Een bruidsschat heeft te maken met reciprociteit. Allemachtig wat een moeilijk woord weer. Moet dat nou? Ja… want net als ander takken van wetenschap schuwt de Antropologie moeilijke woorden niet. Dat heeft vooral te maken met betekenissen. Reciprociteit is een woord voor het principe van geven en ontvangen binnen sociale interacties. In gewoon Nederlands: wederkerigheid. In de praktijk: ‘voor wat hoort wat’. En dan als ongeschreven verplichting. Ik doe iets voor jou, dus is het normaal dat jij iets terugdoet voor mij. Ik geef jou iets, dus is het normaal dat jij iets teruggeeft. Dat hoort zo.
nageslacht
Over Antropologie 15: Mono- en Polygamie
In Nederland is uitsluitend het monogame huwelijk juridisch toegestaan. En in relaties vindt men monogamie eveneens het meest wenselijk. Ik ‘doe het’ met jou en jij ‘doet het’ met mij. Punt uit. Officieel dan … want over wat er stiekem gebeurt, smoezen we wel met deze of gene, maar praten we liever niet met de eigen partner. Hoe wenselijk of onwenselijk dat is, is voor deze serie artikelen geen onderwerp.
Over Antropologie 14: Huwen en paren
Veel mensen vinden het niet passend om mensen met dieren te vergelijken wanneer het om nageslacht gaat. Maar het is algemeen bekend dat echte rashonden qua gezondheid kwetsbaarder zijn dan vubara’s (vuilnisbakkenrassen). En in dierentuinen wereldwijd houdt men zorgvuldig bij welk dier welke nakomelingen voort heeft gebracht, zodat inteelt kan worden voorkomen. De ‘genenpoel’ moet zo divers mogelijk zijn om sterke, gezonde dieren te fokken. Waarom zou dat bij mensen anders zijn?

