Monnik: Eerst waren bergen bergen en rivieren rivieren, toen waren bergen geen bergen meer en rivieren geen rivieren en nu zijn bergen weer bergen en rivieren weer rivieren.

Meester: Hoe bedenk je het.

Monnik: Ik heb het niet zelf bedacht.

Meester: Als ik het niet dacht.

Monnik: Ik zie het zo. Eerst was het subject het subject en het object het object. Toen was het subject het object en het object het subject. Nu is het subject het subject én het object, en het object is het object én het subject.

Meester: Ik dacht het gisteren nog.

Monnik: Laat ik het dan zo zeggen. Eerst was binnen binnen en buiten buiten. Toen was buiten binnen en binnen buiten. Nu is binnen binnen én buiten, en buiten is buiten én binnen.

Meester: En waar is deze gedachte?

Monnik: Wat dacht u hiervan? Eerst was vorm vorm en leegte leegte. Toen was vorm leegte en leegte vorm. Nu is vorm vorm én leegte, en leegte is leegte én vorm.

Meester: Krijg het aan je hartsoetra.

Monnik: Eerst was alles verschil. Toen was alles eenheid. Nu is eenheid eenheid in verschil, en verschil is verschil in eenheid.

Meester: Je kan me nog meer vertellen.

Monnik: Wat zou u zeggen?

Meester: Eerst waren gedachten werkelijkheden, toen waren werkelijkheden gedachten.

Monnik: En nu?

Meester: In jouw geval of in het mijne?

Monnik: In het mijne.

Meester: Zijn gedachten waarheden.

Monnik: En in uw geval?

Meester: Zijn gedachten gedachten.

Monnik: Eerst waren gedachten werkelijkheden, toen waren werkelijkheden gedachten en nu zijn gedachten gedachten?

Meester: Hoe bedenk je het.

Monnik: En die waarheden dan?

Meester: Je bedenkt het maar.

 

Verder lezen: Waarnemen of waargeven?

 

 

 

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

Categorieën: Hans van Dam Tags: niet-weten, Poort 40 en zen 

Reageren is niet meer mogelijk

Menu