Ik zag een oudere buurman (ik heb inmiddels dezelfde leeftijd) op straat stilstaan, terwijl hij zoekend om zich heen keek. Hij wist achteraf niet meer waarom hij naar buiten was gegaan. Maar hij wist ook de weg naar zijn huis niet meer. Hij had een dun overhemdje aan, waar de koude regen (het was november), overheen stroomde. Ik bracht ik hem snel naar waar hij wezen moest. Hij keek zoekend om zich heen, en mompelde: ‘Ah… ja, hier woonde ik.’ Ik begeleidde hem naar binnen en zette thee, die hij dankbaar naar binnen slurpte. ‘Weet je wat het is,’ zei hij en nam nog een slokje.’ Oud worden is niet zo erg. Maar oud zijn…’

