Het basisadvies van Boeddha voor parttimers is ‘dana, sila en samadhi’. Oftewel beginnen met vrijgevigheid, daarna de rest van de ethische adviezen/leefregels en uiteindelijk tijd vrijmaken voor meditatie. We beginnen dus met dana: de parttimer heeft een attitude om te helpen waar zhij dat kan en waar dat het meeste nodig is. Zeker niet gelimiteerd tot de eigen familie en directe vrienden, dan zou het geven ook veel te makkelijk een ruiltransactie worden – je verwacht er wat voor terug. En ook niet met een prioritering waar geven (van tijd en/of geld) aan Dharmacentra/tempels of fulltimers altijd beter zou zijn dan pakweg het helpen van armen in jouw omgeving of het tijd steken in ouderenzorg. En natuurlijk vooral in het belang van de ontvanger en liefst anoniem; te veel zie je in Azië nog donaties waar de naam van de gulle gever bijna in neonletters zichtbaar moet zijn…
Ujukarin
Dharma beoefenen in Zuid-Azië deel 1: fulltimers
Toen medio jaren ’50 boeddhisme in India een boost kreeg door Ambedkar’s massabekering werd al direct duidelijk dat importeren van lerare(sse)n uit boeddhistisch-Aziatische landen niet de belangrijkste peiler voor stabiele groei kon zijn. De casus dat een paar net uitgenodigde Srilankaanse monniken als allereerste prioriteit les gaven in de correcte neerbuigingen, verplichte lage zitplaatsen en voedsel-offerandes van leken naar hen toe sprak boekdelen; de nieuwe volgelingen voelden zich van de regen in de drup beland, want ze ontvluchtten het brahmaanse hindoeïsme mede vanwege de plichten tot neerbuigingen voor de übermensch-brahmaanse priesters!
Gandhi – een geweten van de wereld en voor ons eigen leven (deel 2)
In zijn opinies en acties zie je soms tegenstrijdigheden, deels verklaarbaar als voortschrijdend inzicht in de 45 jaar dat hij sociaal-activistisch experimenteerde. Wat wil je ook met een autobiografie getiteld ‘Mijn experimenten met de Waarheid’. Je ziet ook een grenzeloze maar deels naïeve positiviteit, ‘ik gooi nu mijn gedrag om en mijn vrienden gaan dat allemaal ook gelijk doen op straffe van gecanceld worden’. Hij had een strenger-dan-calvinistische obsessieve interpretatie van regels, o.a. qua voeding en celibaat nadat zijn laatste kind geboren was; het lijkt op iets van ‘zondigheid’ maar in het hindoeïsme heb je andere motivaties en disciplines dan in ons domineeslandje. Het klinkt in ieder geval voor een westerling, ook al streeft die naar eenvoud, als een erg moeilijk te volgen en zelfs onaantrekkelijk pad. In onze boeddhistische termen is het een schoolvoorbeeld van zelfkwelling, één der twee extremen waar Gautama na lange ervaring tegen adviseerde waarna hij het middenweg-pad naar Verlichting vond.
De wind nam hem mee
Deze week vieren we Paranirvana dag: het heengaan van het fysieke lichaam van Boeddha. En in veel sanghas is dat ook het moment om stil te staan bij het heengaan, recent of langer geleden, van je eigen geliefden en spirituele vriend(inn)en. In deze reeks praatjes over ‘wegen van beoefening’ wil ik het daarom hebben over loslaten. Niet primair over fysiek loslaten van eigen of andermans levend bestaan, maar over de emoties rondom het vasthouden en loslaten – en de lessen daaruit zijn positief en hoopvol, zeker geen ‘memento mori’ (gedenk dat je zult sterven) doemdenken!
