Een column over de staat van de emancipatie, oer feministe Joke Smit en mijn eigen wisselende prestaties als huisman.
Ben ik wel geëmancipeerd genoeg? Niet echt. Tijdens de laatste jaren van mijn mislukte huwelijk mocht mijn ex-vrouw voor zo´n beetje alles opdraaien: meer dan fulltime werken, het huishouden draaiende houden en de emotionele schade voor onze zoon zoveel mogelijk beperkt houden.
Want deze toenmalige echtgenoot zat de hele dag te drinken of drugs te gebruiken, of anders stelde hij de gang naar tamelijk noodzakelijke hulpverlening zo lang mogelijk uit. Niet uit alleen uit schijterigheid, maar ook omdat hij zichzelf een paar jaar lang had wijsgemaakt dat hij zijn sores wel even zelf kon klaren.
Die minder prettige herinneringen kwamen tamelijk meedogenloos bovendrijven toen ik in de krant las dat het met de emancipatie in Nederland nog altijd niet best gesteld is. Niet heel veel beter in ieder geval dan in 1967, toen Joke Smit met haar legendarische essay Het onbehagen bij de vrouw de Tweede Feministische Golf ontketende.
Met reden. Als vrouwen trouwden werden ze doorgaans geacht hun baan op te zeggen. En als de kinderen kwamen, werden het aanrecht en de stofzuiger het belangrijkste maatschappelijke referentiekader. Want de man regelde de centen en sneed op zondag het vlees aan, als hij tenminste in de stemming was.
In 1967, ik was toen 2, was mijn moeder niet alleen bijna fulltime boerin; ze draaide verder zo´n beetje alleen voor het huishouden op en verzorgde voorts 4 opgroeiende kinderen benevens een inwonende opa en oma. Ik bedoel: tot hun dood.
Was ze dus zo´n traditionele broedkip die geen eigen mening had en braaf deed wat vader wou? Niet echt. Ze was, zeg tussen 1967 en 2022, lid van een zangkoor, ging naar de Weight Watchers, stond op de lijst voor een plaatselijke politieke partij en ging na mijn geboorte zomaar aan de pil omdat ze 4 kids wel genoeg vond.
En misschien ook wel omdat ze zelf uit een nest van 12 kwam, en toen mogelijkerwijs een paar conclusies trok over de hardcore seksistische gezinsmoraal die het rijke roomse plattelandsleven in de aanbieding had.
Toch vond ze het niet nodig mij als jongste te leren koken, poetsen en de was te doen, terwijl mijn zussen dienaangaande terdege werden voorbereid op een eigen leven na de boerderij.
Pas in mijn studententijd, en dankzij recepten uit vooral de Libelle en de Margriet, leerde ik koken en trouwens ook mijn kamer schoon houden.
Tot die tijd, op de boerderij in Buggenum, maakte ik er een sport van om mijn gedraaide elpees bijna principieel nooit in de hoezen op te bergen en over de vloer te laten slingeren, naast een zooi boeken, met opzet wachtend tot mijn moeder, de bozige wanhoop nabij, maar zelf het vinyl aan het opruimen sloeg, waarbij ze er al dan niet met opzet, maar vermoedelijk uit tijdgebrek, een gewoonte maakte om al mijn platen in de verkeerde hoezen op te bergen.
Die principiële slordigheid mijnerzijds was trouwens ook een stil protest omdat ik het helemaal niks vond dat mijn zussen kennelijk wel belangrijk genoeg werden geacht om te worden ingewijd in de geheimen van het huishouden, terwijl ik alleen maar goed genoeg was om periodiek de varkensstallen uit te mesten of de oogst van het land te halen.
Tot mijn 33ste, toen ik principieel weigerde samen te wonen, leerde ik pas echt mijn eigen huishouden draaiende te houden. Drijvend op Driehoek Groene Zeep en een onverwoestbare Zanker bovenlader met een twee aparte trommels voor wassen en centrifugeren. Strijken ~ principieel alleen de overhemden voor nette werkafspraken buiten de deur ~ deed ik met een solide stoomstrijkijzer met stoffen bekleding om de stroomkabel en tuinieren loste ik op door het niet te doen tot en er een 10 meter diep en 70 centimeter hoog onkruidensemble te zien was. Pas na lijdende blikken van een zich onbespied wanende buurvrouw besloot ik een hovenier te bellen, maar alleen om herrie te voorkomen.
Inmiddels ben ik 57 en doe ik behalve poetsen alles zelf. Ik maakte vorderingen, maar ik ben blij dat bijvoorbeeld Joke Smit Smit niet meer leeft om te informeren hoe geëmancipeerd ik me nou precies gedragen heb in het bijzijn van de vrouwen die ik in mijn leven gekend heb.


Geef een reactie