‘Misschien, Ananda, komt bij één van jullie deze gedachte op:
“Het woord van de leraar is heengegaan; wij hebben geen leraar meer”.
Maar dat moet niet zo gezien worden.
De Dhamma en de discipline die door mij onderwezen en uiteengezet zijn,
die zijn na mijn heengaan jullie leraar.’

(Maha-Parinibbana-Sutta DN 16 vers 6.1)

Deze teksten uit de Pali Canon zult u vaker tegenkomen in het Boeddhistisch Dagblad. Vanaf eind deze maand, telkens op de dag van de volle maan, publiceert de Vlaamse boeddhist (Kagyu, Zen en Theravada) anagarika Kassapa (André Baets) op zijn site Buddhavacana (woorden van de Ontwaakte) sutta’s uit de Pali-Canon. Het Boeddhistisch Dagblad plaatst de tekst op de dag van verschijning. Lezers kunnen daar met een mail op reageren en inhoudelijke vragen stellen aan anagarika Kassapa. Alle mails zullen worden beantwoord. Het BD vat de vragen samen in een artikel en anagarika Kassapa zal daar zijn visie op geven.

Het is niet de bedoeling van anagarika Kassapa om sutta’s uit de Pali-Canon van commentaar te voorzien. Het is vooral zijn bedoeling mensen te inspireren; aan te zetten om zelf de oude oorspronkelijke teksten te lezen; om zelf op zoek te gaan, om na te denken en niet klakkeloos over te nemen wat iemand die vlot ter taal is, goed kan schrijven en daardoor een zekere naam en faam heeft, verkondigt. ‘Ik vertrek meestal van zaken die mijn aandacht trekken; van alledaagse, voor iedereen herkenbare situaties en toets deze dan aan de uitspraken en raadgevingen van de Boeddha, opgetekend in de Pali-Canon.’

Wie is anagarika Kassapa?

prof. Rob Janssen

prof. Rob Janssen

De boeddhist:  ‘Begin jaren negentig nam ik toevlucht in de Boeddha, de dhamma en de sangha en was ik dus officieel ‘boeddhist’. Ik studeerde en trainde in de Tibetaanse traditie (Kagyu), de Soto zen traditie (Harada Tangen Roshi) en de Theravada traditie (Sri Lanka). Op zoek naar de meest oorspronkelijke leringen ontmoette ik prof. Rob Janssen, die samen met dr. Jan de Breet vertaler is van (delen van) de Pali-Canon). Prof. Janssen werd mijn mentor en moedigde mij aan om deze oude teksten te bestuderen.

Stilaan groeide de behoefte aan een groter engagement en het was Rob die me attent maakte op de gelofte die zich situeert tussen leek en kloosterling, namelijk het anagarika-schap.
Volgens de Vinaya, de kloosterregels, is elke novice een anagarika, een thuisloze, die al het wereldlijke achter zich heeft gelaten. Maar het is al eeuwen zo dat leken op de uposatha dagen (nieuwe maan, eerste kwartier, volle maan en laatste kwartier), wanneer ze met hun gezin naar de tempels komen om naar de voordrachten van de monniken te luisteren, voor die dag de achtvoudige voorschriften op zich nemen. Zo ontstond een nieuwe interpretatie voor het anagarika-schap. Leken die de acht oefenregels van de monniken, niet enkel voor één dag maar voor langere perioden of voor de rest van hun leven op zich nemen.’

Dit gebeurde concreet in Sri Lanka onder de impuls van David Hewavitharana, die de naam anagarika Dhammapala aannam en een stuwende kracht werd in het herwaarderen van de boeddhistische tradities en waarden in Sri Lanka en India. Hij bleef zijn hele leven leek, scheerde het hoofd niet en werd pas in het jaar van zijn overlijden monnik.
Een ander voorbeeld is lama anagarika Govinda die trouwde met Li Gotami en zelfs een huisje bezat op Sri Lanka. Beiden voorbeelden van mensen die zich ten volle engageerden in het boeddhisme, maar als leek meer vrijheid en wereldse mogelijkheden konden benutten dan de aan strikte regels gebonden monniken. ‘Het is in die geest dat ik de anagarika geloften op mij nam. Rob Janssen koos mijn naam: anagarika Kassapa.’

Wat wil je met je inspanningen bereiken?

André Baets anagiraka Kassapa.

André Baets anagiraka Kassapa.

‘Al enkele jaren probeer ik de oude boeddhistische teksten voor een breder publiek toegankelijk te maken. Toegankelijk maken wil daarom nog niet zeggen vereenvoudigen. We moeten onszelf niet onderschatten. Een doorsnee mens is heus wel in staat om de leer van de Boeddha te begrijpen zonder dat deze gereduceerd moet worden tot enkele korte uitspraken of wijsheden. Veelal wordt hierbij dan het woord ‘laagdrempelig’ gebruikt. Ik ben er van overtuigd dat een mens, met een beetje moeite en aandacht wel degelijk, zonder te struikelen, over een wat hogere drempel kan stappen en dat niet alles moet ‘voorgekauwd’ moet. Trouwens, iets dat wordt voorgekauwd heeft helemaal geen smaak meer. Mijn doel is, zoals Jotika Hermsen het treffend omschrijft: “Niet de Dhamma naar het niveau van de mensen brengen, maar de mensen naar het niveau van de Dhamma.”

