In dit feuilleton, waarin elementaire, unieke aspecten van de werkelijkheid besproken worden zijn we nu aangeland bij de materie die betrokken is bij de tastzin. De tast wordt in de opsommingen van de Boeddha altijd als vijfde genoemd.
In het commentaar van Buddhghosa zegt hij dat de tastzin over het hele lichaam verspreid is, net zoals olie over of door een pluk katoen verspreid is.
‘Like oil diffused over cotton-rag, it (the body sense) stands duly fulfilling
the nature of the basis and door of bodily cognition etc[1].
De tastzin bemerkt drie van de vier grote elementen. Namelijk: hard/zacht, het aarde element, warm/koud, het vuurelement en beweging/druk/steun, het windelement. Opvallende afwezige is het waterelement. Het waterelement staat voor de cohesie en attractiekrachten. Het verschil in cohesie tussen hout en vloeibaar water zal iedereen duidelijk zijn. We kunnen dat vaststellen wanneer we met onze hand op het water oppervlak laten rusten of op een houten tafel blad. De hand zal door het water heen vallen maar niet door het blad. Uit de combinatie van druk en beweging indrukken, die we voelen, kan iemand afleiden wat het verschil in cohesie is tussen het tafelblad en wateroppervlak is. De cohesiekracht an sich wordt echter niet gevoeld.
Ook de cohesieve zwaartekracht (water element dus), die ons op het aardoppervlak, houdt is niet voelbaar. We voelen wel de normaal-kracht, de reactie kracht, de tegen druk van stoel en bodem onder onze voeten en billen. Wanneer die tegen druk zeer subtiel is voel je je gewichtloos. Dit is te ervaren wanneer je goed uitgetrimt bent tijdens het duiken, maar ook wel in (zwem-) bad.
In het lichaam is de tastzin verdeeld over de huid maar ook in de receptoren van de pezen en gewrichten in sommige delen van het lichaam zitten geen tastsensoren zoals in het b-merg en in de hersenen. Met de sensoren in de pezen kunnen we de beweging en ook de stand van de ledematen ervaren.
In de leer van de Boeddha wordt het evenwichtsorgaan niet specifiek genoemd. In mijn beleving valt het op een bepaalde manier ook onder de tastzin.
In de Europese filosofie zijn we met de vijf zintuigen wel klaar. De vijf zintuigen, zicht, gehoor, reuk, smaak en tast zijn die zintuigen die zelf stoffelijk zijn en contact maken met stoffelijkheid (rūpa). In het boeddhisme wordt de geest als het zesde zintuig aangemerkt. Het object van het geest zintuig zijn de bewustwordingen (nāma) die bij de vijf zintuigen optreden. 15 dagen en ook aan het zesde zintuig zelf
De subtiele stoffelijkheid die bij mens en dier onderliggend is aan dit zesde zintuig is het volgende week het onderwerp. Daarna komen de specifieke aspecten van de verschillende zintuig objecten aan bod. Zoals zichtbare vorm, geluid en geur. Alle elementaire uitdrukkingen van stoffelijkheid.
[1] The Expositor (Atthasālini), Pāli Text Society, Oxford, First Published 1920 in Reprint 1999


Geef een reactie