Het is in Nederland sinds de Napoleontische tijd tot vrij recent gebruikelijk geweest dat de man zijn achternaam gaf aan het gezin waarvan hij het hoofd was. Lees deze zin nog maar eens. Uit de zin kun je afleiden dat vóór de Napoleontische tijd (dus voor begin 19de eeuw) niet iedereen automatisch de naam van hun vader (de man) kregen. Dat kon natuurlijk wel, maar het was mogelijk dat men gedurende het leven van naam veranderde. Heette Piet eerst Mulder (omdat zijn pa een molenaar was), later heette Piet ineens ‘van de Brug’, omdat hij vlakbij de enigste brug van een dorp woonde en iedereen Piet kende als die vent ‘van de Brug’.

