Door omstandigheden leef ik momenteel in een buitenland. Een buitenland bestaat omdat er grenzen zijn gemaakt door mensen. Ik ben buiten mijn land waarvan nog geen vierkante meter grond mijn eigendom is. De weerkundigen op de Nederlandse tv zeggen: en dan nu het weer in eigen land.
Grenzen scheppen afstand. Vaak eigendunk. Eigen is beter dan de ander. Dat merken migranten ook.
De mensen in het buitenland spreken een andere taal, hebben andere gewoontes. De vogels hebben daar geen last van. Duiven koeren ouderwets, merels zorgen voor hun jongen. Mezen eten pinda’s en roodborstjes hebben een rode borst. Soms hebben de vogels in het buitenland een andere naam.
Vogels hebben geen last van Schengen grenzen. Ze vliegen heen en weer zonder periodieke grenscontroles. Ze kennen geen buitenland.


Geef een reactie