Vandaag de dag lenen ook de vier edele waarheden zich voor een hippe remix. Door karma, lot en toeval kwam ik bij het Alwetende Wikipedia op de pagina over geluk terecht. Daar staat dat sommige boeddhistische leraren de vier edele waarheden hebben geherformuleerd zodat de leer meer aanspreekt voor westerlingen. De nadruk ligt niet meer op lijden en de oorzaak en oplossing ervan. Met de gepimpte positieve formulering zou de leer sneller en beter te begrijpen en praktiseren zijn. En voor de oudere luisteraars die achterlopen op mijn turbotaal; gepimpt is een modern woord voor opgedirkt.
De eerste veredelde waarheid luidt: er is geluk. De tweede: men ervaart geluk als men het edele achtvoudige pad bewandelt. Nummer drie is ook een waarheid als een koe: soms is er geen geluk. Tot slot stelt waarheid vier: de oorzaak van het afwezig zijn van geluk is verlangen en begeerte.
Deze trendy aanpassing boeit me om verschillende redenen. Volgens wikipedia is de herformulering in zwang bij westerse leraren. Aan het wijzigen van de klassieke terminologie lijkt een populaire opvatting vast te zitten. Namelijk dat er verschil is tussen westerlingen en oosterlingen, iets dat ook Tibetaanse leraren creatief maakt in hun onderricht. Sterker nog, ik hoor regelmatig in boeddhistische kringen dat de kracht van het boeddhisme juist is dat het zich aanpast aan nieuwe geografische en culturele omgevingen. De overdracht van leraar op leerling maakt het een levende, zich evoluerende traditie.
Op zich sta ik vrij neutraal tegenover nieuwe interpretaties van oude leringen. Al is het maar vanwege de wettelijk vastgelegde vrijheid van meningsuiting. Ik vraag me wel af of de vernieuwde waarheden op veel steun hadden kunnen rekenen bij de eerste drie boeddhistische raadsvergaderingen voor onze jaartelling. In die tijd werd er veel meer waarde gehecht aan de letterlijke uitspraken van de boeddha, in plaats van aan interpretaties en commentaren. Dan rijst de vraag: zijn de Pali-canon en andere klassieke geschriften soms te ingewikkeld en uitgebreid voor de vluchtige westerling, of is er iets anders aan de hand?
Verder valt op dat de uitgangspositie in de gemoderniseerde waarheden niet langer lijden, maar geluk is. Dit lijkt voor de meeste westerlingen inderdaad aardig overeen te komen met de dagelijkse realiteit. Als je met volle maag en een dak boven je hoofd op een comfortabele bank zit, heb je in principe weinig reden om te klagen. Een gezond mens zou eigenlijk gelukkig moeten zijn. Het lijden is meer mentaal dan fysiek, hoewel het onderliggende verlangen in het westen vaak toch gericht is op materiële zaken.
In beide versies van de vier waarheden biedt het edele achtvoudige pad uitkomst. En hoe mooi en diep die lering ook is, anno 2012 hoor ik een heleboel oorzaken voor geestelijk lijden waarvoor de oplossingen niet expliciet in het pad zijn terug te vinden. Ik noem een gebrek aan zonlicht en frisse lucht, ongezonde en eenzijdige voeding, onvoldoende lichaamsbeweging en de hele bijkomende rits aan welvaartsziekten. Met moderne inzichten in neurale en hormonale processen is de grens tussen fysiek en geestelijk lijden daarbij flinterdun of niet te duiden. Daarom zou wat mij betreft – meer nog dan de vier edele waarheden – het edele achtvoudige pad een update kunnen gebruiken.
© Copyright (kuch kuch) Boeddhistische Omroep Stichting / Ferry van Haastert



Renate zegt
Beste Ferry, jouw korte verhalen zijn geweldig om te lezen. Bedankt voor de moeite om jouw gedachtes te delen. Ik beleef de wijsheden van Boeddha als een raamwerk, waarin ik mij met mijn eigen leven omhuld en als wegbewandelaar gekoesterd en “begrepen” voel.
Fijne, volle week gewenst.
Jacob van Keulen zegt
Copyright(kuch kuch) ??
Siebe zegt
Leuke stukjes met prikkelende gedachten.
Ik denk dat wij het goed hebben maar toch niet vredig of heel voelen. Om dan ook nog die laatste onvrede weg te nemen, nemen we toevlucht tot de Boeddha, Dhamma en Sangha. Maar ik geloof dat de Boeddha niet echt leerde dat er op zichzelf iets mis is met onvrede of ontevredenheid. Bijvoorbeeld als je op een manier leeft die indruist tegen het geweten en/of je bestemming, het edele in jezelf. Onvrede is denk ik meestal helemaal niet verkeerd. En in plaats van het innerlijk allemaal te willen oplossen, vraagt het waarschijnlijk om hele andere acties.
De Dharma wordt volgens mij iets heel raars als je alle onvrede in jezelf ziet als een probleem. Boeddha had toch ook geen vrede met een leven alleen maar gericht op zintuiglijke bevrediging? Boeddha had ook geen vrede met uiterst verstilde staten kunnen binnengaan. Hij had ook geen vrede met mentale vaardigheden. Onvrede is op zich niet verkeerd.
De begeerte die de sutta’s leren als oorzaak van lijden heeft hier niks mee te maken ook. Want dat gaat juist om datgene waarin je je verheugt en ziet als het einde van je lijden: genot straks, verder bestaan in een heme straks en je vastklampen aan de dood als het definitieve einde van je lijden.
Het idee dat elke onvrede of ontevreden komt door verlangens is volgens mij verkeerd. Het gaat hier in de Dhamma om hele specifieke verlangens als oorzaak van lijden. Onvrede of ontevredenheid is vaak genoeg terecht en iets moois. De stem en toon van het edele. Het zet je aan om verder te gaan en dingen te veranderen, bijvoorbeeld je manier van leven.
Maar ik meen te zien dat mensen onvrede zien als iets verkeerds dat innerlijk opgelost moet worden. Dit leidt tot een heel complex leven omdat je eigenlijk het edele in jezelf gaat zien als probleem.