Het is dus niet mijn betrachting om Sutta’s uit de Pali-Canon van commentaar te voorzien, dat hebben al velen voor mij gedaan. Het is vooral mijn bedoeling mensen te inspireren; aan te zetten om zelf de oude oorspronkelijke teksten te lezen; om zelf op zoek te gaan, om na te denken en niet klakkeloos over te nemen wat iemand die vlot ter taal is, goed kan schrijven en daardoor een zekere naam en faam heeft, verkondigt. Ik vertrek meestal van zaken die mijn aandacht trekken; van alledaagse, voor iedereen herkenbare situaties en toets deze dan aan de uitspraken en raadgevingen van de Boeddha, opgetekend in de Pali -Canon.’

N’atthi me saranam aññan,

Buddho me saranam varam.

Etana sacca-vajjena

hotu me jayamangalam.

Er is voor mij geen andere toevlucht,

de Boeddha is voor mij de opperste toevlucht.

Door dit woord van waarheid

moge er voor mij overwinning en zegen zijn.

(uit de ‘Tiratana Vandana’, de Eerbetuiging aan de Drie Juwelen)

‘Maar waarom bij de Pali-Canon blijven?, zullen sommigen zich afvragen. ‘’ Er zijn toch veel hedendaagse, goed geschreven en vlot leesbare boeken over de boeddhistische filosofie?’
Dat klopt en deze publicaties hebben zeker hun waarde. Maar een mogelijk gevaar schuilt in het laten primeren van de leesbaarheid en laagdrempeligheid ten koste van inhoudelijke diepgang.
In de Pali-Canon waarschuwt de Boeddha al voor ‘verwatering’ van de Dhamma. Hij waarschuwde voor wat we met een moderne uitdrukking ‘Dhamma-light’ zouden kunnen noemen. ‘

Opamma-Samyutta (het boek der gelijkenissen) Ani Sutta SN 20.7 (1)

boeddhabeelden Sri LankaIn deze sutta voorspelt de Boeddha dat de Leer ten onder zal gaan wanneer dichters in fraaie bewoordingen leerredes zullen gaan schrijven. De monniken zullen denken dat ze die leerredes moeten opnemen en uit het hoofd leren en geen aandacht meer besteden aan de woorden van de Boeddha zelf. Had de Boeddha hier een vooruitziende blik?

Hij verbleef in Savatthi en richtte zich tot de monniken.
“Lang geleden, monniken, hadden de Dasaraha’s een mrdanga
[trom] genaamd de Samenbrenger.
Toen de Samenbrenger versleten raakte, brachten de Dasaraha’s een andere pen aan.
Er kwam een tijd dat de oorspronkelijke klankkast verdwenen was.
Er bleef niets anders over dan een verzameling pennen.
Net zo, monniken, zullen de monniken in de toekomst worden.
Wanneer de leerredes uitgesproken door de Voleindigde, die diep zijn, diep van betekenis, bovenwerelds, die in verband staan met de leegte, gereciteerd worden, dan zullen zij er niet naar luisteren, zij zullen hun oor er niet aan lenen. Zij zullen hun geest er niet op richten om ze te begrijpen. En zij zullen niet denken dat ze die leringen in zich moeten opnemen en uit het hoofd moeten leren.

Maar wanneer er leerredes zijn, door dichters in poëzie gemaakt; met fraaie klinkers en medeklinkers, geschapen door buitenstaanders, uitgesproken en gereciteerd door hun leerlingen,
dan zullen zij ernaar luisteren, zij zullen hun oor eraan lenen.
Zij zullen hun geest erop richten om ze te begrijpen.
En zij zullen denken dat ze die leringen in zich op moeten nemen en uit het hoofd moeten leren.
Aldus, monniken, zullen de leerredes, uitgesproken door de Voleindigde, die diep zijn, diep van betekenis, bovenwerelds, die in verband staan met de leegte, verdwijnen.

Daarom, monniken, moeten jullie zo oefenen:
Wanneer de leerredes uitgesproken door de Voleindigde, die diep zijn, diep van betekenis, bovenwerelds, die in verband staan met de leegte, gereciteerd worden, dan zullen wij ernaar luisteren, wij zullen ons oor eraan lenen. Wij zullen onze geest erop richten om ze te begrijpen.
En wij zullen denken dat we die leringen in ons op moeten nemen en uit het hoofd moeten leren.

Zo, monniken, moet er door jullie geoefend worden.”

