven!
Meester: Zie je wel?


