Ik schreef er al vaker over in mijn columns: ik woon in een dierrijke omgeving. Veel soorten vogels die mij ook op mijn balkon opzoeken. Speciale lampen in de lantaarnpalen hier beneden die blauw licht schijnen om het leven van de vleermuizen te vergemakkelijken.
Een paar jaar geleden waggelde een troep ganzen door de wijk, stak straten over, het verkeer stopte, er is geen gans doodgereden. De wijk was blij en gelukkig, de ganzen ook. Tot op een dag door gemeentelijke arbeiders de troep, een stuk of twaalf ganzen werd gevangen en afgevoerd. Omdat berijders van rolstoelen en dergelijk ongemak hadden geklaagd over ganzenpoep aan de rolstoelwielen of scootmobiels. Terwijl ze zelf een beroep op de WMO moesten doen om hun eigen billen af te komen vegen. De ganzen gingen zogenaamd naar een ganzenopvangcentrum maar ik vrees dat hun gegak snel verstomde.
Ik zag vaak in het gras hier beneden hoe een haas in z’n leger lag. Er liepen er vier door de grazige weiden in de omgeving. Nu nog maar drie, eentje lag vorig jaar harstikke doodgereden op de parking hier. Hij was het haasje.
Voor gans en haas zou het beter zijn als hier geen mensen woonden.


Geef een reactie