Ook de Vietnamese leraar Thich Nath Hahn waarschuwt:

Als we de [latere] mahayana sutras bestuderen, moeten we niet nalaten de fundamentele ‘bron’-teksten [=Pali-Canon] ernaast te leggen om de diepte ervan te ontdekken.
Het zaad van alle belangrijke ideeën uit het mahayana ligt verborgen in deze ‘bron’-suttas.
Als we op de beide reuzenvleugels van de mahayana vogel blijven zitten, vliegen we waarschijnlijk
ver weg en verliezen we alle contact met de oorspronkelijke bron waaruit de vogel oprees.
” (2)

(1)De Breet en Janssen 2011 Samyutta-Nikaya II p. 317-318
(2)‘Adem is bewustzijn’ Thich Nath Hahn 2002 p. 43-44

Uposatha 

volle maanAl van in de tijd van de Boeddha vormen de uposatha de ruggengraat van het boeddhistische jaar. Hierbij wordt de maankalender gevolgd. De vier maanstanden – volle maan, eerste kwartier, laatste kwartier en nieuwe maan, delen de maand op. Bij volle en nieuwe maan wordt er in de kloosters de kloosterleefregels gereciteerd en wordt er extra gemediteerd. De leken, die op die dagen de voorschriften extra proberen te volgen, komen naar de tempels om naar de voordrachten van de monniken te luisteren. Ook de feestdagen zijn gekoppeld aan deze uposatha en dan vooral aan de volle maan dagen.

Volle maan dagen in 2013 zijn: 27 januari, 25 februari, 27 maart, 25 april, 25 mei, 23 juni, 22 juli, 21 augustus, 19 september, 18 oktober, 17 november en 17 december.

 

 

 

Categorieën: Boeddhisme, Dharma en filosofie, Buddhavacana
Tags: , , , , ,

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

7 reacties op ‘De Dhamma en de discipline die door mij onderwezen en uiteengezet zijn, die zijn na mijn heengaan jullie leraar’

  1. Robbie Rosmalen schreef:

    Men moet wellicht niet vergeten dat de Mahayana leraren uit de Tibetaanse traditie ervan overtuigd zijn dat de Boeddha wel degelijk het Hinayana (Theravada en andere sub-stromingen) Mahayana en Vajrayana heeft onderwezen tijdens zijn leven en dat Mahayana en Vajrayana dus niet latere toevoegingen of wijzigingen zijn aan de leer.

    Ik ben zelf wel blij met wat met meer Theravada in het BD !

    vriendelijke groeten

    Robbie

  2. Ujukarin schreef:

    Hmmm… ik wil niet muggeziften laat staan azijnY*(&&*( maar de titel is misleidend. De Boeddha zegt echt ‘De Dhamma en de discipline’ en een redelijk Nederlandse vertaling daarvan vind ik ‘De leer en de leefregels’. De huidige titel is met andere woorden een pure tautologie ;-)

    Wijsheid gewenst,

  3. Rob Janssen schreef:

    Ujukarin heeft gelijk wat betreft de titel. Maar die berust op een vergissing van de redactie vermoedelijk. Het citaat uit DN is immers correct.
    De vertaling van vinaya met ‘leefregels’ is te slap. Het gaat om strenge regels voor monniken en nonnen en om de straffen die opgelegd worden bij allerhande vergrijpen. Het is dus meer een wetboek van strafrecht. Daarom is de vertaling met ‘discipline’ gekozen. In de Engelstalige literatuur wordt dezelfde term, ‘monastic discipline’ of ‘code of ethics’ gebruikt.

  4. Joop Hoek schreef:

    De kop van het artikel is aangepast: leer=discipline geworden. Onze verontschuldigingen voor deze verkeerde weergave.

  5. Ujukarin schreef:

    Okay, dank allebei! Eens met Rob dat Vinaya, wat in de soetra staat, discipline betekent zeker voor het gehoor van het moment namelijk de monastieken. Je vindt vinaya echter ook wel terug in de soetra’s in de zin dat het ‘de regels’ ook voor leken zijn. Technisch heet dat dan de diverse vormen van sila waarvan de Vijf (panca-sila) de bekendste zijn. Vandaar dat ik me deze liberalere vertaling veroorloofde, dát is m.i. namelijk de breder bruikbare erfenis van de boeddha (of je het nu als deel van de Dharma ziet of iets aparts) inplaats van de vinaya die m.i. in de moderne tijd weinig waarde meer heeft…

    Wijsheid gewenst,

  6. Michael Hoek schreef:

    De vinaya heeft wel degelijk waarde.

  7. Ujukarin schreef:

    Ik begrijp je mening, maar volsta er hier mee dat het feit dat de vinaya volgens mij (en de sangha waarbij ik hoor) weinig waarde heeft verklaart waarom ik die vrije vertaling koos.
    Details van het ‘waarom’ worden een vrij lange discussie die afwijkt van het oorspronkelijke onderwerp. Misschien binnenkort separaat gelegenheid voor zo’n discussie, ik heb de redactie beloofd wat sangha-reisverhaalzaken over India aan te leveren en zo’n verhaal raakt redelijk de kern van de Triratna-visie dus dan kun je daar evt. over discussieren…

    Wijsheid gewenst,

Menu