Twee kanten van de zaak zien: tegen polarisatie
Zoeken naar een oplossing waarin aan de gerechtvaardigde wensen van elke groep mensen recht gedaan wordt. Want de Israelische kolonistenbewegingen en andere rechtervleugel-extremisten zijn vrijwel even erg als Hamas – sterker nog deze extremen voorzien elkaar, mogelijk ongewild, van brandstof om het vuurtje verder aan te wakkeren en haat te zaaien. Net zoals in Nederland enerzijds PVV/FvD en anderzijds de Denk/Bij1 Woke-fans in mijn optiek doorgeschoten extremisme en haatzaaien beoefenen
Boeddha’s vervolg over to-be-or-not-to-be: Eternalisme noch Nihilisme
De leer van Boeddha zit vol potentiële misverstanden en dingen die weliswaar dagelijkse taal gebruiken, maar geen dagelijkse logica volgen. De ‘middenweg’ is zo’n terrein vol verwarring. We beschrijven hem deze keer aan de hand van de zienswijzen die incorrect zijn: eternalisme en nihilisme.
Ujukarin – Dharma-draaideuren
Deze week vieren de Mahayana-sanghas Paranirvana-dag, oftewel de dood van Gautama Buddha in zijn toenmalige lichaam; Theravada-sanghas doen dit meestal gezamenlijk met Vesak (geboorte en verlichting) in mei. Dat geeft een mooie gelegenheid om tijd te besteden aan onze inspiratie als volgeling-van-de-dharma, en diens grafische weergave in een toevluchtsboom. Belangrijke levensvragen kunnen zo de revue passeren, zoals ‘wie was of is jouw inspiratiebron?’ en ‘wat hoop je te bereiken qua spirituele kwaliteiten, en wat hoop je door te geven aan je medemensen?’.
Ujukarin – Leefstijl en de-Dharma-doorleven
In Azië is er traditioneel een duidelijke rolverdeling: pijdragers (M/V) doen het ‘echte’ werk voor de Dharma, de gewone familiemensen steunen hen met eten en geld. In het Westen is er ook iets van een taakverdeling: je hebt fulltimers (met of zonder pij) en je hebt de ‘gewone’ studenten met baan-in-de-wereld en vaak familie. Hoe is de verhouding tussen die twee nu, en wat is de ideale situatie? Misschien komt het allemaal terug op een oud Bijbels principe: “Er is voor alle dingen een moment en voor alle dingen onder de hemel is er een tijd”?
De Garlandier van midden-India
Een bijzonder element na de kransen was een Indiase ‘dorpsoudste’ die met een kwastje rondliep en alle deelnemers tika’s (stip op het voorhoofd) schilderde. Keurig in de blauwe dharma-kleur, ‘als bescherming tegen allerlei zwarte magie of verleidingen van je Hindoe-familieleden en buren’. Ik weigerde beleefd, en kreeg ook later bevestiging van mede-leraren en een monnik dat dit het begin kon zijn van een locale corrumpering van het navayana-boeddhisme met bijgeloof en bevestiging-als-groepsidentiteit.
Wil het échte sanghalid opstaan?
Het ideaalbeeld van een gemeenschap van Slimmeriken/Arya’s, ook in het vorige tweeluik benoemd, vind je ook hier terug. Maar nu, heel wat jaren na die eerste schrijfsels en heel wat eelt op de ziel verder, ben ik een stuk genuanceerder geworden over de realiteit. Ook binnen sangha’s in het Westen zie je bij vlagen gedrag als (positieve) groep, met allerlei modevlagen en elkaar (en vooral de leraren) napraten.
De Metta sutta en de weerbarstige praktijk
Neem een ieder die claimt ‘geweldloos’ te zijn niet met een korreltje, maar met zakken vol zout. Gandhi en Ambedkar waren dat beslist niet met hun drinkwater- en zoutmarsen met collectieve blokkades, Martin Luther King was het zeker niet, XR, Greenpeace en de boerenprotesten trekken zichzelf hierin ook consequent een te grote broek aan.
Een dharma driehoek
Boeddha’s leer kent vele dwarsverbanden tussen de concepten. Hoewel je soms de leer in één zin kunt samenvatten, zoals Boeddha’s aansporing vlak voor zijn dood ‘Bewerkstellig je eigen bevrijding, verkerend in achtzaamheid.’ Maar achter elk woord zit dan weer een matroesjka-achtige veelheid van uitleg en diepere waarheden, dus een beetje langere basiscursus bevat minstens 10-20 verschillende concepten.












