Onmacht typeert iedereen die bewust deze fase van de wereldgeschiedenis meemaakt. Is er een handvat waardoor je toch een beetje grip krijgt op wat iedere dag aan verontrustend nieuws langs komt? Wat hebben autocratie, chaos, crises en oorlogen gemeenschappelijk? Schuilt daarin misschien een aanknopingspunt? Ik doe een poging.
Eerst maar benoemen wat er zoal speelt.
- Autocratische leiders zitten elkaar als spraakmakers in de weg.
- Zij spelen landjepik en veroorzaken echte en handelsoorlogen.
- De klimaatcrisis neemt steeds dreigender vormen aan.
- De welvaart wordt al tijden ongelijk verdeeld.
- De huidige geopolitiek vergroot migratiestromen en probeert die tegelijk af te dammen.
- De kapitalistische economie faalt.
- Kunstmatige intelligentie gaat een eigen, onbeheerst leven leiden.
Helaas is deze lijst onvolledig, maar zo ontstaat wel een beeld.
Op een rijtje gezet lijkt wat allemaal speelt veel te divers om er een grootste gemene deler in te ontwaren. Politici bevorderen de Babylonische spraakverwarring. De Verenigde Naties zijn steeds meer een machteloze organisatie. Trump start een concurrerende club.
Het gemeenschappelijke zou kunnen zijn dat alle mensen, zowel leiders als geleiden, op een of andere manier deel uitmaken van de chaos. Plus dat leiders niet in staat zijn die chaos onder controle te krijgen. Zie Trumps grootspraak dat hij al acht oorlogen tot een einde heeft gebracht – die allemaal dooretteren.
Falende mensen vormen dus kennelijk de grootste gemene deler van alle ellende die ons overkomt. Menselijke betekenisgeving kan veel, maar heeft zo haar beperkingen. De mens is een tovenaarsleerling die kunstjes denkt te kunnen uitvoeren, maar er een puinhoop van maakt. Een meester die de aangerichte schade weg kan toveren, ontbreekt.
Welk kunstje beheerst de tovenaarsleerling mens niet? Hij is enerzijds in staat om aan van alles betekenis toe te kennen. Op die manier beheerst hij de werkelijkheid – denkt hij. Maar anderzijds gaat er altijd iets mis en zijn er onvoorziene consequenties, met nogal eens desastreuze gevolgen.
Kijk maar mee hoe krakkemikkig de betekenisgeving verloopt. Het rijtje van hierboven in de herhaling.
- De autocratische leiders leggen hun eigen betekenisgeving op. Als autocraten vertonen ze weliswaar overeenkomsten, maar elk van hen heeft een eigen plan met de wereld. Dat botst.
- Omdat deze leiders onvoldoende betekenisgeving in huis hebben om oorlogen te voorkomen, grijpen ze gemakkelijk naar geweld om conflicten te beslechten. Dat duurt jaren, met groot verlies van mensenlevens en met giga kosten.
- Het eigenbelang dat ingebouwd zit in het kapitalistische systeem zorgt ervoor dat de klimaatcrisis, die het zelf veroorzaakt, genegeerd wordt, ook al is die overduidelijk gaande.
- Ondanks alle mogelijkheden tot economische betekenisgeving zijn politieke leiders niet in staat om de verkregen welvaart eerlijk te verdelen over arbeid en vermogen, en tussen regio’
- In de beeldvorming rond migratie domineert het populistisch betoog. Dat negeert feiten en het ontmenselijkt mensen. Het focust op gevolgen en niet op oorzaken van de migratiestromen.
- Vanuit het idee dat de markt zelfregulerend is, dachten Reagan en Thatcher het kapitalisme te redden met het neo-liberalisme. Veertig jaar later moet erkend worden dat het zo niet werkt.
- Kunstmatige intelligentie wordt als nieuwe remedie ingezet voor het falend kapitalisme. De ingebouwde bankencrisis, de klimaatschade, en de onbeheersbaarheid van deze techniek kondigen de volgende mislukking van deze betekenistoekenning aan. A-I kaapt onze zingeving.
Als de falende zingever de grootste gemene deler is van alles dat ons overkomt, zou daar het handvat moeten zitten om nog enigszins grip te krijgen op de chaos. Wetenschappers en kwaliteitsmedia moeten alle betekenisgeving onderzoeken op breukpunten. Waar precies gaat het mis? Is er een betere interpretatie mogelijk? En vooral: welke waarden zijn het effectiefst in het voorkomen van mislukkingen?
Wie medemenselijkheid en mededogen bevordert, redt de mensheid.

