Een zwervende kat
zit in de wintertuin en
doet daar een plasje.
Masaoka Shiki (1867-1902)
Over Masaoka Shiki heb ik al vaker geschreven. Hoe hij de haiku en de tanka hervormde. En dat hij daarvoor het toonaangevende haiku-tijdschrift Hototogisu (bergkoekoek) oprichtte. Shiki voerde belangrijke vernieuwingen in, waarmee hij de haiku uit het slop trok.
De eerste verandering was dat haiku’s literatuur werden, gelijkwaardig aan de roman. Met die stelling inspireerde hij jonge dichters. Haiku’s schrijven werd eind negentiende, begin twintigste eeuw weer hip.
Vervolgens moesten haiku’s realistisch geschreven zijn. Dat is ook te zien in deze haiku over de zwervende kat. Het oude standpunt dat de haiku een observatie beschrijft zonder emotie, is duidelijk nog van toepassing. Tegelijkertijd is de beschrijving heel modern. Geen beeldspraak, geen verwijzingen naar het culturele en spirituele verleden. Duidelijkheid. What you see is what you get.
En tenslotte moest de dichter durven vernieuwen. Dat is hier ook gebeurd. Shiki heeft zijn belangrijkste vernieuwingen toegepast in deze haiku.
Dankzij deze vernieuwingen werd de haiku weer bijzonder populair. Tegenwoordig heeft bijna elke Japanse krant een haiku-rubriek. En wordt er massaal gereageerd op haiku-schrijfwedstrijden.
Maar het allerbelangrijkste is toch, dankzij die populariteit, dat er weer veel prachtige haiku’s worden geschreven. Toegankelijk en gemakkelijk leesbaar. Zoals deze haiku, vertaald door J. van Tooren.
Je ziet het voor je. Een thuisloze, dus kattenbakloze kat sluipt de wintertuin in en doet daar gewoon een plasje. Vol zelfvertrouwen.
Het is geen grote plas, maar een klein plasje. En dat maakt dit in mijn ogen dan ook een lieve haiku.


Geef een reactie