Pinksteren neemt een veelbetekenend plekje in op de kalender. Oorspronkelijk is het een christelijk feest, zij het met joodse wortels. Door de eeuwen heen is het verhaal uit het Nieuwe Testament steeds eigentijds gelezen, met uiteenlopende interpretaties. Sinds ruim een eeuw zijn er zelfs kerken die zich Pinksterkerken noemen. En ja, er is recent een seculiere betekenislaag bijgekomen: de uitstapjes, zoals naar de meubelboulevard, al dan niet met verblijf in files. Dit feest heeft, ondanks al die betekenislagen, een eigen boodschap behouden. Het zegt wat idealiter aan alle mensen eigen is: iedereen maakt eigen werelden, maar kan zich toch ook verbonden voelen met de werelden van de ander, ondanks verschillen.
Kenmerkend zinnetje uit het bijbelse oerverhaal over Pinksteren: ‘Ieder hoorde de apostelen in zijn eigen taal spreken’. Je moet wel even weten dat op dat moment er veel joden uit de diaspora naar Jeruzalem waren gereisd, allemaal pelgrims, met een eigen taal. Pinksteren begint dus in een wereld van verschil. Maar dan. De Geest wordt uitgestort en fungeert meteen als vertaalprogramma. Onmogelijk wonder, zegt de moderne mens. OK, het is een verhaal, net als die niet-gebeurde verhalen in tv-series. Uiteindelijk gaat het om de boodschap van het verhaal, iets dat je bij blijft.
De boodschap van het eerste Pinksterfeest is dat uiteenlopende mensen in deze oploop bij elkaar horen, ook al spreken ze verschillende talen. Zonder het wonder zouden ze elkaar niet verstaan, nu ineens wel. Kijk dus voorbij verschillen – taalverschillen, maar overdrachtelijk ook levensbeschouwelijke verschillen. Of etnische. Of politieke. Overbrug de afstand tussen mensen en werelden.
Dat hele Pinksterverhaal brengt dus welbeschouwd een revolutionaire boodschap, al komt die nauwelijks over, ook niet bij gelovigen voor wie het verhaal heilig is. Pinksteren is dan wel het begin van een wereldreligie, maar de bijbehorende kernboodschap is helaas niet toonaangevend geworden. Aangezien de hele wereldsamenleving is georganiseerd rond hardnekkige verschillen, is dat ook wel begrijpelijk, maar juist niet de bedoeling.
Christenen hebben helaas niet echt een goede reputatie opgebouwd als het gaat om werelden van verschil en het te boven komen van onderscheid op de Pinkstermanier. Kruistochten, godsdienstoorlogen, vervolgingen van andersgelovigen, het is allemaal voorgekomen. Slavernij werd goedgepraat met bijbelteksten. Van wereldoorlogen werd gezegd dat God die wilde. Apartheid en andere vormen van discriminatie op huidskleur werden vanaf de kansel gelegitimeerd. In de VS hielpen evangelische christenen Trump in het zadel. In ons land belijden christelijke partijen de naastenliefde en de medemenselijkheid, maar laten de praktijk over aan het onbetrouwbare Frontex en het onvoldoende ondersteunde COA. Het is alsof men eeuwenlang is blijven hangen in een genormaliseerde Babylonische spraakverwarring en nooit aan het taalwonder van Pinksteren is toegekomen.
Het is ook niet zo gemakkelijk. Op catechisatie bij de studentenpredikant leerde ik al dat Pinksteren begon op het joodse Feest van de Wet. Vandaar al die pelgrims. Voor joden ligt die wet vast in de geschriften van wat christenen het Oude Testament noemen. Voor christenen zorgt de uitstorting van de Geest ervoor dat de wet in hun hart wordt geschreven. Dat is meer dan op papier, je maakt het je totaal eigen. En dat is dan inbegrepen die moeizame omgang met verschillen tussen mensen. Ga er maar aan staan met die Geest.
Op een menselijke manier leven met verschillen is ook simpelweg moeilijk zolang het eigene het zwaarst weegt. Het Pinksterfeest nodigt uit om daar op een lichtere manier mee om te gaan. Dan is er zelfs voor de meubelboulevard en de file een plek.


Geef een reactie