Hoe je vrijkomt van het verlangen naar vastzitten.
‘Ik wil helemaal vrij zijn, Hans.’
‘Dan zit je daarin vast.’
‘Verdraaid.’
‘Wat?’
‘Daar had ik nog niet bij stilgestaan.’
‘En nu je erbij stilstaat?’
‘Wil ik helemaal vrij zijn, ook van het verlangen naar vrijheid.’
‘Dan zit je daarin vast.’
‘Verdraaid.’
‘Wat?’
‘Daar had ik nog niet bij stilgestaan.’
‘En nu je erbij stilstaat?’
‘Wil ik helemaal vrij zijn, ook van het verlangen naar vrijheid, ook van het verlangen naar het verlangen naar vrijheid.’
‘Ja, doei.’
‘Waarom zeg je nu niet, “dan zit je daarin vast”?’
‘Omdat ik daar niet in vastzit.’

