De eerste vlammetjes flakkeren in de zorgvuldig opgebouwde houtstapel. Als de vlammen aanzwellen werpen ze minuscule vonkjes, vuurrode puntjes omhoog. De kruidige geur van gras uit de omringende weilanden en van gekneusd blad op het voetpad legt het af tegen de scherpe rooklucht. Het vuur domineert. Hoog in de lucht cirkelen zwaluwen. Van een grote groep grauwe ganzen dooft het alarmgesnater. Op het fietspad verderop klinkt het vrolijke gelach van voorbij stuivende meisjes en jongens. Het zachtroze van de ondergaande zon verstilt het innerlijk gemoed.

