Tja, ik moet even over een drempel heen stappen, want ik ben niet zo goed in het geven van complimentjes aan mezelf, maar ik vind gewoon dat het maar eens een keer gezegd moet worden. Ik bedoel, er zijn zo veel mannen die ermee te koop lopen, zeker hier in Thailand, dus waarom zou ik net doen alsof ik op dat gebied niet mee tel? Dus vooruit dan maar, daar gaat ie: ik, ehhhhh, ik doe het met mijn 64 jaar nog erg goed bij de jonge chicks.

“Jaja,” denken jullie nu natuurlijk, “dat roepen al die ouwe lullen in Thailand, maar kan je dat ook hard maken?” Laat dat nou precies de reden zijn om er over te beginnen. Want zonder dat ik ook maar iets van haantjesgedrag vertoon komen de chicks uit alle richtingen aangestoven, zodra ik me ook maar vertoon. We hebben zelfs hekken rondom het terras gezet, omdat ze anders op mijn schoot gaan zitten en me beletten mijn koffie te drinken. Nou is dat nog tamelijk onschuldig, vergeleken bij wat er gebeurt als ik er in de tuin een tegenkom. Spontaan gaat ze liggen in een wulpse afwachtende houding, midden op het pad zodat ik er niet langs kan. Ze staat niet op voordat ik haar stevig in de nek heb vastgepakt en de rest van haar lijf heb afgewerkt. Dan staat ze geheel bevredigd op, schudt zich uit en loopt verder alsof er niets gebeurd is.

Het moge duidelijk zijn; wisten we vorige week nog niet of we 1, 2 of 3 hennetjes hadden, inmiddels gaan we er vanuit dat het er 3 zijn en dat de dames het ontbreken van een haan menen te moeten compenseren door Mieke en mij te dwingen tot haantjesgedrag. Binnen zekere grenzen willen we daar wel aan toegeven, (enige beloning voor de 2 eitjes per dag is wel gepast), maar dat er ooit kippen hier rondscharrelen met La Poutré-trekjes ligt niet in de lijn der verwachting. We twijfelen nog over het aanschaffen van een haan. Niet dat we het gekraai niet kunnen hebben, maar een al te grote kippenpopulatie willen we nou ook weer niet.

Wie er geen bezwaar tegen zou hebben als we kuikentjes rond hebben lopen is de Pytas Korros, de Indochinese Rattenslang. Deze gladde jongen van zo’n 2 meter lang lust wel een vers kuikentje. Hoewel dat bij ons dus nog niet te halen valt, vertoont hij zich zo af en toe wel. Toen we hier net woonden lag hij op een schapje in de badkamer te zonnen toen ik er binnenkwam. Hij schrok net zo veel van mij als ik van hem en maakte zich snel uit de … ehhh … schubben. Gisteren was hij er weer, maar door een niet zo snuggere actie was hij verstrikt geraakt in een netje waar schelpen in gezeten hadden. Hij kon niet meer voor- of achteruit.

Natuurlijk wilden we hem wel bevrijden, maar dan moesten we toch eerst 100% zeker weten dat het inderdaad een ratsnake was. Die is namelijk wel groot, maar ongevaarlijk. Gelukkig zijn er internetgroepen die bijna per omgaande antwoord geven en kregen we de bevestiging al snel, evenals de tip om zijn kop in een buis te stoppen, zodat je veilig het net van zijn achterlijf kan knippen. Dat was echter makkelijker gezegd dan gedaan. Uiteindelijk lukte het mij om hem met een kleedje net achter zijn kop in bedwang te houden, terwijl zuster Mieke uiterst voorzichtig alle draadjes doorknipte. Toen ik hem weer losliet glibberde hij zonder te bedanken het terras over en de struiken in.

‘s Avonds realiseerde ik me dat de slang die we zo heldhaftig en liefdevol gered hadden mogelijk de reden is waarom er van de 10 waterschildpadjes nog maar eentje over is. Van de overige 9 hebben we er één dood gevonden maar de andere 8 zijn simpelweg verdwenen. Nouja, die slang dood laten gaan in dat netje, daarvoor zijn we zelf dan weer te netjes. Nu maar hopen dat hij toch een vorm van dankbaarheid ervaart en het laatste schildpadje met rust laat. We zijn in ieder geval blij dat het geen cobra was, zoals laatst onder ons bed zat; het redden daarvan zou echt levensgevaarlijk zijn.

(Voordat we begonnen aan de operatie hebben we nog wel even een camera geïnstalleerd. Hieronder kun je het filmpje bekijken. Mocht je het filmpje hier niet zien, bekijk het dan op youtube: https://youtu.be/laRqKMHEdXc)

Over levensgevaarlijk gesproken: zondag waren we bij vrienden op bezoek en daar zat een krokodil aan de rand van het zwembad. Ik dacht eerst dat het een ongevaarlijke zou zijn, want hij zat er de hele tijd maar stilletjes bij. Toen ik wat beter ging kijken trok ik toch wel even bleekjes weg. Deze krokodillensoort bleek tot de allergevaarlijkste ter wereld te behoren. En met name westerse ouders blijken hun kinderen regelmatig aan dat gevaar bloot te stellen.

 

Categorieën: Columns
Tags: , , , , ,

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

Reageren is niet meer mogelijk

Menu